zaterdag, oktober 28, 2017

Herman Brusselmans: Guggenheimer in de mode


Van de vijfenzeventig boeken die Herman Brusselmans in zijn nu zestigjarig bestaan heeft geschreven is dit pas mijn derde. Guggenheimer in de mode is het vierde boek in een reeks van tot nu toe vijf boeken over Guggenheimer. In dit boek valt het Guggenheimer op dat de Belgische vrouwen allemaal zo slecht gekleed gaan en hij besluit daar iets aan te doen. Hij richt de GFC op, de Guggenheimer Fashion Company. Dat is de kapstok van dit verhaal dat verder niet zoveel om het lijf heeft, want zoals meestal bij Brusselmans gaat het niet om het verhaal maar om de stijl. Het liefst zou hij een boek schrijven dat helemaal nergens over gaat.

Van Brusselmans houd je of je haat hem, er zit weinig tussenin. Zijn flauwe humor, zijn lust tot shockeren, zijn vieze grappen, zijn herhalingen, niet iedereen houdt daarvan. Maar als je je overgeeft aan de dwaze gebeurtenissen en melige grappen kun je veel lol beleven aan de boeken van Brusselmans. Alle vijfenzeventig achter elkaar lezen zou ik niet aanraden, maar ik heb genoten van Ex-drummer en van Guggenheimer in de mode. Dat ik niet meer weet wat het derde boek is dat ik van Brusselmans las is dan weer veelzeggend (Heden ben ik nuchter? Ik weet het echt niet meer.)

Maar van tijd tot tijd een Brusselmans lezen, het kan geen kwaad en er zijn er genoeg om uit te kiezen. Dan is Guggenheimer in de mode mijns inziens geen slechte keuze, zeker niet deze uitgave met een prachtige tekening van Ever Meulen voorop.

N.B. Een ding heb ik in ieder geval gemeen met Herman Brusselmans: we trouwden allebei met Gerda B. (Bron: Wikipedia)

donderdag, oktober 26, 2017

Tanguy Viel: Article 353 du code pénal

Een moderne Simenon. Dat zegt de aanbeveling op de achterkant van dit boek. Dat is het ook. Sterker nog, het lijkt behoorlijk op Brief aan mijn rechter. Hier is de rechter lijfelijk aanwezig bij de bekentenis van de hoofdpersoon. Maar omdat de rechter bijna geen woord zegt tijdens de langdurige apologie heeft het verhaal veel weg van een brief. Pas helemaal aan het einde spreekt de rechter als die de tekst van het wetsartikel uit de boektitel uitspreekt. Die associatie met Simenon maakt het boek er niet minder om.

Het is een fascinerende geschiedenis van een klein dorp aan zee in Bretagne. Een projectontwikkelaar belooft het arme vissersdorpje om te toveren in een welvarende badplaats. Een badplaats in een streek waar het bijna altijd regelt, het lijkt een slechte grap. Deze Antoine Lazenec ontpopt zich tot een oplichter en wordt door hoofdpersoon Martial Kermec in het eerste hoofdstuk tijdens een boottocht van boord gegooid en verdrinkt. Bij zijn terugkomst in de haven wordt hij onmiddellijk gearresteerd door de politie.

In prachtige beelden waarin steeds de zee terugkeert, in de beschrijvingen, in metaforen, legt Martial Kermec aan zijn rechter uit hoe hij tot zijn daad is gekomen. Een gepensioneerde gescheiden socialist die alleen woont met zijn zoon Erwan, met een klein beetje geld, opzij gelegd voor de oude dag, bedoeld om een boot te kopen. De puberale revolte van zijn zoon, een actie die de landelijke pers haalt, maar ook zijn rechtvaardigheidsgevoel, brengen Kermec er uiteindelijk toe Lazenec om het leven te brengen.

Voor deze schitterende politieke en sociale roman, zijn zevende roman, ontving Tanguy Viel de Grand Prix Litteraire RTL/Lire.

maandag, oktober 09, 2017

Eliette Abécassis: La répudiée

Hoe kies je een boek? Soms vanwege het omslag, soms vanwege de flaptekst, vaak omdat je eerder een boek van dezelfde schrijver/schrijfster las. Dit boek van Eliette Abécassis koos ik omdat het linksboven in de boekenkast van het Rotterdamsch Leeskabinet stond. Het eerste boek in de kast met franse romans. Omdat de naam van de schrijfster met de letters ab begint stond het boek daar. Zoals ik aan het begin van dit jaar bedacht om alleen boeken met korte verhalen te gaan lezen, zo bedacht ik me nu dat je ook alle boeken van links naar rechts en van boven naar beneden kunt lezen. Van elke schrijver ten minste één boek, van a tot en met z.

Zo kwam ik aan dit boek, van een schrijfster van wie ik nooit had gehoord. Een boek met een titel die ik niet onmiddellijk begreep. La répudiée. De verstotene begreep ik al snel. Een dun boekje van zo'n 125 pagina's. Een korte geschiedenis van een huwelijk, in de eerste persoon verteld door de echtgenote. Ze leeft in een orthodox-joodse gemeenschap in Jeruzalem en is op zestienjarige leeftijd getrouwd met de zoon van de rabbi. Het verhaal begint met de huwelijksceremonie waar ze haar man voor het eerst ziet en onmiddellijk voor hem valt. Ze is gehoorzaam aan haar ouders en aan de tradities van de gemeenschap terwijl haar zuster opstandig en rebels is. Maar er is een probleem. Het huwelijk blijft maar kinderloos en volgens de traditie mag een man van zijn vrouw scheiden en hertrouwen als er na tien jaar nog steeds geen kind is. Dan mag de man zijn vrouw verstoten.

Langzaam maar zeker komt dat moment dichterbij in het relaas van Rachel, telkens weer wordt ze ongesteld en nadert het moment dat haar man wellicht de vreselijke beslissing zal nemen om haar te verstoten. Zoals de titel van het boek al verklapt gebeurt het onvermijdelijke.

La répudiée is een spannend en intens droevig verhaal van een jonge vrouw die haar noodlot tegemoet gaat. De gemeenschap is klein en dwingend, benauwend, en de hoofdpersoon krijgt het steeds benauwder en als ze tenslotte alleen achter blijft, stort haar wereld in. Eliette Abécassis was voor mij een ontdekking, gevonden in het bovenste hoekje van een boekenkast.

donderdag, oktober 05, 2017

Jean Echenoz: De spionne

Met De spionne keert Jean Echenoz terug naar het genre van het eerste boek waardoor ik kennis met deze schrijver maakte, Lac. Een met veel vaart en humor geschreven spionageverhaal. Een spionageklucht waarin het toeval een grote en belangrijke rol speelt.

Constance wordt gerecruteerd als spionne voor een opdracht in Noord-Korea. Voordat het zover is moet ze eerst rijp worden gemaakt voor vertrek, een langdurig proces. Ze wordt gekidnapt en zit lange tijd opgesloten in een afgelegen dorp in gezelschap van twee mannen die sympathie voor haar opvatten. Ondertussen onderneemt haar man zonder al te veel succes stappen om haar terug te krijgen. 

Het verhaal dijt uit en slingert diverse kanten op en allerlei bijfiguren blijken op wonderlijke en onwaarschijnlijke manier met elkaar verbonden. Ook duikt van tijd de schrijver zelf op in het verhaal met opmerkingen als dat er toch seks of geweld in een boek als dit moet voorkomen.

Net als in een klucht of een who-dunnit is de plot een slim geconstrueerd mechaniek waarin alle radertjes uitiendelijk in elkaar blijken te passen. Een beetje een luchtig niemandalletje maar door de humor en ondanks het gebrek aan vaart, soms lijkt het verhaal helemaal stil te staan, een licht verteerbaar boek van een meesterlijk schrijver.