zondag, augustus 30, 2009

Twee vrouwen

Twee vrouwen lopen het perron op van station Zwijndrecht. Donkere vrouwen, Surinaams, Hindoestaans, allebei, ik weet het niet goed. Wat me vooral aan hun opvalt is hun huid. Die is diepglanzend donkerbruin en erg gaaf. Verder zijn ze netjes gekleed. De één in een zwarte jurk met rode noppen, de ander in een zijden topje en een goudgele zijden rok. Ze zien er uit of ze naar een feestelijke gelegenheid onderweg zijn. Ik denk ook even aan de Doopsgezinde kerk op de Avenue Concordia. Maar wat het meest opvalt is hun gedrag.

Ze zijn samen maar ook apart. Het zouden zussen kunnen zijn, maar ze willen overduidelijk niets met elkaar te maken hebben. Ze lopen apart van elkaar en gaan apart van elkaar zitten. Omdat ik met de fiets ben moet ik de trein in bij een compartiment waar mijn fiets mag staan. Ook de twee vrouwen stappen daar in. Daardoor zie ik dat ze allebei op een apart bankje, ieder aan één kant van de trein gaan zitten. Ze zeggen geen woord tegen elkaar.

Net als ik stappen ze uit op station Blaak. Terwijl de één rechtstreeks naar de trap loopt, loopt de ander om. Achter elkaar gaan ze de roltrap omhoog. Dan wachten ze op tram 21 richting De Esch. Dus toch de Doopsgezinde kerk aan de Avenue? De één, degene in de noppenjurk, wacht aan de kant van de rails, de ander aan de andere kant, de kant van de Oude Haven. Ik durf niet te vragen wat er tussen hen aan de hand is, alhoewel mijn nieuwsgierigheid is gewekt. Op de fiets blijf ik nog een tijdje talmen. Durf ik het aan hun te vragen waarom ze niet met elkaar spreken. Ik krijg de moed niet verzameld en fiets met vraagtekens boven mijn hoofd naar huis.

donderdag, augustus 27, 2009

Tweede repetitie De Mooie Onbekende

Nog even kort enige woorden over de vorige repetitie van De Mooie Onbekende voordat ik vanavond aan de volgende begin.

Degene die Lutter speelt is er niet, naar de verjaardag van zijn moeder, en ook degene die de advocaat Futterknecht speelt, dus we zijn enigszins onthand, maar er is altijd genoeg te doen. Twee andere acteurs zijn er voor de eerste keer. De man die Christian speelt en de Poolse Man.

We werken aan de scènes met de beide broers, Christian en Ulrich en 'hun' vrouw, Rosel. Want eigenlijk is Rosel een beetje de vrouw van allebei. Vooral de beginscène krijgt aardig vorm gedurende het verstrijken van de avond. Ik wil een overgang maken naar de allerlaatste scène, maar zonder Lutter gaat dat wat moeizamer. Ook de Mooie Onbekende heeft nog wat moeite met het vinden van haar houding.

Ik vertel liever niet te veel natuurlijk, want iedereen moet komen kijken tijdens het Eenakterfestival. Ik ben in ieder geval erg blij met de spelers van de groep die ik bijeen heb gebracht. Ik heb nu iemand die De Poolse Man speelt er bij, dus nu zijn we compleet. De repetitieruimte is definitief gereld, dus dat is ook in orde. Vanavond gaan we ons concentreren op de advocaat, de heer Futterknecht.

dinsdag, augustus 25, 2009

Op de fiets II

De eerste zondag fiets ik naar Roosendaal en sla vlak voor ik die stad bereik linksaf richting Breda. De hele route is ongeveer 95 kilometer. Toch valt het met de vermoeidheid mee. In Breda gaat geen trein richting Dordrecht en ik probeer in de bus (waar gelukkig mijn fiets in mee kan) te lezen maar mijn ogen vallen voortdurend dicht. Thuisgekomen ga ik vroeg naar bed, dus toch enigszins uitgeput. Ook enigszins verbrand maar niet zo dat het jeukt.

Onderweg zie ik de nep-Sint-Pieter van Oudenbosch. Verder een vreselijk stadje. Er is een braderie aan de gang waar allemaal mensen lopen die er uit zien alsof ze liever ergens anders zouden willen wandelen. Verveeld en chagrijnig. Dat terwijl de tocht naar Oudenbosch zo'n beetje het vermoeiendste stukje van de hele fietstocht is.

