donderdag, februari 28, 2008

Gespannen

Ik merk dat ik gespannen ben over mijn monoloog van zaterdag in de Museumnacht. Was ik over mijn kleine rol als vader van twee dochters in "De Vergissing" absoluut niet zenuwachtig, ik merk dat ik hierover in spanning zit. Hoe zal het gaan? Wat zal het publiek er van vinden?
Tegelijk vind ik een monoloog interessanter om te doen dan de rol in een toneelstukje. Het zit dichter tegen de performance aan, het lijkt meer op een optreden als zanger van een rockband. Je staat er alleen voor en moet het zelf opknappen, er zijn geen tegenspelers die als vangnet kunnen dienen en je kunnen ondersteunen of helpen. Dat vind ik een uitdaging en tegelijk word ik er nerveus van. Ik ben sneller geïrriteerd en op andere momenten voel ik me opeens leeg, een onbestemd gevoel van 'ik weet niet hoe ik me voel'. De tekst zit er ondertussen goed in. Ik kan hem bijna dromen. Toch ben ik bang ineens een blackout te krijgen. Dat ik niet meer weet hoe het verder moet. Het zal zeker goed gaan, maar de angst blijft. Nog twee nachten, dan is het zover, Museumnacht.
Om half negen begin ik, daarna iedere drie kwartier, om kwart over negen, om tien uur, om kwart voor elf, om half twaalf, tot de laatste keer om kwart over twaalf, tot het einde van de nacht.

Popdagboek

Zondag 2 maart op televisie (Rijnmond TV/RO TV): Willem Schneider, de gitarist van Het Gebroken Oor in Curtains/Popdagboek. Ieder uur vanaf 17.20 uur. Bekijk het filmpje op You Tube: http://www.youtube.com/watch?v=hmior8J5k5c

dinsdag, februari 26, 2008

3 x daags

Ik repeteer nu drie maal daags aan mijn monoloog, Set a light, het thema van de Museumnacht. 's Ochtends als ik naar mijn werk fiets spreek ik mee met de tekst in mijn mp3-speler zodat ik zeker weet dat ik de tekst niet fout uit mijn hoofd leer. Op de terugweg doe ik het dan nogmaals, maar dan zonder mp3-speler, om zeker te weten dat ik het ook zonder geheugensteuntje kan. Tenslotte doe ik het dan 's avonds nog een keer voor het echie met mijn gitaar er bij.

Helaas zijn de weersvoorspellingen niet denderend, maar voor vandaag was ook slecht weer voorspeld en behalve de regen vanochtend is het nu de hele middag al stralend weer. Gelukkig is er een noodplan. Dan gaan we in plaats van in een fluisterbootje met acht tot tien personen in een grotere boot, de Annigje. Daar kunnen tegelijk twintig mensen in. Is minder intiem, maar dan kunnen als bijkomend voordeel over de hele avond verdeeld weer meer mensen het zien.

Rendez-vous hotel

Een typisch Belgisch fenomeen wordt het genoemd in de begeleidende tekst bij de fototentoonstelling. Het rendez-vous-hotel. Toch is dat niet helemaal waar. In Japan en Korea heet het daar ook wijdverbreide fenomeen alleen love hotel. De fototentoonstelling is van Gert-Jan van den Bemd, een afgestudeerd endocrinoloog (klierdeskundige), die na zijn medische opleiding aan de Erasmus Universiteit Rotterdam een nieuwe carrière begon als fotograaf. Hij deed een opleiding aan de St Joost Academie en heeft ondertussen een hele reeks tentoonstellingen op zijn naam. Waaronder deze in de Faculty Club van de Erasmus Universiteit, een restaurant op de zeventiende verdieping van het H-gebouw waarin ik werk. Foto's als bovenstaande vind ik het meest fascinerend. Op geen enkele foto zijn mensen te zien, alleen de sporen van wat ze hebben achtergelaten. De foto's waarop die sporen ontbreken vind ik gelijk minder interessant. De foto waarop het lampje te zien is dat onder het bed bevestigd is dat voor indirecte verlichting van onder het bed zorgt, is mooi, maar het is jammer dat er niet bijvoorbeeld een zakdoekje of een andere stille getuige van het rendez-vous is achtergebleven. Maar het is zeker een mooie tentoonstelling en Gert-Jan van den Bemd heeft daarnaast een interessant weblog.

zondag, februari 24, 2008

Laatste eer

Als ik voor de kist sta om de laatste eer aan de overledene te bewijzen draai ik me nog even om om de kersverse weduwe nog even in de hand te knijpen. In het voorafgaande uur heb ik zoals dat vaak bij crematies gaat veel nieuwe oude dingen gehoord over de overledene. Hoe sportief hij was, hoe hij altijd een geïnteresseerd was in jou, hoe goddelijk zijn lichaam was, goed onderhouden door zijn sportieve gedrag. Nu is het goddelijke lichaam dan toch geveld. Lange verhalen, korte verhalen, gedichtjes. Een vriendin leest namens de weduwe een gedicht voor dat ook op de kaart afgedrukt stond. Over hoeveel ze van hem hield. Iets waar ikzelf tijdens alle ontmoetingen getuige van ben geweest. De man is te vroeg gestorven. Na een werkzaam leven eindelijk rust gevonden en nu dit. Dit alles begeleid door een grote dia boven de kist van de gestorvene in levende lijve op de voorplecht van een zeilboot. En begeleid door wonderlijke muziek. Niet de gebruikelijke sombere begrafenismuziek maar hier en daar vrolijke liederen uit binnen- en buitenland. In het Nederlands en in talen die ik niet kan thuisbrengen. Ik draai me om en knijp de achtergebleven echtgenote in haar hand. Een kus, fluistert ze en ik doe een stap naar voren. Naast haar op de schoot van een vriend ligt de hond van het nu gehalveerde echtpaar. Ik zie niet dat tussen de benen van de weduwe nog een kleiner hondje ligt. Ik stap per ongeluk op een pootje, het hondje springt op en begint te blaffen. Ook de hond op de schoot van de buurman springt op en begint ter verdediging van het bazinnetje hard te blaffen. In één keer is de rustige sfeer van de crematie verdwenen. Ik geef desondanks twee kussen op beide wangen en spoedt me dan naar de uitgang.

zaterdag, februari 23, 2008

Theatercompagnie: De Wilde Eend

Omdat ik met een Ibsen bezig ben stel ik de spelers van Klein Rotterdams Toneel (KRT) voor om met zijn allen naar De Wilde Eend te gaan. Uiteindelijk ga ik met slechts twee mannen, Richard en Aad. De rest is verhinderd, ziek, op vakantie. We zien een mooie voorstelling. De recensies waren nogal wisselvallig, de een vond er niets aan, de ander vond het geweldig. Ik heb wel wat reserves maar over het geheel genomen vind ik het een goede voorstelling. Goed gespeeld, spannend, goed bewerkt. Want ik heb het idee dat er hier en daar wat geschrapt is, iets wat ik zelf bij De Vrouw van de Zee ook heb gedaan. Vooral de jonge speelster die Hedvig speelt (Chava voor in 't Holt, foto) maakt grote indruk met haar mooie grote ogen die de naïviteit van haar personage mooi uitdrukken. Daarnaast is de boomlange dokter Relling (Sieger Sloot) niet alleen door zijn lengte, maar ook door zijn spel, een opvallende verschijning. Net als in mijn voorstelling zijn er in deze voorstelling geen stoelen te bekennen. Het decor is een hoog glazen trappenhuis waarop soms geprojecteerd wordt en waarop soms vanachter een schimmenspel vertoond wordt, en een tafel met licht er in, waarop negatieven van de fotograaf Hjalmar Ekdal liggen en symbolisch een paar potjes retoucheervloeistof staan.

In De Volkskrant staat donderdag een groot artikel over de populariteit en de actualiteit van zijn stukken naar aanleiding van de stukken De Wilde Eend en De Pijlers van de Samenleving die dit seizoen in het Nederlands theater te zien zijn. Er wordt in gememoreerd wat ik eerder in dit blog schreef: dat Ibsen de meest gespeelde schrijver ter wereld is na William Shakespeare. De Wilde Eend gaat over de keuze tussen leugen of bedrog en de waarheid. Moet de waarheid koste wat kost geopenbaard worden of is het beter en makkelijker in een leugen te leven? Greger Werle gelooft in de waarheid, dokter Relling gelooft in het instandhouden van illusies. Aan het eind van het stuk heeft Werle het leven van de dochter van Ekdal op zijn geweten omdat hij volgens dokter Relling leidt aan een acute vorm van waarheidskoorts. Het mooie van Ibsen is dat hij geen oordeel geeft, waardoor zijn stukken bevrijd zijn van een tijdgebonden moraal.

vrijdag, februari 22, 2008

Stukafest



Met drie vrouwelijke collega's ga ik op stap tijdens het Stukafest. De openingsact vindt plaats in de kerk aan de Goudse Rijweg die al lang geleden door Stadswonen is omgebouwd tot studentenwoningen. Maar in het midden, in het schip is een grote lege ruimte. Hier treden studenten van de circusschool van Codarts op. Vooral de twee dames met vlechten en eenwielers maken veel indruk met hun act. Dan stappen we op onze fietsen en gaan van kamer tot kamer. Alle acts treden drie keer op, duren ongeveer een half uur, waarna je een half uur tijd hebt om bij de volgende studentenkamer en de volgende act te komen.

Alle vier zijn we het meest onder de indruk van de eerste act, de Antilliaanse cabaretier Jandino Asporaat. Onderin een flat vlakbij de Vondelweg is een studentenhuiskamer. Drie banken zijn neergezet en een aantal barkrukken. Hier geeft Jandino een korte en intieme show waarbij hij een gedeelte van het twaalfkoppige publiek ondervraagt. Zo vraagt hij een van mijn collega's het hemd van het lijf over hoe en waar ze haar partner heeft ontmoet.

Dan gaan we naar een straat waar ik zelf heb gewoond, de Schinkelstraat. De straat is compleet veranderd, verlegd en herbouwd maar ik weet nog wel hoe ik er moet komen. Hier moeten we op de derde verdieping van een moderne flat zijn. Het ruikt naar frituurvet en je kunt hier naast het optreden bekijken en drinken ook iets eten, waaronder patat en bittergarnituur. Hier zien we Ernst Klijzing, een ouderwetse chansonnier en kleinkunstenaar met een prachtige tenor. Dit optreden vindt plaats in een klein tussenkamertje waardoor een grote intimiteit ontstaat. De zanger kijkt je recht in de ogen en zingt je persoonlijk toe.

Het laatste optreden is van Powerboat, onderin De Hoge Wieck, nu een studentenflat, oorspronkelijk een zusterflat van het Havenziekenhuis. Dit optreden is net iets te kort en afgelopen voordat het goed en wel begonnen is. We spelen twister op een groot kleed van aan elkaar gestikte dekens. Ik heb de act al eens gezien tijdens de opening van theaterverzamelgebouw De Banier, maar toen was hij leuker omdat we met meer mensen waren.

Tenslotte gaan we naar Waterfront waar als slotact Charlie Dée optreedt. Daar blijven we maar even, want na al die intimiteit is dit optreden te grootschalig om te kunnen bekoren. Ze heeft een geweldig strakke band, dat is waar, maar haar liedjes spreken me minder aan. Met collega K. rijdt ik terug langs de Maas terwijl het langzaam begint te bewolken. Eerder op de avond werden we steeds verlicht door een prachtige volle maan, nu is die nergens meer te bekennen. Dus is er geen reden om midden in de nacht uit bed te gaan om de maansverduistering te gaan bekijken. Die wordt ontrokken aan het zicht.

Volgend jaar weer Stukafest!

donderdag, februari 21, 2008

De lege ruimte

We oefenen in de opstelling zoals we het stuk gaan spelen en opnieuw haal ik tot wanhoop van sommige spelers elke zitgelegenheid weg. De lege ruimte, het blijft boeiend. Hoe weinig kun je nodig hebben in een decor. Ik weet dat op den duur toch allerlei decor en requisieten terug het stuk in zullen sluipen, maar het blijft me fascineren.

We lopen stukje bij beetje door het tweede en derde bedrijf. Van het eerste bedrijf is alleen één scène overgebleven die nu door mij tot proloog is gebombardeerd. Er is hier en daar twijfel of het publiek het nu wel zal snappen, maar ik ben daar zeker van. Onderschat je publiek niet en onderschat het ook niet. Het publiek is bereid na te denken, maar zorg dat de bedoelingen duidelijk zijn.

Helaas is één van de spelers, die de rol van Arnholm speelt, ziek. Dus concentreer ik me op de scènes met de Vrouw van de Zee. Daar komen we een stuk verder mee. De dokter en zijn vrouw en ook de vreemde man, krijgen steeds meer gestalte. Alledrie zijn het moeilijke rollen om vorm te geven, maar juist daardoor een uitdaging om te spelen.

Foto: Den Nationale Scene in Noorwegen met Fruen fra havet

dinsdag, februari 19, 2008

De Vergissing, de voorstelling

Dan is het zover. Voor een klein publiek van ongeveer tien toeschouwers, vrienden en bekenden, spelen we De Vergissing. Het duurt tussen de tien minuten en een kwartier en is in een vloek en een zucht voorbij. Het publiek vindt het iets te snel gaan, zelf heb ik eerder het gevoel dat we te langzaam spelen. Zo zie je maar dat hoe je tijd ervaart totaal verschillend kan zijn. In ieder geval hebben ze zich absoluut niet verveeld, zaten op het puntje van hun stoelen, dus dat is mooi. Het thema, incest of niet, is zwaar, maar wordt interessant behandeld en er zijn veel complimenten voor de tekst van Rita.

Van te voren ben ik gespannen. Vooral op het moment dat het publiek binnenkomt heb ik de angst dat ik de concentratie kwijt ben, niet genoeg ben opgewarmd om te spelen, maar als eenmaal de eerste tonen van Rachmaninoff klinken, de muziek waarmee de voorstelling begint, zit ik er snel in. Ik heb het gevoel dat ik iets te zwaar speel, het zou lichter kunnen en dat hoor ik achteraf ook in de kritiek van het publiek.

Terwijl het goed is eens aan de andere kant van de streep te staan, normaal ben ik de regisseur en zijn anderen de spelers die het moeten doen, voel ik me nog steeds meer regisseur dan acteur. Vanavond sta ik bij KRT weer aan de kant waar ik me het meeste thuis voel.

maandag, februari 18, 2008

Geheimen

Kinderen weten niet wat geheimen zijn, zegt de wetenschapper. Ze denken dat hun ouders dwars door hun heen kunnen kijken. Dat niets voor hun ouders verborgen blijft. Na je vijfde weet je beter. Maar er zijn grote verschillen in hoe goed mensen hun geheimen kunnen bewaren. Een man die meer dan honderd vrouwen in stukjes had gehakt en ingevroren had geen moeite zijn geheim jaren lang te bewaren. Volgens mij hangt dat er vanaf hoe schuldig je je voelt over je geheim. Iemand die meer dan honderd vrouwen vermoord is mijns inziens bepaald niet normaal. Toch heb ik zelf weinig moeite een geheim te bewaren en weinig behoefte geheimen kwijt te kunnen aan een vertrouweling. Maar sommige geheimen drukken op je en andere niet. De eerste wil je graag kwijt aan iemand die je vertrouwt en je niet zal veroordelen om het geheim dat je met je meedraagt.

zondag, februari 17, 2008

Viaggio in Italia

We bevinden ons op een Italiaanse avond met Italiaanse muziek en Italiaans eten. Ik herinner me en vertel over een gebeurtenis die me overkwam tijdens mijn eerste reis naar Italië, meer dan vijfentwintig jaar geleden.

Indertijd moest je als je geld wilde opnemen met een zogenaamde kascheque naar het postkantoor, daar moest je je legitimeren en dan kon je je geld opnemen. Ik deed dat onder andere onderweg in de badplaats La Spezia, tussen Genua en Pisa, op weg naar Toscane. Vlak voordat ik naar Italië vertrok was ik op Tweede Pinksterdag verliefd geworden. Op de vrouw die later mijn vrouw zou worden. Maar dat wist ik toen nog niet.

Ik was bijzonder verliefd, maar ver van mijn geliefde verwijderd en stuurde diverse brieven poste restante naar Spanje waar zij zich tegelijkertijd bevond, op vakantie met een vriendin, zoals ik op vakantie was met twee vrienden en twee vriendinnen. Ook zij stuurde mij brieven, naar Florence en naar Rome, die ik tijdens mijn verblijf daar en onderweg las en herlas.

Ik kwam terug in Rotterdam en ontving daar enige weken later een brief uit Italië. Van een meisje, Francesca. Met een foto van een mooie donkere jongedame. Ze schreef me dat ze verliefd op me was. Ze werkte op het postkantoor van La Spezia en vond dat ik er uit zag als David Bowie. Ze wilde haar ziel verkopen aan de duivel om me weer te zien. Klaarblijkelijk had ze toen ik daar in het postkantoor geld kwam opnemen mijn adres genoteerd. Ik, verliefd als ik was, op een ander, schreef haar vriendelijk terug dat ze haar ziel niet moest verkopen, maar dat het me speet dat ik haar liefde niet kon beantwoorden.

zaterdag, februari 16, 2008

Kitchenette 2

Nog te zien in Lantaren/Venster: Kitchenette 2 met o.a. Rotjong: Engel. Aanrader!

vrijdag, februari 15, 2008

Voor de verre prinses

De regisseur lijkt tevreden. Ik heb de monoloog voor de eerste keer gedaan. Voor het eerst niet alleen opgezegd maar een poging gedaan hem te spelen. In de Museumnacht op 1 maart moet ik de monoloog spelen op een klein fluisterbootje in de Leuvehaven. Het bootje vertrekt vanaf het Havenmuseum. Om me heen dan acht mensen publiek.

Ineens bevind ik me in twee korte stukken in de rol van acteur in plaats van regisseur. Nu kan ik alle vragen die ik heb over de tekst aan de regisseur vragen en hoef ik niet zoals anders, de antwoorden zelf te bedenken. De monoloog is geschreven door Willy Hilverda en beweegt zich rondom het idee van het gedicht Voor de verre prinses van Slauerhoff. Dat gaat zo:

Voor de verre prinses

Wij komen nooit meer saam:
De wereld drong zich tusschenbeide.
Soms staan wij beiden 's nachts aan 't raam,
Maar andre sterren zien we in andre tijden.

Uw land is zoo ver van mijn land verwijderd:
Van licht tot verste duisternis - dat ik
Op vleuglen van verlangen rustloos reizend,
U zou begroeten met mijn stervenssnik.

Maar als het waar is dat door groote droomen
Het zwaarst verlangen over wordt gebracht
Tot op de verste ster: dan zal ik komen,
Dan zal ik komen, iedren nacht.


Het gaat over een man die contact heeft met een vrouw aan de andere kant van de oceaan. Hij wil naar haar toe maar durft niet te vliegen. Het is een mooie en poëtische tekst. Heeft een mooi ritme. Iedere keer dat ik de tekst doe, een keer of vijf vanochtend, komen er nieuwe dimensies bij. Alleen de laatste keer heb ik het idee dat ik te technisch begin te acteren, teveel denk aan wat ik moet doen en wil doen, en me te weinig mee laat voeren met mijn eigen emotie. Maar dat komt vast wel goed. Met publiek is alles anders.
Illustratie: de bekendste foto van Slauerhoff

donderdag, februari 14, 2008

Streng

Ik ben streng tegen de Hoofdrolspeelster, Ellida in De Vrouw van de Zee. Ze is twee weken niet geweest vanwege ziekte en ik wil door. Ik voel dat ik moet opschieten. Er is een misverstand over de tekst die ze had moeten leren. Maar ook zonder tekstkennis heb ik behoefte de scène die ze niet geleerd heeft te zetten. Het is een moeilijke rol, de rol van Ellida. Half geestesziek, enigszins mystiek, maar tegelijk aards en stevig. Ik vraag haar haar schoenen uit te trekken. Ze staat me niet stevig genoeg op de vloer. Dat werkt beter, maar later trekt ze toch stiekem haar schoenen weer aan. Ik vraag haar daarom nogmaals haar schoenen uit te trekken. Ook om haar schouders te ontspannen. Ik ben nog niet tevreden over de fysiek van De Vrouw van de Zee. De andere spelers heb ik een repetitie of wat geleden gevraagd hun rol als dier te spelen en ik denk dat ik dat de Hoofdrolspeelster ook moet vragen.
Aan de zijlijn worden de andere spelers ongeduldig en dat komt de concentratie niet ten goede. De sfeer wordt lacherig. Ik wil serieus repeteren. Geconcentreerd. Dat lukt niet aldoor. Ik ga vermoeid naar huis maar ben niet ontevreden.

Foto: Fruen fra havet, standbeeld in Saeby, Denemarken, van Marit Benthe Norheim.

dinsdag, februari 12, 2008

Generale

Als we aan de generale van De Vergissing willen beginnen blijkt onze repetitieruimte te zijn weggegeven aan een groepje mensen dat zit te vergaderen. We moeten hun vragen of ze de ruimte aan ons willen afstaan. Gelukkig hebben de vier vrouwen en een man begrip voor onze situatie en vertrekken ze naar de negende verdieping waar een andere ruimte vrij is.

Dan stellen we alles op zoals we de ruimte ingericht willen hebben en kunnen we beginnen. We spelen het stukje een keer of vijf en ik heb het gevoel dat het elke keer toch steeds beter gaat. Er komt steeds meer diepte in mijn personage van vader van twee dochters. Het blijft natuurlijk een korte schets, maar toch. De onduidelijkheden, onduidelijkheden voor mezelf, in het karakter van de vader worden me steeds helderder. Het werken met requisieten maakt het makkelijker van alles te proberen. Ik heb het idee dat ik elke keer anders speel, andere loopjes maak, andere accenten leg in de tekst, maar dat het steeds op een andere manier klopt.

Volgende week is het zover. Dan spelen we in de repetitieruimte een korte presentatie voor publiek. Ik ben benieuwd naar de reacties. Want wat is theater zonder de aanwezigheid van publiek?

zondag, februari 10, 2008

Daklozen on Ice

In Las Palmas speelt op een kunstijsvloer het RO theater i.s.m. Vis à Vis de voorstelling Daklozen on Ice. Het publiek zit rondom het kunstijs met lichtgevende stokjes om de daklozen aan te moedigen. De daklozen doen in een ijsshow mee aan een talentenjacht à la Idols. Hoofdprijs is duizend gratis straatkranten en een overnachting in het Hilton. Al snel loopt de situatie verschrikkelijk uit de hand wat een doldwaze voorstelling oplevert. De voorstelling is net zo oppervlakkig als een ijsvloer maar er valt voortdurend veel te lachen, de typeringen zijn raak en je verveelt je geen moment. Vooral Jacqueline Blom schittert in haar dubbelrol als de ontroerende dakloze Miep en haar zwanenmeer en als de ijzig koude kakdame Adelheid van Tongeren. Maar ook de presentator, Marinus Vroom van Vis à Vis, als Peter R. de Vries-look-a-like, glad als een ijsbaan, is indrukwekkend. Een voorstelling om zeker te gaan zien en meebeleven. De ontknoping voel je op je klompen aankomen, dat is een minpuntje, maar mijn familie en ik hadden een geweldige avond.

vrijdag, februari 08, 2008

Noodklok

In NRC Next wordt op 2 februari de noodklok geluid voor de Nederlandse realistische vervolgstrip. Tot nu toe ongemerkt aan Nederland voorbijgegaan want NRC Next is er achter gekomen dankzij artikelen in de Belgische krant De Morgen. In de Telegraaf heeft men een einde gemaakt aan de avonturen van Nicky Saxx (ik had er nog nooit van gehoord) en daarmee verdween de laatste vervolgstrip uit de krant. Deskundigen spreken er schande van en Dick Matena wijt het aan de tekstcultuur van het protestantse Nederland tegenover de katholieke cultuur in België die veel meer beeldgericht is. De beeldenstorm laat nog steeds zijn sporen na.

Maar is het zo ernstig gesteld met de realistische strip? Want een paar dagen eerder op 31 januari meldde dezelfde NRC Next dat voor het eerst een strip op de longlist van de Libris-literatuurprijs staat. Een realistische strip ook nog eens. Dat lijkt bijna het gelijk van Dick Matena te bevestigen. Het gaat in deze strip blijkbaar niet om het beeld. Het is literatuur, dus tekst.

