dinsdag, april 04, 2017

Pechdag

  1. Gevallen met de fiets

    Als ik het paadje van de universiteit naar het fietspad langs de Burgemeester Oudlaan afrijdt komt mijn voorwiel in aanraking met de trottoirband rechts van mij. Ik wankel even, doe een poging bij te sturen maar smak desondanks tegen het asfalt. Mijn hoofd slaat met de rechterwang tegen het trottoir, mijn linkerhand slaat tegen het asfalt. Als ik opkrabbel en wijdbeens op het trottoir zit zie ik grote schrammen op de muis van mijn duim. Een man komt aangelopen vanuit een bestelbusje. Hij vraagt me of het goed met me gaat. Ik sta op. Ja, ik heb niks ernstigs, zeg ik. Hij wijst op het bloed aan mijn kin en raadt me aan op mijn hoofd te letten. Hij wijst daarbij met zijn hand naar zijn eigen voorhoofd. Dat zal ik doen, zeg ik, ik ga eerst een stukje lopen. Ik loop langzaam naar de stoplichten van de kruising met de Abraham van Rijckevorselweg. Mijn linkerhand doet nog het meeste pijn en mijn vingers zijn stram. Ik beweeg ze heen en weer om het leven er in te houden.
  2. Gevallen kroon

    Thuis maak ik een tosti en terwijl de twee op elkaar geplakte boterhammen met ham en kaas in de koekenpan liggen te bakken, eet ik een korstje van de kaas. Plotseling voel ik een steentje in mijn mond. Denk ik. Ik probeer de steen te vinden in de kaas die ik uitspuug op mijn hand maar zie niets. Even later voel ik met mijn tong iets scherps aan mijn linkerkies boven. Er is een stuk van mijn kroon afgebroken. Ik zoek op het bord en zie dat er inderdaad een stukje porselein ligt. Een beetje geel, met een donker randje. Een afgebroken stukje van de kroon.
  3. Derailleur gebroken

    Ik bel de tandarts en maak een afspraak voor de volgende ochtend. De nacht zal ik wel doorkomen. Na dit geval van the postman always rings twice heb ik niet zo'n zin meer om naar de stad en naar de bloedbank te fietsen. Ik heb al genoeg bloed gezien en verloren. Ik besluit naar de Lusthofstraat te fietsen om daar brood te gaan kopen. Ik fiets het achterpad uit, sla linksaf om het holletje omhoog te fietsen naar de Drinkwaterweg, schakel terug naar een lagere versnelling en hoor ineens SPROINK! Mijn derailleur is afgebroken en hangt in de spaken van mijn achterwiel. Ik stap af, haal de derailleur los uit het achterwiel en loop met de fiets terug. Vandaag is mijn pechdag. Ik heb zin om in bed te gaan liggen. Maar dat laatste doe ik natuurlijk niet. Ik loop naar de supermarkt, beschenen door een stralende zon, genietend van de bloesemende bomen want de zomer komt er aan. Ik koop daar brood en loop terug naar huis om mijn belevenissen op te schrijven.

Geen opmerkingen: