woensdag, december 31, 2008

Een knallend uiteinde

Een knallend uiteinde, een goed begin en een heel gelukkig nieuwjaar gewenst.

Klik op het plaatje voor een vergroting.

dinsdag, december 30, 2008

Rotheater: Het Misverstandt

Ik heb geen flauw idee wat Het Misverstandt is uit de titel van dit nieuwe stuk van Peer Wittenbols en waar dit stuk over gaat, gespeeld door het Rotheater in een regie van John Buisman. Waar zitten we eigenlijk naar te kijken? Naar vier door elkaar of achter elkaar gemonteerde verhalen. Het eerste verhaal gaat over God. Hij is klaar met de schepping en wil graag uitrusten maar zijn schepping is niet klaar met God en wil van alles van hem weten, met name over wat er na de dood met je gebeurt. Het tweede verhaal gaat over de Flying Devils,een ontroerend circusverhaal over een trapezefamilie, een vader, zijn zoon en hun schoonzus/tante, na de dood van de vrouw/moeder. Het derde verhaal gaat over een buikspreker met buikpijn en zijn pop. Het vierde verhaal is eigenlijk geen verhaal en beslaat het gehele bedrijf na de pauze. Dat deel is een kameropera over Soep van de Dag. Een opera waarin niets gebeurt. Eén langgerekte grap over het verschijnsel Soep van de dag.

Maar genoten heb ik wel. Van de ontroerende momenten, van de teksten van Wittenbols, van de flauwe grappen en van het spel van de acteurs, en van het orkest o.l.v. Keimpe de Jong. Vooral van René van 't Hof, maar ook van Jack Wouterse en Annet Malherbe.

Onwillekeurig dacht ik aan het einde: waar heb ik nu naar zitten kijken en welk gedeelte was nu beter? Vooral omdat het gedeelte voor de pauze niets te maken leek te hebben met het gedeelte voor de pauze. En omdat het gedeelte voor de pauze het gedeelte was van de lach en de traan en het gedeelte na de pauze het gedeelte was van de onzinnige lach. Van de Monty Python-achtige absurditeit. Maar de twee delen zijn niet te vergelijken.

Al met al een heerlijke avond uit.

donderdag, december 25, 2008

Harry Mulisch: Twee vrouwen

"Het is altijd gevaarlijk om een favoriet boek te herlezen," zo begint Annejet van der Zijl haar lofrede op Twee vrouwen, het boek van Harry Mulisch dat onlangs gekozen werd ter gelegenheid van Nederland Leest. Met mij was het precies andersom. Ik herinnerde me boek en film allebei als een drakerig verhaal. In haar lofrede vertelt Annejet dat de details haar nog steeds goed voor ogen stonden. Ik herinnerde me alleen het globale verhaal. Alle details was ik vergeten.

Van Harry Mulisch had ik toen ik Twee vrouwen las al veel gelezen. Achterin de Nederland Leest-editie staat een bibliografie en bijna alle boeken die voor 1960 door Harry Mulisch werden geschreven had ik gelezen, vooral verhalen en romans. In 1959 stopte Harry Mulisch met de publicatie van Het Stenen Bruidsbed schrijven van romans. Dat boek herinner ik mij als mijn favoriete boek van Mulisch. Daarna las ik nog een aantal losse studies en tijdgeschiedenissen zoals ze in de bibliografie worden genoemd. En toneelwerk, wat ik leuk vond om te lezen, maar mij nog steeds onspeelbaar lijkt. (Ik herinner me een televisieversie van Tanchelijn.)

In 1970 schreef Harry Mulisch weer eens een roman, De Verteller, die door de recensenten als onleesbaar werd bestempeld en ik geloof dat ik ook wel eens een poging heb gedaan het te lezen. Maar in 1974 verscheen dan Twee vrouwen. Ik begon het te lezen en ik weet dat ik me in zekere zin verraden voelde toen pas na vele bladzijden lezen achter kwam dat de hoofdpersoon van het boek een vrouw is! Ik was er omdat het boek door een man was geschreven automatisch vanuitgegaan dat de hoofdpersoon een man zou zijn. Ook nu moet ik zoeken om te ontdekken wanneer dat verschil naar boven komt.

Het verhaal over twee vrouwen die een kind willen vond ik maar niks en misschien begreep ik zelf op dat moment nog niet goed waarom mensen zo dolgraag een kind zouden willen. Nog steeds vind ik de manier waarop geprobeerd wordt dat kind te krijgen, een beetje vergezocht. Of misschien is het beter te zeggen: te dichtbij gezocht? Maar verder vind ik het boek nu een stuk beter dan toen. Het is inderdaad spannend en het houdt je in zijn greep, alhoewel ik het door Philip Freriks aangekondigde "bloedstollende einde" enigszins vind tegenvallen. Bloederig, dat wel, maar bloedstollend?

Al met al blijft de plot zelf toch een beetje een draak, een simpele liefdesroman, en zijn het de details en de sprongen heen en weer in de tijd die de spanning er tot het einde toe in houden. De vele spuitende fonteinen en daar aan referende symbolen zijn soms een beetje over-the-top, maar het gaat tenslotte om de Griekse liefde, een Sapphische ode aan de homoseksualiteit. Het boek begint niet voor niets met een citaat van Sappho:
    ... weer doorsidderde haar hart
    Eros, zoals de wind op de bergen in eiken valt

woensdag, december 24, 2008

Nationale Toneel: Hedda Gabler

Het eerste wat me opvalt op de publiciteitsfoto van Hedda Gabler door Het Nationale Toneel is dat Çigdem Teke, de actrice die Hedda speelt, 'mijn' lievelingsvestje draagt (zie foto). Maar dat is niet de enige reden dat ik naar Den Haag afreis om deze voorstelling te zien. Hedda Gabler is één van mijn favoriete theaterstukken. Ik heb het stuk al minstens vijf keer gezien. Begin tachtiger jaren in een klassieke versie voor twee gulden vijftig in de Twentse Schouwburg in Enschede de eerste. Het was een speciale aanbieding om mensen naar het theater te lokken en in mijn geval is deze opzet zeker gelukt. Daarna zag ik o.a. de versie van Jan Decorte (waar deze versie me in soms aan deed denken), van het Rotheater en van Marcelle Meulemans met Catherine ten Bruggencate (de mooiste die ik ooit zag). Deze laatste was een beetje zoals ik het zelf had willen doen. Hedda Gabler was namelijk ook het allereerste stuk dat ik zelf regisseerde in 1987.

Wat het mooie is aan deze nieuwe Hedda Gabler van Het Nationale Toneel, is dat je als het ware in het hoofd van de hoofdpersoon duikt. Ze kijkt bijna de gehele speelduur het publiek recht in de ogen. Verder is het tijdens bijna de hele voorstelling zo licht in de zaal dat ze iedereen ook kan aankijken. Veel is al geschreven door recensenten over het begin van de voorstelling. Die begint met de zelfmoord van Hedda. Het nadeel van dit krachtige begin is dat de voorstelling aan het eind een beetje wegkabbelt. Ook omdat deze Hedda maar één pistool heeft. Dat is aan het einde in handen van Eilert Lövborg. Maar dat is één van de weinige nadelen. Het decor is prachtig. Grote foto's met kogelgaten aan de wanden. Kil tl-licht verlicht de personages die voortdurend aanwezig zijn en verspreid staan in de ruimte. De kostuums vond ik wat minder, maar het spel goed. Niet echt uitschieters maar iedereen vervulde zijn rol in goed ensemblespel. Als regisseur merkte ik dat ik benieuwd was naar de vondsten. Het aanzetten tot drinken van Lövborg, het feest, het vernietigen van het manuscript van Lövborg. Al die momenten waren erg sterk en spannend. Ook was het stuk goed ingekort. Een mooie Hedda Gabler.

Als ik na de voorstelling nog wat sta te drinken in de foyer komt
Çigdem Teke binnen. Ze heeft net als ik het Carrhart-vestje aan. Het is overduidelijk ook haar lievelingsvestje. Ze herkent mij onmiddellijk als de man met hetzelfde vestje.

zondag, december 21, 2008

Karper

De karper leeft nog als ik hem koop. De man die er uitziet als een stoere zeebonk, tatoeage in de nek en gouden ring in zijn oor, durft hem niet dood te maken. Hij kijkt angstig als hij aan de vrouw naast hem vraagt of zij het beest voor hem wil doodmaken. Een stoere en stevige tante met een blauw schort voor. Die durfde de vis wel bij de staart op te pakken om hem te wegen. De vis weegt een kilo of drie en kost vijftien euro. 4,75 de kilo. Van tijd tot tijd wipt hij op in de bak. Hij leeft nog, dat is duidelijk. Schoonmaken?, heeft ze me gevraagd. Ja, en de kop er af, antwoord ik. Verser dan dit kan niet, zegt weer een andere vrouw tegen me. Een slanke blonde die bezig is met een andere klant. Uiteindelijk wordt een jongen gevonden die het beest te lijf durft te gaan. Uiterlijk van het type student van de Erasmus Universiteit. Donkerblauwe trui en donker krullend haar. Hij pakt het beest bij de staart, legt hem op de plank om hem schoon te maken. Dan geeft hij de vis enkele klappen op de kop met de botte kant van het mes. Vervolgens maakt hij de vis schoon, een bloederig karweitje. De bebloede plastic zak met de vis er in rolt hij in papier en dan doet hij er nog een extra plastic zak om heen. Ik leg de vis in mijn tas, koop op de hoek van de rij viskramen nog een bokking, en fiets er mee naar huis.

Thuis aangekomen besluit ik de vis in twee delen te snijden alvorens hem in te vriezen. Vandaag eten de meiden soep en mijn vrouw en ik niet in eigen huis. Ik haal de vis uit de verpakking en leg hem op het aanrecht. Ik zie dat de kop niet is verwijderd op de markt. Die zit er nog aan. Ik spoel het bloed weg in de gootsteen en pak dan een mes om het beest doormidden te delen. Dat gaat nog niet makkelijk. De middelste graat is behoorlijk dik en taai en stevig. Maar het lukt me. Als dat gebeurt is gebeurt er iets vreemds. De helft waar de kop nog aan zit maakt opnieuw een stuiptrekking alsof het beest nog steeds leeft. De afgehakte staart ligt er stilletjes bij. Ik schrik er ook even van. Dan hak ik tenslotte het beest zijn kop af. Dood.

donderdag, december 18, 2008

Emmanuel Carrere: Un roman russe

"Als dit een roman was..." schrijft Emmanuel Carrere aan het einde van zijn boek en vervolgt: "...maar dit is geen roman."
Een franse roman die als titel Een russische roman heeft meegekregen. Dat inrigeert. Het is het vierde boek dat ik lees van Carrere. Na De Sneeuwklas, L'Adversaire en Hors d'atteinte. De eerstgenoemde twee vond ik fantastisch (allebei in zekere zin over een moordenaar), het derde en oudste van de drie matig. Deze roman zit er ergens tussen in. Zoals het zich ergens tussen een egodocument en een roman beweegt. Gedeelten zijn pure fictie, gedeelten zijn pure autobiografie, en de gedachten van de hoofdpersoon die net als de schrijver Emmanuel Carrere heet, zijn niet de ideeën van een romanpersonage, maar van de schrijver zelf.
Na het schrijven van L'Adversaire gaat de schrijver met een filmploeg naar het kleine Russische plaatsje Kotelnitch om er een reportage te maken over een Hongaarse man die tijdens de Tweede Wereldoorlog is verdwenen en in Kotelnitch wordt teruggevonden in een psychiatrische inrichting. Vlak voor zijn vertrek is de schrijver verliefd geworden en een relatie begonnen met Sophie. Ten derde heeft hij Russische voorouders en is zijn eigen grootvader verdwenen op een soortgelijke wijze als de teruggevonden Hongaar. Spoorloos van de aardbodem verdwenen.
Deze verschillende verhalen worden door de hoofdpersoon met elkaar verbonden. Het is het verhaal van de liefde tussen hem en Sophie die door jaloezie kapot wordt gemaakt. Er is het verhaal van zijn verdwenen grootvader dat niet verteld mag worden. En er is de geschiedenis van Sacha en Ania in het plaatsje Kotelnitch.
Aan de ene kant heb ik het idee dat de schrijver in dit boek teveel tegelijk wil vertellen, maar aan de andere kant zijn er vele mooie verhalen die hij vertelt. Ook is het goed beschreven hoe het personage van de hoofdpersoon verandert. Soms paranoïde, dan weer begripsvol. Een veelzijdige roman.

woensdag, december 17, 2008

Nog een keer Lady Macbeth

Uit het juryrapport van het Eenakterfestival 2008

Kijk, zo gebruik je het zaaltje van ´t Kapelletje nog eens optimaal. Het toneeltje achterin in het halfduister is de plek waar de zes spelers zitten als ze niet ´op´ zijn en waar ze zich verkleden voor de vele dubbelrollen. Ook de coulissen zijn open, dat is mooi ruimtelijk. Links op het voortoneel zit de zevende speler, Patrick Bruggeman, achter de piano - het enige decorstuk – hij verzorgt de live muziek, die het verhaal spannend omklinkt. Mogen we dit stuk wel een eenakter noemen? Bijna het hele verhaal van Macbeth ontrolt zich voor onze ogen, te beginnen met drie geweldige heksen! De grote M met tape op de grond geplakt is decoratief én effectief: zo weten de spelers waar de rode spot op gericht staat. Er is veel zorg besteed aan de vormgeving. Ik genoot van de strak doorgevoerde schotse ruitjes, tot aan de pantoffeltjes aan toe! Fijn, iedereen in kilt in dit Schotse stuk. Wat wordt er goed, snel en met veel speelplezier geacteerd! Wat mooi om de dood van Banquo terloops op het achterplan te laten plaatsvinden terwijl de Macbeths op de voorgrond hun machtsgrepen aan het bekokstoven zijn! Wat een goeie verschijningen uit de grote kookpot: mooie, enge poppen, goed buikgesproken! En wat heerlijk om een ervaren speler als Henk Derksen zo rustig en daardoor zo geestig zijn teksten te horen zeggen in al zijn rollen. De bekroning als Beste Speler is daarmee verdiend. Chapeau voor regisseur Fedde Spoel, de vormgeving en de spelers, die de nominatie als Beste Stuk van harte kregen toegekend!
Gerda Roest

Het is een buitengewoon knappe bewerking van de meest duistere tragedie van William Shakespeare geworden. KRT en de regisseur Fedde Spoel hebben voor een zeer geestige bewerking en vormgeving gekozen die vooral het theatrale benadrukte. Met name het macabere en buitengewoon geestige spel van de heksen gaf voldoende contrast tegen het lugubere gegeven van de tragedie zelf. Mijn complimenten hoe jullie de balans hebben gehouden tussen theatrale frivoliteiten en dramatische ernst. William S. zou er content mee geweest zijn. Jammer was dat de rol van Lady Macbeth, toch de titelrol in deze bewerking, niet extra nadruk en importantie kreeg. Haar duivelse karakter had ook in spel theatraler en daardoor ook gevaarlijker kunnen worden. Dat we hier met een geslaagde voorstelling te maken hebben, komt vooral door het voortreffelijke ensemblespel, de vele dubbelrollen, de vaart in de scènes en de overgangen en ook door de muzikale ondersteuning. Juist door terug te grijpen op klassiekers weet hier amateurtheater niet onder te doen bij het professionele werk en is naar het theater gaan ook gewoon weer een feestje. Dank daarvoor.
Mart-Jan Zegers

Van het ook genomineerde Lady Macbeth , door KRT, kan grotendeels hetzelfde worden gezegd als van prijswinnaar Koningen en Goden van Boast. Ook hier een knappe, vindingrijke bewerking, aankleding en enscenering. Helaas ontbrak het soms aan verstaanbaarheid. Zo niet bij Henk Derksen, wiens rustige en precieze acteren een zalfje voor de ziel was, vandaar zijn bekroning als Beste Acteur.
Ton Vorstenbosch

dinsdag, december 16, 2008

Charley Toorop, vooral geen principes


Een intrigerende persoonlijkheid, dat is Charley Toorop. Zoals ze ons streng aankijkt vanaf haar vele zelfportretten. Langzaam ouder wordend van de ene zaal naar de andere. Sommige schilderijen zijn overbekend, iconen bijna, maar in Museum Boijmans van Beuningen hangt nu een grote collectie bij elkaar. Niet alleen het overbekende werk, maar ook stillevens, havengezichten en bloeiende appelbomen en perenbomen. Als een kapitein op een schip voert ze haar kinderen aan, op weg naar een veelbelovende toekomst, zo lijkt het althans. Haar zoon Edgar wordt net als haar vader en zijzelf ook schilder. Wat er van de andere kinderen wordt vermeldt de tentoonstelling niet. Wel dat het moeilijk is vrouw te zijn, moeder te zijn, als je veel talent hebt en ook schilder wilt zijn.

maandag, december 15, 2008

Sarah Moeremans: Alleen in je wereld

Een gekke voorstelling. Dat is het. Alleen in je wereld gaat over sociale codes. Drie mannen en een vrouw draaien om elkaar heen. Op zoek naar liefde. Op zoek naar aandacht. Eigenlijk zoals ieder normaal mens, maar in deze voorstelling is niets normaal. De liedjes niet, want het is een muzikale tragikomedie, en de personen niet. Niels is veel te klein, Michael doet net iets te cool, Bibi is net iets te sexy en haar broer is homo maar heeft als beste vriend een leguaan.

Er is veel te lachen en toch is het dramatisch wat er hier gebeurt. Geen van de vier vindt wat-ie zoekt. Mooi is het verschil in speelstijlen. Knap wordt er geswitcht van de ene speelstijl naar de andere. Soms wordt er zelfs zeer abrupt van het ene in het andere overgegaan. Hangt Bibi op het ene moment huilend bovenop een grote trap tijdens een spel, het volgende moment lijkt het of er niets is gebeurd en neemt ze zelf het heft in handen als Bibi Rocks, een streng manwijf dat elke man er onder krijgt.

Ik had nog nooit van Sarah Moeremans gehoord, maar dit is een bijzondere voorstelling. Nog tot en met 20 december 2008 te zien in de Rotterdamse Schouwburg.

vrijdag, december 12, 2008

Brievenbus

Ik sta in de regen om het pakje te posten. Voor station Delft. Ik ben onderweg naar mijn band, Het Gebroken Oor, maar loop snel naar de voorkant van het station om er voor te zorgen dat mijn pakje op tijd zijn bestemming bereikt. De brievenbus voor het station staat net niet meer onder de overkapping in de regen te glanzen. Het is koud. Het is nat. Ik sta te hannessen met mijn elektrische gitaar die ik liever niet op het natte wegdek wil zetten. Het pakje gaat niet makkelijk naar binnen. Net iets te dik lijkt het, maar met een weinig duwen lukt het me toch het er in te krijgen. Op het moment dat ik het weg voel glijden zie ik dat ik de verkeerde gleuf heb gekozen. Lokale post in plaats van interlokale post. Nu hoop ik maar dat het pakketje toch nog op tijd komt.