Illustratie: Niet-realistische en niet-vervolgende en hoogst-visuele strip van de beste striptekenaar van Nederland, G. Wasco

dinsdag, februari 05, 2008

Norsk Sjømannskirke

De kerk staat aan de rand van het park bij de Euromast. Al vele malen ben ik er langs gefietst op weg naar de repetities van het Klein Rotterdams Toneel (KRT). Het is een Noorse zeemanskerk, gebouwd van hout. Hier wil ik graag mijn Vrouw van de Zee laten spelen. Dus op een dinsdagmiddag, als ik terugkeer van het maandelijkse bezoek aan de vormgeefster, trek ik de stoute schoenen aan en loop binnen. Naast de voordeur hangt een bordje dat de kerk open is van 12.00 tot 19.00 uur. Het is midden op de middag dus de kerk is open. Ik probeer de deurknop en de deur gaat gewoon open. Ik kom in een grote ruimte met aan weerszijden banken, tafels en houten stoelen. Hier en daar zitten een paar mensen te lezen, er lopen kinderen rond. Het ruikt lekker naar gebak. Rechts is een keuken, daar staat een vrouw haar handen af te drogen. Ze ziet rood in haar gezicht, ze heeft hard gewerkt en is bezweet. Ik spreek haar aan. Eerst in het Nederlands maar ze antwoordt in het Engels, dus gaan we over in het Engels. Ik vraag haar wie de beheerder is. Die is in gesprek, maar ze zal zo tijd hebben. Ik wacht.

Even later is het zover. Een vrouw van een jaar of dertig is de beheerder. Ze nodigt me uit voor een kop koffie en ik mag ook wat van het Noorse toetje nemen dat er staat. "Porridge with whipped cream" vertelt ze me. Ik leg uit (opnieuw in het Engels) dat ik de regisseur ben van een amateurtheatergroep en dat we bezig zijn met De Vrouw van de Zee, Fruen fra Havet, van Henrik Ibsen, de Noorse toneelschrijver. Dat ik mijn oog heb laten vallen op dit gebouw als locatie voor het stuk. Ze is direct enthousiast. Ze heeft zelf vorig jaar Hedda Gabler bij Toneelgroep Amsterdam gezien. Maar ze moet het met het bestuur overleggen en weet niet goed of dat zal lukken. Ik geef mijn complimenten voor het lekkere toetje en stap weer op de fiets.

Tijdens het eten koken word ik gebeld. Door de beheerder van de Noorse kerk. Het bestuur is enthousiast en we moeten nog maar een afspraak maken. Voor de dinsdag er op. Dat doen we. Nu staan er wafels met jam op het tafeltje en maken we het rond. We gaan spelen in de Noorse Kerk. Dolblij rijd ik terug. Op 29, 30 en 31 mei ('s avonds) en op 1 juni (matinee) spelen we De Vrouw van de Zee in de Noorse Kerk.

maandag, februari 04, 2008

Theaterweb

De regisseuse is druk. Vanaf de kant blijft ze de spelers voortdurend aanwijzingen geven. Ze lijkt onuitputtelijk. Ook is ze oneindig creatief. Ik sta versteld. Ik zit als kijker in een workshop op de eerste Eat, Meet & Greet. Het Theaterweb Rotterdam. Honderd deelnemers hebben zich opgegeven. Het is een succes. Ik zelf doe twee workshops. Eén bij de artistiek leidster van het RO theater en één bij de docent dramaturgie van het Rotterdams Centrum voor Theater (RCTh). Beide workshops zijn erg inspirerend. Ik ontmoet mensen uit de Rotterdamse amateurtheaterwereld die ik nog niet kende, ik ontmoet veel oude bekenden. Een lange en vermoeiende dag, maar tegelijk heel erg inspirerend.

zondag, februari 03, 2008

NeoRealismo

Een televisie op het podium in een bioscoop. De mensen kijken en praten met elkaar. Naar een quizprogramma volgens het bijschrift van de foto. Het lijkt bijna een voorteken. Hoe de televisie de bioscoop als venster op de wereld, als brenger van cultuur zal worden vervangen door de televisie, een brenger van amusement in de huiskamer. Ook is het bijna een symbool voor de tentoonstelling NeoRealismo in het Nederlands Fotomuseum. Die toont een verdwenen wereld. Een Italië in zwartwit dat niet meer bestaat. Toch valt me op hoe divers het land is. Er zijn duidelijk verschillende volken met verschillende culturen. Bijna een multiculturele samenleving.