Ook heb ik pech met de veerponten. Omdat ik om zeven uur 's ochtends in het ochtendschemer ben vertrokken kom ik om tien over half acht in Slikkerveer aan. De pont gaat pas om tien uur op zondag. Dus fiets ik langs het water op zoek naar de eerstvolgende brug. De fietsbordjes leiden me naar het veer van Zwijndrecht, maar om tien over half negen, een uur later, gaat dat veer ook nog niet.

Vlakbij de Moerdijkbrug over het Hollandsch Diep drink ik koffie bij een tankstation, De Zuidpunt. Dan fiets ik de brug over naar Zevenbergen en daar drink ik op een terras koffie en heb mijn eerste pauze. Aan de overkant van de brug spreek ik nog even met een oude man die bij een beeld van de zon zit te genieten. Hij eindigt elke zin met "Hééj". Een grappige man maar de helft van zijn woorden kan ik niet verstaan. Het is een uur of elf als ik in Zevenbergen aankom, een half uur later als ik vertrek. Dan volgt de vermoeiende tocht naar Oudenbosch, voortdurend tegen de wind in. In de verte zie ik steeds de basiliek maar mijn fietsroute, de LF2a (Amsterdam-Brussel), leidt me steeds in westelijke richting terwijl ik Oudenbosch in het zuiden zie liggen. Maar ik kom er uiteindelijk toch en lunch er tegenover de basiliek. In de basiliek vertelt een man de geschiedenis van deze basiliek aan een groep mannen in de kerkbanken. Zo kom ik te weten dat Oudenbosch een klein dorpje was van zo'n 3000 inwoners toen deze gigantische basiliek werd gebouwd.

Het laatste stuk gaat van Roosendaal naar Bosschenhoofd, via Sprundel naar Breda. Sprundel is één van de allerlelijkste plaatsen die ik ooit heb gezien en verschrikkelijk uitgestrekt. Het lijkt of er geen eind aan komt. Dan volgt een laatste stuk door de bossen naar Breda en daar kom ik er achter dat wegens 'geplande werkzaamheden' de treinen richting Dordrecht niet rijden.

maandag, augustus 24, 2009

Grazia Deledda: De moeder

Het derde en laatste boek van Grazia Deledda dat ze bij mij in de bibliotheek hebben, ook het nieuwste boek, uit 1920. Het lijkt bijna een vervolg op Elias Portolu. Elias wordt op het einde van het boek priester, dit boek gaat over een jonge priester, Paulo, die in een klein en van godverlaten dorpje preekt. De vorige priester heeft zich overgegeven aan de duivel en zijn moeder vreest dat hem hetzelfde zal overkomen.

De eerste scène is gelijk al een reuze spannende achtervolgingsscène waarin de moeder Maria Maddalena haar zoon achtervolgt als hij 's nachts uitgaat om Agnese, zijn geliefde, in haar huis te bezoeken. De tocht gaat door het donkere dorpje en Paulo sluipt als een dief in de nacht naar het huis en klopt op een klein achterdeurtje om daarna binnen te treden. De moeder keert in wanhoop terug naar huis en heeft daar een duivels visioen van de vorige priester die haar vraagt zijn sokken te stoppen.

De volgende dag vraagt ze Paulo om zijn zondige liefde voor Agnese op te geven en na veel twijfels schrijft hij haar een brief waarin hij het met haar uitmaakt. Daarop verschijnt Agnese niet in de kerk. Paulo maakt zich de hele dag ongerust en blijft voortdurend twijfelen. De avond er voor heeft hij Agnese beloofd samen met haar te vluchten en de hele tijd blijft hij zich afvragen of zijn beslissing met haar te breken de juiste is.

Net als in De oude uit de bergen is de werkelijke hoofdpersoon in dit boek niet de titelfiguur, maar de priester Paulo. Terwijl hij zichzelf steeds zondiger voelt wordt hij ook nog aangezien voor een wonderdoener die de duivel weet uit te drijven bij een jong meisje. Dan stelt hij zichzelf een doel, als hij die nacht niet haar Agnese gaat is hij gered. Maar dan komt de meid van Agnese naar hem toe. Agnese is ziek en de priester moet komen. Eerst wil hij niet gaan, maar uiteindelijk gaat hij toch. Dan stelt Agnese hèm een ultimatum. Hij moet onmiddellijk uit het dorp vertrekken anders zal ze de volgende dag, de zondag, alles vertellen in de kerk.

Het boek eindigt net als de andere boeken van Grazia Deledda met een ontroerend open einde. De lezer mag het verhaal zelf afmaken, zelf een keuze maken. Jammer dat de boeken van Grazia Deledda nu op zijn. In een Sardijns toeristenwinkeltje lag zo'n beetje het complete werk van Deledda in stevige ingebonden volumes, maar helaas, ik lees geen Italiaans.

donderdag, augustus 20, 2009

Eerste repetitie Mooie Onbekende

Voordat ik vanavond naar de tweede repetitie van De Mooie Onbekende ga wil ik nog iets schrijven over de eerste. We repeteren in de studio van mimegroep Kruimels in Hillegersberg. Het heeft me nogal wat moeite gekost een sleutel te krijgen maar nu komt er iemand om de deur voor ons te openen. Hij is een tikkeltje laat maar ik vind het geweldig dat hij speciaal voor ons uit Delft komt gereden om de deur voor ons open te doen. Het is een mooie warme avond en er schijnt een goudgele avondzon. Langzamerhand komt iedereen aanwandelen.

Het is een spannend moment. Ik heb deze groep mensen bijeen gebracht. Niet iedereen kent elkaar. Sommigen kennen elkaar uit het amateurcircuit maar hebben nog nooit met elkaar gespeeld. Alleen de Mooie Onbekende en Mevrouw Mielke hebben vaker samen gespeeld.

Eerst spreken we over de inhoud van het stuk terwijl we aan tafel wachten tot de koffie klaar is. Het is een interessante discussie. Is het belangrijk of de Mooie Onbekende Joods is of niet? Kan het weggelaten worden in de voorstelling? Is een aanranding voldoende om wraak te nemen op de manier waarop de Onbekende wraak neemt? Het zijn nog vragen die op de vloer en in overleg met Dokter Kees moeten worden besproken en opgelost.

Dan gaan we de vloer op. Ik start met een Viewpointsoefening. Iedereen kiest een plaats in de ruimte en van daaruit starten we met spelen. De bewegingen in de ruimte laat ik in eerste instantie ontstaan en begin ik later te regisseren. Dat iedereen altijd op het toneel aanwezig is, werkt goed.

Daarna werken we lang aan de een-na-laatste scène tussen De Mooie Onbekende en Lutter. Al spelend kom ik op een aantal ideeën die ik laat uitvoeren wat Rosel de vraag doet stellen of ik al beelden in mijn hoofd heb, ze suggereert dat ik al een plan heb. Dat heb ik niet.

Het is een spannende repetitie vooral omdat het het startpunt is van de zoektocht en niemand precies weet welke kant we opgaan.

De Mooie Onbekende wordt gespeeld op het Rotterdamse Eenakterfestival, op donderdag 12 en 19 november in het OT Theater aan de Mullerpier en op zaterdag 14 november in het Valckenhoftheater op het Vlaardings Eenakterfestival.

dinsdag, augustus 18, 2009

Op de fiets

Mijn Oudste Zwager Jan heeft me uitgenodigd voor een bourgondische fietstocht. Het lijkt hem wel leuk om samen met al zijn zwagers (drie in getal) op dertig augustus samen te gaan fietsen. De bourgondische fietstocht heeft hij van mijn Jongste Zwager Jan, die in fietsen handelt, cadeau gekregen op zijn vijftigste verjaardag. Natuurlijk stem ik toe. Bij een bourgondische fietstocht stel ik mee een rustige rit door het Brabantse landschap voor waarbij van tijd tot tijd wordt afgestapt om in een gemoedelijke herberg de inwendige mens te versterken. Lijkt me geweldig, een kratje bier achterop de fiets en langzaam over de wegen fietsen, al keuvelend en genietend.

Op het afscheidsfeest in juli van mijn Hoogblonde Nicht die naar Nieuw-Zeeland vertrekt, dochter van mijn derde zwager De Psycholoog, blijkt het iets anders te zijn. Ik krijg een grote enveloppe van mijn zwager waarin ik de details van de fietstocht vermoed. Dat blijkt niet het geval. Het is informatie over de Etapas tour goes MS 150. Ik moet sponsors werven voor het Nationaal MS Fonds. Volgens mijn vrouw ben ik er ingeluisd, ik vind het zelf wel grappig. Maar het betekent wel dat ik 105 km moet fietsen, nogal een pittige afstand.

Afgelopen zaterdag blijkt mijn Oudste Zwager Jan van Zetten naar Dronten te zijn gefietst om alvast wat te trainen. Dat lijkt me ondertussen ook wel een goed idee. De tocht is immers al over drie weken. En 105 km is geen kattenpis. Dus stap ik op zondagmorgen om 7 uur 's ochtends op de fiets en begin vanaf huis aan de LF2a, de lange afstandsfietsroute van Amsterdam naar Brussel die zo'n beetje vlak langs ons huis gaat. De LF2a gaat in zuidelijke richting. Een paar jaar terug heb ik het gedeelte Amsterdam-Rotterdam (96 km) al eens gefietst.

dinsdag, augustus 11, 2009

Ondervraging

Dokter Kees, mijn dramaturg ondervraagt me donderdagavond streng over mijn plannen met De Mooie Onbekende. Terecht. Het zet me aan het denken. Er zijn nog veel vraagtekens. Waarom gaat de Onbekende terug naar het plaatsje waar ze zo onheus is behandelt? Wat is haar motief? Is het niet beter om zoals haar aanstaande echtgenoot suggereert het verleden te laten rusten?

Mijn gesprek met Dokter Kees gaat op zondag door met Mijn Vormgeefster. Ook zij heeft vele vragen en ook vele antwoorden. Niet met alle antwoorden ben ik het eens maar ook zij zet me aan het denken. Is het mogelijk om het Joodse aspect helemaal uit het stuk weg te laten zoals Dokter Kees en ik in eerste instantie hebben gedaan. Ligt niet daar het geheim van de terugkeer van De Mooie Onbekende?

De vraag die er nog ligt is de volgende: wat is mijn fascinatie met geweld? Het spreekwoord zegt: wat u niet wilt dat u geschiedt doet dat ook een ander niet. De Mooie Onbekende maakt in het laatste bedrijf gebruik van de middelen die ze in het eerste bedrijf verafschuwt.

zondag, augustus 09, 2009

D.H. Lawrence: Naar Sardinië

Van 4 tot en met 10 januari 1921 maakte D.H. Lawrence met zijn vrouw (de bijenkoningin genoemd in het boek) een reis naar Sardinië. Hij schreef er een boek over dat in het Engels Sea and Sardinia heet. Een betere titel dan de titel van deze vertaling, want bijna de helft van het boek gaat over de zeereis naar Sardinië en de reis terug (opnieuw over zee natuurlijk). Lawrence reist (over land) van zijn woning naar Palermo, neemt daar de boot naar Cagliari, rijdt per trein naar Mandras, gaat per bus naar Sorgono, Nuoro en uiteindelijk naar Terra Nuova, de haven van Olbia. Daar neemt het echtpaar opnieuw de boot en reist naar Civitta Vecchia. Dan gaat het met de trein naar Napels waar voor de laatste maal de boot wordt genomen, naar Palermo.

Het is niet altijd een prettige reis. Het eten is vaak vies, de kamers zijn meestal vies en koud, de wijn is ijskoud. Gelukkig zijn de treinen en bussen goed. Het is natuurlijk wel januari en fijn zomerweer kun je niet verwachten. Maar Lawrence en zijn vrouw bezoeken geen enkel strand, het is echt een reis door het binnenland en door de bergen van Sardinië en geen strandvakantie zoals onze vakantie. Hij ziet veel en beschrijft gedetailleerd. In Cagliari zijn kinderen verkleed op Driekoningen, in Nuoro is er een soort carnavalsfeest met gemaskerde mannen en ook stuit het echtpaar op een processie.

Soms springt de schrijver uit zijn vel en moet zijn vrouw hem kalmeren. Vaak is zijn vrouw gecharmeerd van een persoon waar Lawrence weer een vreselijke hekel aan heeft zoals de man die piano speelt op de boot van Sardinië naar het vaste land. Ze baren met zijn tweeën veel opzien met een thermoskan die nog niemand in Italië eerder gezien heeft.

Een mooi boekje, een reis om eens na te reizen. Voor de volgende keer op Sardinië.

vrijdag, augustus 07, 2009

Sloot

Onderweg naar Dokter Kees, mijn dramaturg (waarover later meer) fiets ik langs de woonboten op de Rotte die aan mijn linkerhand liggen. Aan mijn rechterhand ligt het slootje of grachtje rondom de begraafplaats Crooswijk. Ik zie een man bij het water staan met een filmcamera of in ieder geval iets wat daar op lijkt. Hij heeft het apparaat naar beneden gericht. Hij is iets aan het filmen. Een eend, een gans of een zwaan is mijn eerste gedachte. Maar dan zie ik ineens een mannenhoofd boven het water uitsteken. Van tijd tot tijd lijkt het hoofd zelfs te verdwijnen alsof hij kopje onder gaat. Omdat ik al minstens twinitg minuten te laat ben voor mijn afspraak met Dokter Kees fiets ik snel door maar het liefst was ik afgestapt om de mannen te vragen wat ze daar aan het doen zijn. De temperatuur gisteren was minstens een graad of dertig en een baantje zwemmen in een door eendenkroos bedekte sloot lijkt me niet het meest gezonde wat je op zo'n dag kunt doen. Vreemd.

