vrijdag, juni 27, 2014

Dichters

Er zijn T-shirts voor mannen en voor vrouwen. Beide T-shirts zijn knalroze. Een gedurfde keuze van Poetry International. Op de mannenversie staat: "Tot nu toe deed ik al mijn eigen stunts" en die tekst is van Alfred Schaffer. Op de vrouwelijke versie staat "Je bent zelf een helende eigenschap" van Julian Brolaski. Beide dichters verschijnen één voor één bij onze stand met boeken en andere artikelen van Poetry, zoals buttons, spiegeltjes, tassen en natuurlijk de roze T-shirts.

De eerste dichter wil zijn exemplaar ruilen voor een vrouwelijke versie van het shirt met zijn tekst. Voor zijn vriendin. Zelf gaat hij geen shirt dragen met een tekst van hemzelf, zegt hij. Liever geeft hij er eentje aan zijn haar. Of wil hij stiekem geen roze T-shirt aan? Hij ziet er stoer en mannelijk uit. Maar we moeten hem teleurstellen, want een vrouwelijke versie van het shirt bestaat niet. Hij neemt genoegen met de kleinste maat.

De tweede dichter komt met een T-shirtbon. Daarvoor wil hij graag een mannelijk exemplaar met zijn tekst. Voor zichzelf. Om te dragen. Maar die is er niet. Hij moet het doen met een vrouwelijk shirt in de grootste maat verkrijgbaar. Deze dichter ziet er vrouwelijk uit, tenger, met lang sluik haar tot op de schouders.

zondag, juni 15, 2014

Charles Palliser: De Quincunx

Een moderne roman die zich voordoet als een negentiende eeuwse. Dat is De Quincunx van Charles Palliser. Leest als een trein, als een boek van Charles Dickens of Alexandre Dumas, vol spannende intriges, gevangennemingen en ontsnappingen. De ontsnapping in een doodskist bijvoorbeeld, deed me onmiddellijk denken aan de ontsnapping van de graaf van Monte Cristo. Gecompliceerd is het verhaal ook. Alles draait om het negentiende-eeuwse rechtssysteem van Billijkheid en Rechtvaardigheid.

Om de erfenis van zijn grootvader John Huffam te verkrijgen moeten Mary, de moeder van de jonge master John en haar zoon, allerlei verschrikkingen doorstaan. Halverwege het boek overlijdt de moeder en moet John op eigen kracht verder. In dat opzicht lijkt John op een karakter als Oliver Twist. Maar omdat dit boek geschreven is in de tachtiger jaren van de twintigste eeuw vraag je je soms af of wat de hoofdpersoon beschrijft echt gebeurd is, of dat hij het fantaseert. De slechterikken die bij Dickens altijd slecht zijn, kunnen net zo goed aan de goede kant staan. Lijdt de hoofdpersoon niet aan een vorm van paranoia?

Een boek met een titel die je in een woordenboek moet opzoeken is voor mij niet bepaald aantrekkelijk. Maar eenmaal begonnen wordt je in dit boek meegezogen in het web van intriges. Een quincunx zelf is een figuur zoals je op de speelkaart vijf of een dobbelsteen aantreft. Ook is de quincunx aanwezig op de wapenschilden van de vijf families waar het verhaal om draait. Vijf delen, ieder van vijf hoodstukken, verdeeld in opnieuw vijf genummerde delen. Tezamen vijf keer vijf keer vijf is honderdvijfentwintig hoofdstukken.

Een briefschrijver schreef aan Charles Palliser dat-ie na het lezen van de laatste regel onmiddellijk opnieuw wilde beginnen met lezen. Die neiging kon ik onderdrukken maar het is waar dat je aan het einde toch stukken gaat herlezen om te weten hoe het zit. Maar modern is in ieder geval dat niet alle lijnen worden afgemaakt en niet alle vragen netjes worden opgelost. In het nawoord legt de schrijver uit waarin zijn roman verschilt van zijn negentiende-eeuwse voorbeelden. Zijn uitleg zal ik natuurlijk niet verklappen. Maar tijdens het lezen voel je dat het verhaal ergens wringt, dat er iets niet klopt. Dat is mooi.

maandag, juni 09, 2014

Zaterdag op Delft Fringe #2

We besluiten de avond met een fietstocht naar een zogenaamde buitenlocatie. Buiten het centrum van Delft, achter het station bevindt zich de Raamstraatkerk waar Judika Lessman speelt. Hopelijk heeft ze publiek want het is een lastige locatie en we moeten sowieso racen om op tijd te zijn. Maar als er weinig publiek is wacht ze misschien op meer en begint ze later.

Judika Lessman - Tabü

We zijn gelukkig op tijd. Judika staat achter de coulissen klaar. Alle stoelen zijn bezet maar twee jongedames zetten nog wat stoeltjes bij. Dan begint het. Ik ben geen liefhebber van cabaret maar omdat ik Judika nog ken van haar tijd bij theatergroep Mimicry en zelfs eens met haar heb gespeeld tijdens een lezing van een eigen stuk wil ik dit graag zien.

Haar voorstelling op Delft Fringe is opgebouwd uit een drietal korte sketches. De eerste speelt ze met een lelijke pruik en zonnebril en speelt bij de Albert Heijn en gaat over de schijn ophouden van rijker te zijn dan je bent. De tweede speelt in het zwembad tijdens het zwemmen met haar kind, en gaat over waarom een andere moeder zo lelijk is. De derde en laatste speelt op een moderne-kunsttentoonstelling bij een installatie waar ieder moment een naakte man, de kunstenaar, kan verschijnen. Ze eindigt met een lied waarbij ze zichzelf begeleid op de accordeon,

Het belangrijkste bij een cabaretoptreden is natuurlijk: wordt er voldoende gelachen? Dat wordt er en gelukkig is er ook behoorlijk wat publiek op dit late tijdstip in de Raamstraatkerk. Dat publiek wordt niet teleurgesteld. Ik ben blij dat ik gekomen ben. Een goede afsluiter van een dagje Delft Fringe.

En verder

Maar deze drie voorstellingen zijn niet de enige die we zien. We zien korte stukjes van optredens maar drie andere optredens helemaal. 's Middags zien we nog Omdat het kan met een korte les in theatergeschiedenis. Een groep van zes jonge acteurs speelt onder leiding van een regisseuse van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht een aantal scenes waarin ze proberen origineel te zijn. Wat steeds niet lukt omdat alles al een keer is gedaan. Op deze manier passeren Peter Brooke, Gerardjan Rijnders, Samuel Beckett en Jan Fabre de revue. Er wordt gespeeld in de kelder van Museum de Prinsenhof waarbij tijdens het spel allerlei dames over het toneel lopen omdat ze naar het toilet moeten. Een nogal absurde toevoeging aan de voorstelling.

Dan is er nog de Miraculeuze TV Tunes Coverband die op de Beestenmarkt speelt nadat we aldaar een overheerlijke pizza hebben gegeten op het terras van Italiaans restaurant Fratelli. Ze spelen soepel en zingen prachtig meerstemmig. Jammergenoeg bestaat hun repertoire voornamelijk uit Nederlandse tv-tunes waarbij heerlijke Wim T. Schipperstunes zoals Op zoek naar Jolanda ontbreken. Gelukkig is er wel een andere favoriet van me, Hawaii-Five-O. Daarvan had ik er liever meer gehad.

Als een na laatste voorstelling zien we in de Bagijnhof in een hal in een erg mooi studentenhuis Tape 2.0 van [Rova]. Over plastische chirurgie, over anorexia, kortom over mooi willen zijn. Twee jonge vrouwen doen een lapdance waarbij de ene omdat ze mooier is dan de andere steeds de overhand heeft. De mindere besluit daarop haar lichaam slanker te doen lijken door zichzelf in te snoeren met zwarte gaffertape. Het is ongetwijfeld goed bedoeld maar mij kan het niet bekoren. Het is net iets te boodschapperig, en de boodschap te eenduidig.

Conclusie

Delft Fringe is een mooi festival maar als de groepen niet meer hun best doen om de zalen vol te krijgen is het ondanks de grote hoeveelheid voorstellingen toch moeilijk om bij die grote massa ook een massa publiek te krijgen. Met 200 acts, 100 locaties en 1000 voorstellingen zijn als al die mensen net als ik zes voorstellingen zien voor een publiek van gemiddeld 25 man minstens 4167 man publiek nodig. Zien ze slechts de helft dan verdubbelt dat aantal ook nog eens.