maandag, december 08, 2008

Muziek

Sinterklaas is vertrokken en buiten is het koud. Ik fiets over de donkere Oostzeedijk westwaarts, andere fietsers inhalend, manoeuvrerend over de tramrails. Een boze automobilist toetert naar me omdat hij er voorbij wil maar even later staan we voor hetzelfde stoplicht te wachten. Mijn nieuwe handschoenen zijn lekker warm. Onderweg luister ik naar Heer Bommel en de Geweldige Wiswassen. Niet naar één van de drie cd's die ik van Sinterklaas gekregen heb want die heb ik thuis alledrie al driemaal afgespeeld. Elliot Smith (zijn postume cd From a basement on the hill, tip van een vriendin van mijn oudste dochter), Oasis (Definitely Maybe, allereerste cd van ruziënde broertjes) en (na ruilen bij de cd-winkel omdat ik tweemaal dezelfde Oasis had gekregen) Sweetheart of the Rodeo van The Byrds met mijn vroegtijdig overleden countryheld (en drugsmaatje van Keith Richard) Gram Parsons.

vrijdag, december 05, 2008

Slapende chinezen



Bij de Oude Plantage staat een auto met daarin twee slapende Chinezen. Een man en een vrouw. Rond de dertig jaar oud schat ik. De voorste twee zijramen staan op een kiertje open voor de frisse lucht. Op de achterste zijramen zitten zonneschermen geplakt met vrolijke figuurtjes waaruit ik opmaak dat de man en vrouw kinderen hebben. De kinderen zijn niet aanwezig. Het is zaterdagmiddag. Rond het middaguur. Midden op de dag en niet echt een moment om te gaan slapen.

Het lijkt het begin van een roman.

Backstage

Ik ben een avond lang stagemanager in het auditorium van Museum Boijmans-van Beuningen. Op de één of andere wijze is een stelletje de gang binnen geglipt, voorbij de dames die voor de ingang naar de zaal staan. Ik houd ze tegen voordat ze de zaal binnen gaan en breng ze vriendelijk terug. Ik leg uit dat de volgende lezing snel zal beginnen en dat ze dan van harte welkom zijn. Terwijl ik ze terugbreng komt een ander stel haastig aanlopen. Ik vraag de man en zijn veel te jonge vrouw wat ze komen doen. "We are special agents from the CIA," bijt de man me enigszins gepikeerd toe en snelt met de jonge vrouw het zaaltje in het museum binnen dat wordt gebruikt als kleedkamer. Het blijkt de man te zijn die de volgende lezing geeft. Ik heb hem niet herkend en dat is geen wonder. Ik heb de man nooit eerder gezien of ontmoet. Hij was overduidelijk gepikeerd over het feit dat hij niet herkend werd.

Dan volgt zijn lezing. Tot mijn verbazing en tot verbazing van mijn Ex-collega maakt hij gebruik van een overheadprojector. De technicus heeft nogal wat problemen het ding te installeren en aan te sluiten. De lector legt een eerste sheet op de overhead en begint. Over Erasmus en Maarten Luther gaat het. Op de eerste rij zit zijn veel te jonge vriendin ademloos en bewonderend toe te kijken. Maar ook mijn Ex-collega en ik zitten ademloos toe te kijken. Deze man geeft blijk van zoveel kennis en eruditie over zijn onderwerp dat je wel vol bewondering moet zijn. Soms lijkt het of hij aan het voorlezen is maar dan laat hij zijn katheder weer in de steek en loopt naar het midden van het podium en vertelt zonder blaadje gewoon verder. Met zijn handen in de zakken en in het Engels wat niet zijn moedertaal is. Dat lijkt me eerder het Duits.

Ondanks dat ik ook gepikeerd ben door zijn onbeschofte houding bij binnenkomst feliciteer ik hem na afloop met zijn geweldige lezing.

Foto: Robert von Friedeburg

donderdag, december 04, 2008

De derde ronde

We zitten in de derde ronde van klas twee en vandaag deed ik de derde les van de eerste ronde van klas 1. Met de derde klas heb ik er ondertussen al een stuk of tien lessen op zitten.