Wij kennen het neorealisme het beste van de films van Rosselini, Fellini, Visconti en Vittorio de Sica. Er is een klein hoekje met stills van neorealistische films ingericht. Daarin ook de beroemde foto van Sylvana Mangano in Riso Amaro (Bittere Rijst, 1949, van Giuseppe de Santis). Op een bed met een ultrakort broekje aan, een soort hotpants avant là lettre. Ze leest een brief en heeft haar mooie naakte benen uitgestrekt in de richting van de fotograaf. Op de tentoonstelling is te zien dat de rijstpluksters in werkeljkheid ook dit soort broekjes droegen. Vanwege de hitte op de rijstvelden ongetwijfeld.

Op de website van het museum is een kleine tentoonstelling van Nederlandse fotografen in Rome te zien, Sam Wagenaar en Nico Jesse.

vrijdag, februari 01, 2008

Weer vier films

Het Lam Gods is de mooiste van de vier. Opnieuw ben ik op het International Film Festival Rotterdam, ditmaal net als vorig jaar op de Tijgerdag. Bovengenoemde film komt uit Argentinië en was dit jaar de openingsfilm. Een spannende politieke thriller die zowel in 1978 als 2002 speelt. Het duurt lang voordat ik door heb hoe de film in elkaar zit. Terwijl het eigenlijk zo makkelijk is. Er is een kind dat Guillermina heet en een vrouw met dezelfde naam. Maar pas heel laat krijg ik door dat het kind en de vrouw een en dezelfde persoon zijn. Dan pas zie ik ook dat aan de kleding goed te zien is in welke periode welke scène zich afspeelt. Maar ook voordat ik het door heb is het een reuzespannend verhaal. Goed gespeeld, vooral door de dubbele moeders en dochters. Een aangrijpend verhaal over moeilijke keuzes in het leven.

Wat viel me nog meer op? Dat het in Chili altijd onweert en regent, tenminste in de film die ik zag was dat zo. De hemel, de aarde en de regen heet de film. Veel natuurbeelden waarbij de hoofdpersoon, een beetje een suffe jonge vrouw, door heen sjokt. Ze wordt ontslagen bij de apotheek waar ze werkt, maakt niet echt contact met haar vriendin, een andere vriendin is aangerand en wil zelfmoord plegen, de man waarvoor ze zelf werkt doet een poging tot liefde, maar zo'n beetje alles mislukt. De film beweegt zich traag voort en duurt daardoor te lang. Toch geniet ik erg van een bijzonder lang shot waarin de hoofdrolspeelster niets anders doet dan van het ziekenhuis naar de boksschool lopen.

In Haïti schijnt gelukkig de zon maar in de film Eet, want dit is mijn lichaam gaat het om de tegenstelling tussen zwart en wit. Tien kleine negertjes lopen in ganzenmars naar een groot koloniaal landhuis. Daar worden ze gewassen en geschoren en in nette zwarte kostuums gehesen. Het huis is eigendom van twee in het wit geklede blanke vrouwen, geassisteerd door een in het zwart geklede jongeman. Een onbegrijpelijke film, vol betekeniszwangere beelden. Het gaat over voedsel, over de verdeling van voedsel tussen zwart en blank, over geboorte en dood. Ik laat de beelden over me komen. Tijdens een grappige scène waarin vier oude vrouwtjes, negerinnen in witte kleding, muziek playbacken, scratchend en aan knopjes draaiend, lopen veel mensen weg, maar ik geniet van het visuele spektakel.

Tenslotte mag er ook nog gelachen worden. Om de Ping Pong Koning uit Zweden. Een vette puber, die zoals alle pubers moeite heeft zichzelf te vinden. Hij twijfelt er aan wie zijn vader is. Hij heeft een moeizame relatie met zijn broer die misschien wel zijn halfbroer is. Ook is hij op zoek naar liefde. Van zijn moeder, van zijn vader, van zijn broer en het gebrilde meisje Anja, dat er lief kan glimlachen. Aan het einde van de film loopt alles uit de hand en wordt de sfeer grimmiger maar gelukkig komt alles goed. Eind goed, al goed, kunnen we de bioscoop verlaten en met een glimlach de straat op na een dagje tijgeren op het filmfestival.