Het festival zou niet alleen in de stad Delft zichtbaarder moeten zijn maar ook bij alle VVV's van Nederland en bij bijvoorbeeld de NS in het kwartaalblad vermeld moeten worden met een aanbieding voor alle abonnees. Zodat theaterliefhebbers uit heel Nederland aangesproken worden. Pas dan krijgt het festival voldoende massa.

Maar veel dank aan alle medewerkers, alle theatergroepen en alle vrijwilligers die al met al voor een geweldig festival hebben gezorgd. Volgend jaar ben ik graag weer van de partij. Als onderdeel van een theatergroep en als toeschouwer.

Zaterdag op Delft Fringe #1


Nadat we vrijdagavond hebben gespeeld op Delft Fringe zijn we zaterdag vrij om een kijkje te nemen bij andere voorstellingen dan de onze. Wat is er nog meer te zien? Het valt me op dat er veel muziek is en weinig dans. Dus toch maar geprobeerd op tijd te zijn voor de enige dansvoorstelling op zaterdag, dat is die van Ezio Tangini in het VAK vlakbij het nog steeds in aanbouw zijnde station. De grote glazen kubus die er nu al staat belooft niet veel goeds voor hoe het worden zal.

Sanatorium - Ezio Tangini

We moeten behoorlijk zoeken voor we het zaaltje hebben gevonden waar Ezio Tangini zijn voorstelling gaat spelen. De dames buiten hebben geen idee waar we moeten zoeken. Eenmaal binnen worden we verwezen naar de eerste verdieping van het gebouw maar ook daar zijn bordjes ver te zoeken. We dwalen door de gangen, openen deur na deur, tot we tenslotte toch een deur vinden waarop een flyertje is geplakt met de naam van de voorstelling. Binnen ruiken we een sterke geur van pasgezaagd hout en staan we in een schemerige ruimte. Tegen de achterwand staat een rij ezels opgesteld. Ook zijn er grote ladenkasten om tekeningen in te bewaren. Een groep krukjes staat er ook. Verder is er een man in een lange jas, naakt met uitzondering van een vleeskleurige slip. Onze danser. Zal hij straks naakt voor ons gaan dansen, vragen we ons af. Waar is het publiek? You are my audience, zegt de man in het Engels met een Italiaans accent. Ik pak een stoel voor mijn lief en neem zelf plaats op een kruk.
De man start een tape, loopt naar de kranen van de wasbak rechts van ons en draait die open. Even is hij verdwenen achter een muurtje. Dan keert hij terug. Hij gaat languit liggen op zijn lange jas. De muziek is abstract. Geluiden van machines, repeterend, hypnotiserend. De man verheft zijn armen, zijn benen en hoofd van de vloer. Zo ligt hij een hele tijd. Langzaam bewegend. Het lijkt alsof hij valt. Tenminste dat is de associatie die ik heb bij wat hij doet. Ik moet denken aan de gravures van de vallende mannen van Hendrik Goltzius. Maar misschien is dat omdat ik heb gelezen dat de voorstelling gebaseerd is op De Val van Camus. In ieder geval verdwijnt tijd en ruimte bij het kijken naar deze butohdans van deze leeftijdloos schijnende eenzame man in een lege ruimte. Waarschijnlijk maakt dit nog meer indruk op ons omdat we alleen zijn. De twee enige toeschouwers, verbonden in intimiteit met deze bijna naakte man die een geweldige krachtinspanning levert.
Naderhand praten we nog na met de acteur die helemaal uit Rome is gekomen om hier te spelen. Wij bedanken hem hartelijk. Op ons heeft zijn prestatie een diepe indruk gemaakt.

Kopsessies - Ttea

Ook om Kopsessies te kunnen zien moeten we behoorlijk ons best doen om hem te kunnen zien. Volgens het programma staan ze in de Oostpoortschool maar die heeft twee locaties. Weer weten de meeste vrijwilligers niet waar wij zouden moeten zijn. Zelf lezen we de tekst niet die staat aangeplakt op de deur van de locatie waar wij staan.Gelukkig vinden we na een eindje fietsen een schoolpleintje achter een hoog smeedijzeren hek waar de acteurs en de regisseur met twee toeschouwers aan een tafel zitten.

Bij deze voorstelling was het de tekst in het programma die me deed besluiten dat we dit moesten zien. Een stuk waarbij alleen de hoofden van de spelers en van het publiek te zien zijn. Dat moest wel bijzonder zijn. Dat is het ook. Spelers en kijkers nemen plaats in een driehoekig bouwsel. De bovenkant is afgedekt met zwarte stof waarin acht gaten zitten. Daar steken zowel spelers als kijkers hun hoofden doorheen. Zo zien we van heel dichtbij alleen de hoofden van de acteurs en worden we meegesleept in een relatiedrama dat we van heel dichtbij meebeleven. Begeleid door de zang van een zangeres die we niet zien. Zij zingt liederen van verlangen en verlaten waaronder een erg mooie Kaap-Verdiaanse versie van Ne me quitte pas van Brel. Een voorstelling waarbij de regisseur is uitgegaan van de vorm. Een dwingende vorm die de kijker dwingt om te blijven kijken. De spelers kunnen omdat ze vast zitten in het decor niet dichterbij je komen maar toch is het omdat je al zo dichtbij bent soms doodeng. Een knappe voorstelling van Ellen Honings, een beginnende regisseuse van het Rotterdams Centrum voor Theater.

Later meer over andere voorstelling op Delft Fringe

zondag, juni 08, 2014

Philip Glass op Delft Fringe

Twee keer een half uur lang ben ik Philip Glass. Op vrijdagavond spelen we met Het Vermoeden de voorstelling Philip Glass koopt een brood tijdens Delft Fringe in Blueberry's Lunch Café. Delft Fringe is een theaterfestival op onverwachte plaatsen met 200 acts op 100 locaties en met 1000 voorstellingen. Een festival waar helaas nog te weinig mensen vanaf weten. Ondanks vele banieren in de stad om de locaties aan te geven, leeft het niet echt in de stad. Ook is niet van te voren duidelijk wat het niveau is van een voorstelling en dat niveau loopt nogal uiteen.

Dat neemt niet weg dat wij met veel plezier onze twee voorstellingen spelen voor een publiek van ca. 15 man, de eerste keer, en ca. 25 man, de tweede keer. Omdat Pim om privéredenen niet langer de rol van Philip Glass op zich wilde nemen, was het de meest logische keuze dat ik zijn rol zou overnemen. Dus de eerste voorstelling om zeven uur 's avonds is mijn vuurdoop. Wonderlijk genoeg ben ik niet eens al te zenuwachtig. Ik voel me goed voorbereid, ik ken mijn tekst en weet wat ik moet doen. De drie anderen hebben de voorstelling al vier keer voor publiek gespeeld en ik weet dat ik op hen kan vertrouwen. Toch is de eerste nog een beetje onevenwichtig. Op ca. driekwart van de voorstelling zakt onze concentratie wat in maar we weten ons er goed doorheen te slaan.

Tussen de eerste en de tweede voorstelling lopen we naar een terras om te eten. Ik heb net als al eerder toen we van de parkeerplaats bepakt en bezakt lopend op weg waren naar de speellocatie, het bijzondere warme gevoel om met een groep toneelspelers gezamenlijk op weg te zijn. Wij tegen de rest van de wereld. Een heerlijk en lang vergeten gevoel.

Voordat we voor de tweede keer op gaan flyeren we nog wat op de markt en dat levert nog wat extra bezoekers op. Ondanks een dronken man in het publiek, die gelukkig al snel het pand verlaat, spelen we een evenwichtiger voorstelling dan de eerste keer en moe maar voldaan drinken we gezamenlijk een glas aan de bar en bedanken Taco, de eigenaar van Blueberry's. Net als vorig jaar, toen ik met Marjanne Tsjechov speelde in De Klomp, werden we hier goed ontvangen en geholpen. Volgend jaar doe ik graag weer mee met Delft Fringe.