Met de eerste klas heb ik de meeste moeilijkheden, maar vandaag ging het al een stuk beter. Ze zijn jong en ongeconcentreerd, wat nog eens verhevigd wordt door kerstrapport en Sinterklaas. Maar zoals hierboven beschreven gaat het al langzamerhand beter. Ik heb gebruik gemaakt van enkele tips van de Regisseuse met de Vlinderbril en dat heeft me goed geholpen. Met alle drie de groepen deed ik een oefening met een doos. Een zware doos, een lichte doos, een doos met breekbare inhoud, een doos met gevaarlijke inhoud (een slang). Die ging in alle drie de groepen erg goed.

Het blijft een vermoeiende en drukke dag, drie keer twee lesuren lang les geven een opgewonden pubers, maar ik krijg de slag te pakken. Aan het einde van de dag ben ik behoorlijk suf en zou ik het liefst een middagdutje willen doen, maar daar is nooit gelegenheid toe. Vanavond vroeg naar bed en lekker uitrusten, morgen uitslapen.

maandag, december 01, 2008

Murakami: Spoetnikliefde

Op donderdag 11 december organiseert Studium Generale een lezingenprogramma over Haruki Murakami. Drie lezingen over jazz, Japan en de grote stad. Vreemd genoeg associeerde ik Murakami nooit met jazz, maar eerder met popmuziek, voornamelijk door het boek Norwegian Wood, genoemd naar een liedje van The Beatles. Een boek dat elke Japanse scholier gelezen schijnt te hebben. Een tragische liefdesgeschiedenis die iedere verliefde jongere aan zal spreken. Dus toen ik dit boek, Spoetnikliefde, ter hand nam besloot ik eens te kijken welke muziek wordt genoemd. Dat is nogal wat. De vrouwelijke hoofdpersoon Sumire is vernoemd naar een lied van Mozart dat in het Japans Sumire heet, wat viool betekent. Haar geliefde, de zakenvrouw Mioe, is vroeger pianiste geweest, van klassieke muziek en de componisten en muziekstukken die voorbij komen (en dat zijn er nogal wat) zijn dan ook voornamelijk ontleend uit de klassieke muziek. Schubert, Bach (3x), Schumann, Mendelssohn, Poulenc, Ravel, Bartok, Prokovjev, Liszt (uitgevoerd door Martha Argerich), Vivaldi en Brahms (3x). Muziekstukken: La Bohème, de mooie blauwe Donau, Kunst der Fuge, de Moldau en het eerder genoemde lied van Mozart, uitgevoerd door Elizabeth Schwarzkopf en Walter Gieseking. De mannelijke hoofdpersoon, tegelijk de ik-figuur, heeft meer met popmuziek. Hij noemt Huey Lewis and the News, Marc Bolan (in de vertaling foutief gespeld als Mark Bolan), Bobby Darin en Astrud Gilberto. Het meest met jazz te maken hebben de referenties aan Jack Kerouac, de beatniks (door Mioe verbasterd tot spoetniks) en de zwarte Dizzie Gillespiebril die Sumire draagt.

Maar al dit voorgaande zegt nog bijna niets over de inhoud van het boek. Net als Norwegian Wood een mooie liefdesgeschiedenis. Er zijn duidelijk overeenkomsten. De ik-figuur die aan de zijlijn een liefde van zijn beste vriend(in) bekijkt. Sumire is verliefd op Mioe, zij niet op haar en de ik-figuur is verliefd op Sumire. Een onmogelijke driehoeksverhouding. De tragiek is minder groot, het einde minder tragisch. Mooi zijn de beelden van de spoetnik die als een hoopje metaal rondjes draait, oneindig cirkelend zonder ooit een doel te bereiken. Het beeld van het offer, de hond die geofferd moet worden, er moet bloed vloeien. En tenslotte de prachtige spannende scène met het reuzenradwaarin Mioe zit opgesloten. Opnieuw metaal, een cirkel, geen uitweg. Ik was na alle andere boeken van Murakami die ik heb gelezen (A wild sheep chase, Harboiled Wonderland and the End of the World, Norwegian Wood en Kafka on the beach) opnieuw diep onder de indruk van de kracht van zijn schrijven.