donderdag, april 13, 2017

H.M. van den Brink: DIJK

Een vergelijking is de ondertitel van DIJK. Het is het verhaal van een vriendschap. De vriendschap tussen de schrijver en Karl Dijk. Twee mannen die in 1961 beginnen bij het ijkkantoor aan de Brouwersgracht te Amsterdam. Twee verschillende mannen die je met elkaar zou kunnen vergelijken. Dijk is streng en rechtlijnig, een man die geen fouten lijkt te kunnen maken. Hij komt over als een monnik in een cel die leeft voor het ijken. Ongehuwd, levend voor het werk. De schrijver is getrouwd met kinderen. Een twijfelaar, wat weet hij nou werkelijk?
Tijdens hun beider werkzame leven tussen 1961 en 2006 verandert de wereld. Gelijk in het begin merkt de schrijver op dat de tijd is geprivatiseerd, ieder heeft zijn eigen klok met zijn eigen tijd, er is niet meer een kerktoren in het centrum van de stad die de tijd voor iedereen aangeeft. Zo is ook het ijken geprivatiseerd, het bedrijf waar de beide mannen werken wordt geprivatiseerd, het wegen van de plakjes worst bij de slager verdwijnt en de plakjes worst worden verpakt en gewogen aangeleverd bij de supermarkt. In Parijs ligt nog steeds onder een grote stolp de standaardkilo maar die legt geen gewicht meer in de schaal.

H.M. van den Brink schetst een mooi, nostalgisch en haarfijn beeld van de wereld aan het begin van de jaren zestig en hoe die langzamerhand is verdwenen. Ook de compositie van het boek is bijzonder. Het verhaal begint als de schrijver 's nachts rond elf uur in zijn woonkamer zit en plotseling Dijk midden in de kamer ziet staan in een drijfnatte jas. Dat is de aanleiding om zijn herinneringen aan Dijk en aan de dienst op te gaan schrijven. Hij weet niet waar te beginnen en begint dan aan twee kanten, bij het afscheid van Dijk en bij hun aantreden bij de dienst in 1961. Hij is de schrijver van de afscheidsspeech voor Dijk die de directeur uitspreekt. De afscheidsspeech waarbij de toegesprokene niet komt opdagen. 

Zo weeft de schrijver een web van verschillende verhalen. De begintijd op de dienst, het mislukte afscheid, de geschiedenis van de twee mannen die de lengte van de standaardmeter moeten ontdekken door de afstand van de noordpool tot de evenaar te meten, de afscheidsspeech die de directeur ondanks alles voorleest, het onderzoek in de archieven naar het verleden van Dijk ter voorbereiding op die afscheidsspeech, het verhaal van de schrijver zelf, de dramatische gebeurtenis die hij meemaakt tijdens de eerste drie jaar van zijn carriere in het plaatsje Sint Maartenszee, en dan is er nog het heden waarin de schrijver meent Dijk te hebben teruggezien, midden in zijn kamer, in een natte regenjas. Een hallucinatie?

Een knap geconstrueerd boek, een spannend verhaal dat aan het einde het mysterie intact laat. Wie of wat was Karl Dijk werkelijk?

Geen opmerkingen: