maandag, december 26, 2011

James Joyce: Ulysses



Ik had me voorgenomen om voordat ik met mijn oudste dochter naar Dublin vertrok 'nog even snel' Ulysses van James Joyce te lezen. Op mijn mobiele telefoon. Er kwamen wat andere boeken tussen die ik ook nodig moest lezen, het schoot niet echt op, en uiteindelijk was ik op ongeveer een kwart van het boek toen ik in Dublin aankwam. In Dublin las ik gestaag verder op momenten dat dat uitkwam en kwam ik door de omgeving meer en meer in het boek. Op de regenachtige laatste dag in Dublin liep ik in mijn eentje de Joyce-wandeling waardoor het boek nog meer ging leven. Voor € 2,39 kocht ik een fiks afgeprijsd papieren exemplaar, een Wordsworth Classic, en daarmee stapte ik op het vliegtuig.

Terug in Nederland las ik verder maar tegen de slotmonoloog van Molly zag ik op, zo'n zestig pagina's zonder leestekens, en ik legde het boek weg om tussendoor een paar andere boeken te lezen. Ondertussen had ik een ereader en daarmee werd het lezen van Ulysses een stuk makkelijker. Moeilijke Engelse woorden kunnen snel worden opgezocht in het woordenboek van het apparaat.

Maar nu is het dan zo ver. Op weg naar Schiphol, om mijn oudste dochter op te halen van vier maanden in Ierland, lees ik in de tunnel onder de landingsbanen de laatste pagina. Vlak voordat ze me sms't dat ze is geland.

Dan nu het boek zelf. Ik had me er eerlijk gezegd niet al te veel van voorgesteld. Moeilijk en onleesbaar, meer iets voor literaturvorsers dan voor de gewone lezer. Dat is gelukkig niet waar. Je moet er moeite voor doen, dat is waar maar zoals de inleider van mijn papieren kopie, de heer Cedric Watts zegt moet je dat ook als je de Mount Everest wilt beklimmen.

Wat mij het meest verbaasde is de humor. Ik verwachtte een serieus boek maar het zit vol grappen. Literaire grappen en verwijzingen, maar ook boertige en scabreuze humor en groteske situaties zoals in het als filmscenario geschreven hoofdstuk dat in Nighttown speelt, de hoerenbuurt van Dublin.

Die hoerenbuurt is nu omgetoverd in een keurig zakendistrict met grote gebouwen van glas en staal, leer ik tijdens mijn Joyce-wandelng, en een straat aldaar is hernoemd tot James Joycestraat. Ik weet niet of Joyce hier blij mee zou zijn geweest.

Maar al met al wordt Ulysses niet zonder reden een meesterwerk genoemd. Het is een bijzonder boek, een rijk boek. In bepaalde opzichten lijkt het op andere beroemde boeken zoals Moby Dick of de Max Havelaar in de manier waarop verschillende schrijfstijlen met elkaar worden gemengd maar dit boek is wat dat betreft veel experimenteler en veelomvattender. Een boek om om de tien jaar te herlezen. Om daarmee steeds niieuwe dingen te ontdekken. Geen boek om te lezen als je jong bent en nog weinig hebt gelezen.

zondag, december 25, 2011

Ro theater: Woest Water

Een spectaculair verhaal moest het worden, de voorstelling Woest Water van het Rotheater. Een jongetje zonder vader wordt opgeslokt door de wasmachine en beleeft een spannend avontuur op zee op zoek naar vriendschap en naar zichzelf. Met geweldig mooie decors om de avonturen op zee en onder water te verbeelden. Kosten noch moeite zijn gespaard. Het team bestaat uit: een goede acteur in de hoofdrol, Gijs Naber, met als gastactrice de cabaretière Sanne Wallis de Vries. De schrijver is Don Duyns, de schrijver van een aantal succesvolle familievoorstellingen van het Ro. En de regisseur is die van één van de mooiste familievoorstellingen van het Ro aller tijden, Niek Kortekaas van Heksen, onder artistieke supervisie van Pieter Kramer. Wat ging daar mis?

De decors van NIek Kortekaas zijn geweldig, dat moet gezegd worden. Maar het verhaal, de liedjes en de zang weten nergens te raken. Het verhaal sleept zich moeizaam voort naar het o zo voorspelbare einde. Dat het verhaal zo afgezaagd is hoeft geen probleem te zijn, er zijn al tal van versies gemaakt van de Odyssee en binnenkort komt Theatergroep Siberia er ook weer met één. Maar het script zit zo vol losse eindjes, alles is opgeofferd aan de vorm en dat werkt niet. Heksen had een geweldig meeslepend verhaal van Roald Dahl, dit zijn losse scènes die in willekeurige volgorde hadden kunnen worden opgediend. Na de pauze wordt het even iets beter en veer ik op omdat ik hoop dat het nu gaat lopen maar helaas dat gebeurt niet.

Dat de liedjes (van Don Duyns en Raymund van Santen) en de manier waarop ze worden gezongen zo abominabel slecht zijn is echt een ramp. Gijs Naber is een fantastisch acteur maar in deze voorstelling ontdekte ik dat hij niet kan zingen. Sylvia Poorta, geen geweldige zangeres, raakt me nog het meest met haar lied van de kat Tijger, maar dat haalt het niet in vergelijking met het lied van de gecastreerde kater in Sophie en Lange Wapper. Zo zijn er meer elementen uit vroegere voorstellingen van het Ro die hier in minder sterke vorm terug komen. Het verhaal zelf lijkt geleend van Haroen en de Zee van Verhalen van een aantal jaren terug. Ook geen sterke voorstelling, maar het onderliggende script naar Salman Rushdie was beter.

Maar dit verhaal van Sil, de hoofdpersoon, wordt nergens uitgewerkt en de grappen zijn flauw. De vrienden die Sil maakt, zoals de zeekoe en Karel de lakei, worden onmiddellijk weer in de steek gelaten en reizen niet met hem mee zoals in een verhaal als The Wizard of Oz of eerdergenoemd Sophie en Lange Wapper.Woeste Water Daarom wordt je nergens meegesleept, het zal je werkelijk een rotzorg zijn wat er met het boze jongetje Sil gebeurt. Slechts enkele scènes springen er uit zoals de scène met Adam en Eva in het paradijs. Maar over het algemeen is de voorstelling wachten op het einde. Heel erg jammer van alle kosten en moeite die het Ro theater zich ongetwijfeld heeft getroost om het Woeste Water tot een succes te maken.

vrijdag, december 23, 2011

Keesen & Co: De kersentuin

Een stuk of vier Kersentuinen heb ik ondertussen gezien. Van de Haagse Comedie, lang geleden, erg saai, ouderwets en sloom vond ik toen alhoewel ik wel onder de indruk was van Ellen Vogel in de hoofdrol. De versie van Art & Pro in de regie van Frans Strijards, een ongelooflijk snelle en kluchtige voorstelling, tot nu toe mijn favoriete Kersentuin met Diane Lensink. Een schoolvoorstelling, aardig ge-ensceneerd maar met jonge en onervaren spelers dus daarom minder dan een professionele voorstelling en tegelijk daarmee niet te vergelijken. Tenslotte in Groningen bij het NNT een bewerking van dit stuk van Tsjechov door Koos Terpstra met als titel Il Giardino, over een Italiaans restaurant dat verkocht moet worden in plaats van een kersentuin.

Nu dus de versie van Tsjechovs klassieker De kersentuin bij Keesen & Co. Met een groot aantal jonge en mij onbekende spelers, en in de vrouwelijke hoofdrol Monique Kuijpers, een dijk van een actrice die ik eenmaal eerder heb gezien, in Utrecht, in de voorstelling Door jou van Esther Gerritsen, ook bij Keesen & Co.

Om maar gelijk met de deur in huis te vallen, deze kersentuin is geweldig. Een langzame kersentuin vol onderhuidse spanning, als een kruidvat dat op ontploffen staat. Uitschieters zijn mijns inziens de scène waarin Petja en Anja over de liefde praten, de scène waarin Ljoebja Petja de les leest en de scène helemaal aan het einde waarin het Lopachin niet lukt om Warja ten huwelijk te vragen.

Een tragikomedie van hoog niveau.

donderdag, december 15, 2011

Paul Morand: Ouvert la nuit



Zes verhalen over nachtelijke belevenissen met dames bevat Ouvert la nuit. "Liefdesnachten?" vraagt een onbekende ik-figuur in het voorwoord aan ene Pierre die aan ons, de lezers, als de verteller wordt gepresenteerd. Pierre ontsteekt daarop in woede en lacht de ik-figuur uit.

Het zijn dan ook geen liefdesnachten die in dit boekje worden gepresenteerd. Van liefde is daarentegen meestal wel sprake. Vijf van de nachten hebben een geografische aanduiding. Er is een Catalaanse, een Turkse, een Romeinse, een Hongaarse en een noordelijke nacht. Tenslotte is er een nacht van zes dagen, een prachtig verhaal over een man die probeert een jonge vrouw te versieren. Deze vrouw is echter op haar beurt verliefd op een wielrenner die deelneemt aan de zesdaagse in Parijs. Dit is ongetwijfeld het beroemdste verhaal uit de bundel want in de twintiger jaren van de twintigste eeuw verfilmd onder de titel Open all night.

Paul Morand was diplomaat en reisde al vroeg de wereld rond. Dat is in dit boek duidelijk te merken. Hij geeft mooie beschrijvingen van de steden die de hoofdpersoon bezoekt en de bewoners daarvan.

Het mooist vond ik zelf de meest dramatische verhalen zoals het eerste, de Catalaanse nacht, en de Romeinse en Hongaarse nacht. In laatstgenoemd verhaal nemen twee Franse soldaten een jonge Joodse vrouw op haar eigen verzoek mee naar Budapest waar haar vader zich verschuilt in de synagoge en niet naar buien durft te komen uit angst voor de antisemietische Hongaren.

Het laatste verhaal staat hiermee in groot contrast. In de noordelijke nacht sluit de hoofdpersoon zich aan bij een naturistensekte die gebaseerd is op de Duitse körperkultur, een sekte met nogal racistische trekjes, alleen arische mensen kunnen lid worden en zo zijn er meer strenge regels. Vreemd is wel dat de vrouw waarmee Pierre het aanlegt nogal Mongoolse trekken heeft en toch ook lid is van de sekte.

In die dubbelheid treedt tegelijk het 'probleem' van Paul Morand naar voren. Na de oorlog werd hij voorgedragen voor de Académie Française maar zijn benoeming werd lange tijd tegengehouden door generaal De Gaulle, vanwege zijn steun aan het Vichy-regime. Jarenlang leefde hij als baling in het buitenland waar hij ondertussen het ene boek na het andere schreef. Ik ben in ieder geval onder de indruk van dit Ouvert la nuit en benieuwd naar de tegenhanger van dit boek, Fermé la nuit.

woensdag, december 14, 2011

Kuifje en het geheim van de eenhoorn

Met mijn beide broers ga ik in Den Haag naar Kuifje en het geheim van de eenhoorn, in 3D. Als echte Kuifje-fans genieten we volop. Van de kleine grapjes zoals aan het begin van de film als Kuifje-tekenaar Hergé als straatartiest een protret schildert van Kuifje op de rommelmarkt. De blikjes krab waarmee Bobby één van de schurken laat struikelen aan het einde van de film die uit het album De Krab met de Gulden Scharen komen. Drie boeken werden verwerkt tot deze speelfilm, de twee al in dit stukje genoemde en De schat van Scharlaken Rackham. Van dat laatste boek is het minst terug te vinden en tegen het einde van de film verzinnen de scenarioschrijvers er steeds meer zelf bij. Maar dat is niet erg, want wat er bij verzonnen is is echt film en echt 3D. In het grootste deel van de film voegt het driedimensionale niet veel toe, maar in de achtervolging van een valk door Kuifje komt het 3D-effect het meest tot zijn recht. Genieten deze film.

zaterdag, december 10, 2011

Dansateliers: Double Trouble

Soms is er een voorstelling waar je niets van begrijpt. Dat hoeft niet altijd erg te zijn als je geboeid bent door de beelden of door prachtige, knappe dansbewegingen of imponerend acteerwerk. Helaas kon ik in de nieuwe voorstelling van Densateliers, Double Trouble, weinig ontdekken dat mij boeide of raakte. De makers hebben een indrukwekkende staat van dienst en prijzen gewonnen maar in de twee stukken die ik gisteravond zag kon ik de reden daarvoor niet ontdekken. Wat heb ik gezien of wat heb ik gemist?

De eerste van de twee These little nothings van de Griekse choreografe Valasia Simeon toont vier dansers, twee mannen en twee vrouwen, op een grijze vloer tegen een grijze achterwand. Ze bewegen langzaam alsof de lucht om hen heen stroop is, worstelen zich naar voren en naar achteren op minimale muziek. Klanken alsof een geluidsinstallatie rondzingt. Uiteindelijk gaan de bewegingen sneller en rennen de spelers heen en weer, van voren naar achter.

De tweede voorstelling Wholehearted van de Israëlische choreograaf Mor Shani is volgens de flyer een ode aan het geloof, voor ons allen, voor de overgave. We zien drie mannen op een witte vloer. Achter hen op de zwarte achterwand is in witte letters zin voor zin een verhaal te lezen over een moeder en zoon. De moeder vertelt haar zoon dat hij uniek is, de zoon wil liever niet uniek zijn want dan is hij alleen. Wat verhaal en dans met elkaar te maken hebben werd mij niet duidelijk. De drie mannen omhelzen elkaar, zakken door de knieën, staan te trillen op hun benen en bewegen solistisch door de ruimte om aan het einde weer samen te komen. Ondertussen hebben ze zich langzamerhand van hun kleren ontdaan en zijn ze piemelnaakt. Er zijn beelden die overduidelijk troost uitdrukken, de mannen zijn kwetsbaar en aandoenlijk, maar ik vind het moeilijk duiding te geven aan het geheel. Dit stuk wordt eveneens met eentonige muziek begeleid, lange synthesizer- of orgeltonen.

Is het omdat ik weinig dansvoorstellingen zie? Ik denk van niet. Ook zonder voorkennis moet een voorstelling kunnen aanspreken naar mijn mening. Dat beide voorstellingen een zelfde langzaam tempo en een zelfde soort muzikale begeleiding hebben maakt dat de avond nog langer duurt. Naar mijn idee is het applaus van het publiek dat waarschijnlijk voornamelijk uit dansliefhebbers bestaat voor beide stukken tamelijk mat. Ik heb geen geduld om de nabespreking te blijven volgen. Misschien had ik dat moeten doen om meer over de bedoelingen van de makers te weten te komen. Maar daar heb ik geen zin meer in. Enigszins teleurgesteld fiets ik naar huis.

donderdag, december 08, 2011

Paniek

Ik fiets op de Vlietlaan en ik heb geld nodig. Even denk ik dat de pinautomaat er niet meer is maar gelukkig, op de hoek met de Oudedijk is nog steeds de oude vertrouwde pinautomaat aanwezig. De winkel op de hoek is al minstens tien keer van eigenaar veranderd, de pinautomaat is dezelfde gebleven.

Ik controleer mijn saldo, iets wat ik eigenlijk nooit doe als ik geld pin. Meestal weet ik wat er zo ongeveer op mijn rekening staat en controleer ik mijn saldo alleen op het web. Ik schrik. Zevenendertig euro. Dat zou toch veel meer moeten zijn. Ik heb mijn salaris pas binnen, er is extra gestort als eindejaarscadeautje. Dit kan toch niet.

Ik denk na. Het schiet me te binnen dat mijn Delftse collega op Twitter meldde dat haar bankpas is geskimd, zoals dat zo mooi heet. De mijne ook, denk ik. Ik heb woensdag bij het station Delft nog een tientje uit de muur getrokken. Zou mij dan hetzelfde zijn overkomen? Waarom heb ik ook gepind in Delft? Ik had nog wat geld van mijn verjaardag in een enveloppe. Dat had ik makkelijk mee kunnen nemen.

Hoe langer ik onderweg ben hoe meer mijn hersenen beginnen te malen. Ik moet mijn boodschappen afmaken maar tegelijk wil ik onmiddellijk naar huis. Om mijn rekening te controleren en indien nodig mijn pas te blokkeren. Nu is er duizend euro afgeschreven, het maximum per dag, maar als dat gisteren is gebeurd dan is de boef, die ik me voorstel als een van de zware jongens uit Duckstad, nu misschien bezig opnieuw duizend euro van mijn rekening te incasseren.

Zo raakt mijn hoofd steeds meer op hol en vergeet ik bij de lampenwinkel mijn sleutel uit het fietsslot te halen. Gelukkig wordt die niet ook nog eens gestolen. Gehaast fiets ik uiteindelijk naar huis. Ik log in op de website van mijn bank en controleer de afschrijvingen.

Loos alarm. Een storm in een glas water. Het collegegeld van mijn jongste dochter is afgeschreven en een groot aantal maandelijkse betalingen, hypotheek, VVE, ziektekostenverzekering. Geen onverwachte en grote bedragen opgenomen bij een onbekende pinautomaat in Delft. Ik haal opgelucht adem na een paar benauwde uurtjes.

dinsdag, december 06, 2011

Jacoba van Velde: De grote zaal


Vorig jaar was De grote zaal het boek door Nederland Leest was uitverkoren om in grote getale te worden uitgereikt in november. Ik heb niemand zien staan discussiëren op straathoeken of in bibliotheken over dit boek, maar het is zeker een tijdloos en daarmee tegelijk actueel boek. Hier en daar wat ouderwets en duidelijk een product van de tijd waarin het werd geschreven, maar nog steeds een universeel portret van het ouder worden.

Lang geleden las ik al Een blad in de wind en was daar erg van onder de indruk. Vandaar dat ik vorig jaar november mijn dochter naar de bibliotheek stuurde om dit boek af te gaan halen. Helaas was net het Lezersfeest geweest en waren alle exemplaren die de bibliotheek had uitgedeeld. Gelukkig vond ik op de school waar ik dramales geef een hele doos vol overgebleven exemplaren van De grote zaal,vandaar dat ik het nu toch nog, met een jaar vertraging, heb gelezen.

Op de achterkant van het boek kijkt een jonge Jacoba van Velde je met een beetje half geloken ogen aan. Meer een filmster dan een schrijfster. Ze begon dan ook als danseres, vertrok naar Parijs om dansen te leren, danste in het Berlijn van voor de tweede wereldoorlog en leefde daarna lange tijd in Parijs, net als haar twee broers, de schilders Geer en Bram van Velde. Ze bezorgde Samuel Beckett contracten bij goede uitgeverijen in Parijs en Nederland en was een tijdje zijn agent tot ze zelf meer wilde schrijven. Dat resulteerde in een klein oeuvre van korte verhalen en twee niet al te dikke romans waarvan De grote zaal een wereldsucces werd (The Big Ward, La grande salle).

De grote zaal gaat over Geertruide van Veen die na een attaque is opgenomen in een rusthuis. In eerste instantie kan ze niet meer spreken en haar been doet pijn, ze kan er niet op staan. Gelukkig is haar dochter Helena aanwezig als ze de beroerte krijgt en zij zorgt er voor dat ze in het rusthuis terechtkomt. Maar Helena kan niet blijven, ze is getrouwd en woont in Parijs met haar man Jean.

Het is een indrukwekkend portret van de onttakeling van het ouder worden en de angst voor de dood. Jacoba van Velde was er al vroeg van overtuigd dat het leven kort is en leidt tot de dood waarna het absolute niets volgt. Daarom kun je maar beter iets van je leven maken, was haar filosofie. Het inkzwarte van de zwarte tunnel waar de hoofdpersoon uiteindelijk in zal verblijven is in zekere zin een tijdsbeeld, de tijd van het existentialisme, maar tegelijk oprecht en eerlijk. De stijl is ook eerder Hollands-realistisch dan absurdistisch zoals het werk van Beckett waar het tegelijk verwantschap mee heeft.

Ik lees de boeken in de serie Nederland Leest die ik nog niet al had gelezen, altijd met een vertraging van ongeveer een jaar (en de eerste heb ik gemist), maar dit is tot nu toe wat mij betreft het hoogtepunt in de serie van zes sinds 2005. Iedereen moet dit boek lezen.

Een mooi radioprogramma over Jacoba van Velde is te beluisteren op de boekensite van de vpro: http://boeken.vpro.nl/personen/22543805/

maandag, december 05, 2011

Rotheater: Branden

Wegens groot succes speelt het Rotheater nogmaals het stuk Branden dat ook al in de filmversie Incendies een groot succes was op het IFFR. Toen het stuk in première ging kwam ik tien minuten te laat bij het eigen theater van het Ro aan de William Boothlaan aan. Ik verwachtte dat ze zoals meestal om kwart over acht zouden beginnen,maar de aanvangstijd was vervroegd voor dit lange stuk. Naderhand hoorde ik allemaal lovende geluiden over de voorstelling en was natuurlijk teleurgesteld dat ik hem gemist had. Nu dus de herkansing.

Branden speelt in een niet nader genoemd Noord-Afrikaans land waaruit de moeder van een tweeling is ontvlucht naar een niet nader genoemd Westers land. Daar sterft ze na vijf jaar lang niet te hebben gesproken. De tweeling wordt van de dood van hun moeder op de hoogte gesteld door de executeur-testamentair die hen een jasje, een schriftje en twee brieven overhandigd. De ene brief is voor de dochter, Jeanne,de andere voor de zoon, Simon. Ze moeten naar hun vader en naar hun broer worden overgebracht. Zo luidt de laatste wil van de moeder.

Zo begint een speurtocht naar het verleden van de moeder. In het stuk worden beide verhalen door elkaar heen gespeeld. De speurtocht van de moeder naar haar verloren eerste kind,de vrucht van een onmogelijke liefde. De speurtocht van de kinderen naar hun doodgewaande vader en naar hun onbekende broer.

Eerlijk gezegd zijn er in de voorstelling van het Ro theater een aantal spelers die het amateurniveau niet ontstijgen, maar tegelijkertijd maakt ze grote indruk. Door het aangrijpende verhaal en door het prachtige spel van Fania Sorel, altijd één van de sterspelers van het gezelschap. In een simpel decor van een paar doeken en op een vloer van donkere aarde ontrolt zich het gruwelijke verhaal van de moeder en haar vriendin, de mythische 'vrouw die zingt'.

Juist het mythische,epische en tragische van deplot maakt dat je tot in je ziel en in je hart geraakt wordt door het verhaal, meer dan een nieuwsbericht op radio of tv dat doet.Daarmee toont dit kunstwerk de oorlog aan de andere kant van de wereld en daarmee tegelijk op een prachtige manier de kracht en de noodzaak van kunst. Kunst kan ons raken op een manier waarop de realiteit dat soms haast niet meer kan.

zondag, december 04, 2011

The Suzannes terug in Enschede

Met een reünie-optreden in De Melkweg kwamen The Suzannes voor het eerst na twintig jaar weer bij elkaar en toen dacht ik dat het het beste zou zijn om slechts één keer in de tien jaar opnieuw bij elkaar te komen. Het tweede reünie-optreden was dan ook tien jaar later, in Enschede tijdens een Nobo-sessie in een tent op de markt. Toen Tull de bassist ons vroeg om vorig jaar alweer op te treden had ik in eerste instantie niet zo'n zin. Liever opnieuw tien jaar wachten. Als we er dan nog allemaal weer zouden zijn. De andere Suzannes en mijn vrouw overtuigden me het toch te doen en het resultaat was The First Suzannes Punk Orchestra, met blazers, toetsen en ukelele, in Woerden vorig jaar. Onze originele drummer, Klaas Sikkema, was toen onverwachts afgehaakt. Hij speelde al geen drums meer sinds hij Twenthe verlaten had en had weinig trek in veel oefenen voor één optreden.

Het punkorkest smaakte naar meer dus toch maar weer toegezegd voor een nieuw optreden. Ditmaal op het alumnifeest van de Universiteit Twente. Het wanneer en waar was nog niet zo makkelijk te bepalen, maar uiteindelijk werd gekozen voor de opening van de schilderijententoonstelling van alumnus Toon den Heyer. Die zou plaatsvinden in de Vrijhof waar we ooit nog eens in een boksring hadden opgetreden. Maar de tentoonstellingsruimte was een galmbak en elektrisch versterkt daar spelen leek niet zo'n goed idee. Ook de afstand Schoorl-Enschede is nogal groot, de toetsenist/ukelele-speler Willem was jarig, dus werd besloten om een country-folk-punk-optreden te doen, bijna akoestisch, met elektronisch drumstel en elektrische bas. Daarbij dobro, ukelele, accordeon en akoestische gitaren.

Afgelopen zaterdag was het zover. Voor een gigantische kakelende massa alumni speelden we onze set. The Suzannes zagen er niet uit als echte standaard alumni. Ook kunstenaar Toon den Heyer niet. Maar het overgrote deel was uitgedost in colbert met of zonder stropdas. De jaren waarin wij studeerden, eind jaren zeventig, waren overduidelijk ondervertegenwoordigd. Behalve Toon en Goos van Vliet heb ik geen enkele oude bekende uit de tijd dat The Suzannes triomfen vierden, gezien.

Foto: Goos van Vliet.

zaterdag, december 03, 2011

Wunderbaum: Onze paus

Waarom heeft het theatergezelschap van Wroclaw het stuk Onze Paus van Arnon Grunberg geweigerd. Dat is de grote vraag waarover het programmaboekje gaat dat de toeschouwer van te voren krijgt uitgereikt. Vond de artistiek leider het gewoon een slecht stuk? Was ze geshockeerd door de belediging van de Poolse paus of het Poolse volk? Had ze het hele stuk niet gelezen maar alleen een samenvatting gezien zoals ergens wordt gesuggereerd. En wat was de bedoeling van Arnon Grunberg met dit stuk? Wilde hij de Polen provoceren?

Het antwoord zal altijd wel onduidelijk blijven, maar nu is er in ieder geval een opvoering door Wunderbaum. Een hilarische voorstelling met geweldige slapstickmomenten en een beetje een krakkemikkige constructie. Het tegendeel van een well-made play is Onze Paus. Maar de leden van Wunderbaum zijn net als ik fans van Grunberg, ik ben tevens fan van Wunderbaum, en de plots van zijn boeken zijn meestal ook niet al te strak gecomponeerd,  en alle bekende Grunberg-thema's komen aan de orde. Troost, geweld, misverstand.

Guillaume van Rompuy is een Vlaamse universitair docent Nederlands. Hij vindt in Vlaanderen geen werk en gaat, op aanraden van zijn moeder, naar Polen om aan de universiteit van Wroclaw te werken. Zijn vriendin vergezelt hem. Van Rompuy en zijn vriendin verdwalen in een kafkaëske nachtmerrie, waarin ze hun lot ondergaan en een pijnlijke weg afleggen naar iets onbestemds.

Twee scènes verdienen het om apart genoemd worden. De scène waarin Van Rompuy van zijn fiets valt (zonder fiets) en zijn tanden breekt op het plaveisel, en de scène waarin de tandartsassistente zichzelf aanbiedt als nieuwslezeres om de kijkers gelukkig te maken, kronkelend over de vloer met een geweldige beheersing van haar lichaam.

Wunderbaum maakt van het weerbarstige stuk dat voor een groot deel uit prozatekst bestaat, een enerverende belevenis. Het is het eerste stuk dat ze doen op een bestaande tekst en bewijzen hiermee van alle markten thuis te zijn.

vrijdag, december 02, 2011

Jeff Lindsay: Darkly dreaming Dexter

Darkly dreaming Dexter is de novelle waarop de populaire televisieserie Dexter is gebaseerd. Een serie over een seriemoordenaar die enkel slechte mensen vermoord, ondertussen als bloedanalist werkend voor de politie van Miami. Iedere keer als ik naar de serie keek verscheen tijdens de leader de tekst "Based on the novel Darkly dreaming Dexter" waardoor ik zo langzamerhand benieuwd werd naar dat originele verhaal.

Na lezing blijkt dat het boek in grote lijnen overeenkomt met de serie. Dexter is een enigszins autistische,getroubleerde persoonlijkheid die moet moorden. Door zijn adoptievader is dat gebrek snel onderkend en hij heeft een oplossing bedacht voor Dexter. Hij moet slechte mensen vermoorden die niet door het gerecht gestraft kunnen worden. Zo kan hij zijn slechte neiging ten goede gebruiken.

Alle belangrijke personages die een hoofdrol spelen in de serie, komen in het boek ook voor. een verschil is dat één van die hoofdpersonen in dit boek om het leven komt. De scenarioschrijvers van de serie zullen gedacht hebben dat het jammer was om die te moeten missen.

Het is een spannend boek, een echte thriller met goede plotwendingen. Dexter denkt dat hij in zijn dromen wel eens onschuldige hoertjes vermoord zou kunnen hebben. Tegelijkertijd probeert hij zijn zus Deb aan promotie te helpen door haar aan clues te helpen. Daarmee werkt hij zichzelf in de nesten en komt hij achter een onverwacht geheim over zichzelf.

Niet het soort boeken dat ik vaak lees, maar voor tussendoor en voor de ontspanning zeker niet slecht. Je leest het in één ruk uit.

donderdag, december 01, 2011

OT Theater, Romana Vrede: Will

Is het omdat ik al twee voorstellingen heb gezien waarin acteurs zichzelf spelen of omdat mijn verwachtingen te hoog gespannen zijn dat de voorstelling Will van Romana Vrede, het slotstuk van het ATFR 2011, me enigszins tegenvalt?

De boodschap is sympathiek, de vorm is mooi met allemaal stapeltjes aardappelen op de toneelvloer en de thematiek, kunst moet behouden blijven en daar is geld voor nodig, raakt me zeker, maar het stuk eindigt me te plotseling en daardoor blijft de uiteindelijke boodschap of zin er van op de één of andere manier in de lucht hangen.

Ik vond Romana Vrede tijdens Nederland Schreeuwt Om Cultuur op het Rotterdamse Schouwburgplein de meest indrukwekkende van alle sprekers daar verzameld. Een oprechte hartekreet klonk daar.

Dit stuk is in vergelijking daarmee meer een toneelstukje. Goed gedaan, dat zeker. Met behulp van stapels aardappels maakt ze duidelijk hoe de koek verdeeld is in Nederland en dat wat er voor kunst en cultuur beschikbaar is maar een miniem stukje is. Dat er van dat kleine ministukje aardappel best wat meer mag overblijven en dat er niet zo rigoureus bezuinigd zou moeten worden.

Maar aan het einde speelt ze dan toch plotseling weer een rol, de rol van Will die met een geweer de kunst om zeep helpt. Waarbij de vraag naar boven komt of een acteur verantwoordelijk is voor de rol die die speelt? Is wat Will doet de visie van Romana Vrede op Halbe Zijlstra of Wilders en mag ze dat zeggen of denken?

Maar misschien is dat juist de functie van kunst. Ons in verwarring achterlaten.