In september spelen we Philip Glass koopt een brood nog een aantal keren. De data zijn nog niet bekend maar houd dit blog in de gaten als je benieuwd bent geworden naar de voorstelling.

vrijdag, juni 06, 2014

Mutua Amicitia: Op de ziel

Harold Pinter, daar moet ik aan denken bij het begin van het stuk van Peer Wittenbols dat Mutua Amicitia speelt, Op de ziel. Een vrouw komt een schoen terugbrengen. De echtgenoot doet open. Zijn echtgenote voor wie de schoen bestemd is, is niet thuis. Maar de beide vrouwen schijnen elkaar ook niet te kennen. Een absurde en enigszins pijnlijke situatie die erg doet denken aan het werk van Harold Pinter.

Er wordt gespeeld in de expositieruimte van Chris Ripken in de Insulindestraat, een mooie ruime locatie met hoge wanden, twee trappen aan de zijkant van de speelvloer die leiden naar een vide boven. Overal beelden van de kunstenaar. De spelers zijn Agaath van Dijk, Denise Beeckmans en Dim Rossen. Regisseur is Stephan Zeedijk.

De plot draait om vreemdgaan. Kan iemand die vreemdgaat ooit nog vertrouwd worden? Kun je van twee mannen houden in plaats van een? Is de bedrogen echtgenote, die de schoen heeft gevonden in de kast van haar overleden echtgenoot, uit op wraak? Ze heeft een boekje met honderd vragen waarop ze nog graag de antwoorden wil weten. Want haar echtgenoot, Vincent, is ondertussen gestorven, een autogeluk, misschien wel omdat hij onder het rijden aan het telefoneren was met zijn minnares?

Gedurende het stuk raken de drie personages steeds meer met elkaar verweven. De indringster neemt langzamerhand plaats in een menage a trois. Het lijkt er op alsof dat ze nooit meer weg zal gaan.

Het stuk wordt begeleid door een jazzcombo met een geweldig getalenteerde saxofonist. Maar het verband tussen de twee allebei op zichzelf sterke onderdelen, tekst en muziek, wordt me niet duidelijk. Er wordt door allebei prima gespeeld, toneel en muziek. En daar komt dan ook nog beeldende kunst bij.

Ik heb van alle drie de onderdelen erg genoten en dat ik het niet begrijp? Dat is dan weer typisch Harold Pinter. Of Peer Wittenbols.

donderdag, juni 05, 2014

Operadagen: La voix humaine

OT is dood, leve OT. Een ouderwetse formule, de koning is dood, leve de koning! La voix humaine is een ouderwetse OT-opera. Zoals ik ze het liefste zie, klein maar fijn. Een kleine opera, weinig zangers, dit keer slechts een enkele en wat voor een! Cora Burggraaf zag ik eerder in gezelschap van the late great Ton Lutgerink in Ophelia in het vroegere OT-theater dat nu het Maastheater heet. Tijdens de operadagen wordt La Voix Humaine hernomen, een solo-opera van Francis Poulenc op tekst van Jean Cocteau. Niet al te lang was de theaterversie nog te zien, mooi gespeeld door Halina Reijn.

De operaversie wordt voorafgegaan door een theatrale inleiding over leven en werk van Jean Cocteau. In het decor van de opera vertelt jonge acteur Michaël Bloos over leven, werk en liefdes van deze dandy, dichter, schrijver, toneelschrijver en filmmaker die alles wat hij deed beschouwde als poëzie.Schandalen wilde hij verwekken, met en zonder succes.

Na een korte pauze wordt dan de opera vertolkt door Cora Burggraaf, op piano begeleid door Phyllis Ferwerda en van filmbeelden voorzien door Huub Laurens. Zowel in beeld en geluid is het een schitterende voorstelling. Cora kan niet alleen zingen, ze acteert ook prachtig en weet het verhaal van de verlaten minnares ontroerend te brengen.

Een mooie afsluiting van mijn bezoek aan de operadagen. Helaas Macbeth gemist, had ik graag gezien, en ook Van den Vos, had ik graag gezien. Maar twee hoogtepunten is geen slechte score. Op naar volgend jaar en dan ook graag weer een keer opera bij ons thuis.Tevens blij dat OT nog springlevend is.