donderdag, augustus 06, 2009

Grazia Deledda: Elias Portolu

Elias Portolu is het tweede boek van Grazia Deledda dat ik lees. Het ongelooflijk spannend verhaal van de titelheld die onschuldig in de gevangenis heeft gezeten, terugkeert en daar verliefd wordt op Maddalena, de aanstaande echtgenote van zijn broer Pietro. Lange tijd gebeurt er niets in het boek, slechts in het hoofd van Elias. Zijn twijfels, zijn overwegingen. Moet hij het zeggen? Wat moet hij doen? In een droom ziet hij zichzelf priester worden en denkt dat dat het middel is om te ontkomen aan de verleidingen van zijn aanstaande schoonzus. Een oude herder, oom Martinu geeft hem de raad om alles te bekennen aan zijn broer, maar Elias houdt het geheim en dit leidt van kwaad tot erger. Broer en schoonzus bekennen elkaar de liefde en daarna begint de wroeging. Een prachtig verhaal over schuld en boete met net als in De Oude uit de Bergen een ontroerend einde. Ik heb nog één boek liggen van Grazia Deledda en ik ben nu al fan van haar.

woensdag, augustus 05, 2009

Marcello Fois: Immer Dierbaar

Op eiland Sardinië zelf lees ik als eerste het boek Immer Dierbaar, een Sardeense misdaadroman van Marcello Fois. Het is een klein en mooi vormgegeven boekje over de speurder Sebastianu. Waarom het boek Immer Dierbaar heet is me niet geheel duidelijk. Het immer dierbaar is de wandeling die Sebastianu dagelijks maakt naar de top van de berg (de Monte Ortobene?) om zijn gedachten op orde te brengen. Hij moet in opdracht van een moeder het geval oplossen van haar zoon, een mooie jongen met blauwe ogen en rood haar, die een aantal schapen zou hebben gestolen en nu verdwenen is.

Sebastianu is een soort negentiende eeuwse Maigret, het verhaal is nergens echt spannend, maar het kabbelt lekker voort en draait vooral om de psychologie van de personages. Onderweg naar de oplossing valt nog een aantal onschuldige slachtoffers, maar het is nergens een geheim dat de verdachte jongen niet de dader is. Mooi zijn de beschrijvingen van de omgeving en de personages zijn ook mooi opgetekend, maar ik ben nog steeds niet echt een liefhebber van detectiveboeken. Leuk als ontspannend vakantieboek.

dinsdag, augustus 04, 2009

Grazia Deledda: De oude uit de bergen

In de week voordat ik naar Sardinië vertrek en als voorbereiding op de reis lees ik De Oude Uit De Bergen van Nobelprijswinnaar Grazia Deledda. Het is een echte ouderwetse streekroman over een jongeman, Melchior Carta, die verliefd is op zijn nicht en voorbestemd om met haar te trouwen. Tot het moment dat deze Paska Carta ontdekt dat ze erg mooi is en zich ontwikkelt tot een echte femme fatale. Ze maakt het uit met Melchior en brengt alle mannen het hoofd op hol. Haar bazen, Basilio, de knecht van Melchior Carta, en vele anderen.

Het zijn ruwe mannen daar in de bergen rond Nuoro waar ze hun geiten en schapen hoeden, op de Monte Ortobene. Het verhaal speelt zich af rond een aantal hoogtijdagen in het winterseizoen en tijdens één van deze feesten wordt Melchior zo woedend op Paska dat hij vanuit de bossen van waaruit hij haar heeft zitten bespieden, op haar toeloopt en haar slaat. Paska zint op wraak en die neemt ze ook.

Titelpersonage van het boek is de oude Zia Pietro, de vader van Melchior, en met de dood van hem eindigt het boek vrij plotseling maar ontroerend. Basilio die een pion is geweest in het spel van de gevaarlijke vrouw Paska, voelt zich schuldig aan de dood van de oude man en met zijn tranen eindigt het boek.

Mooi is dat wat er niet verteld wordt maar gesuggereerd. Daarmee onderscheidt het boek zich van de ordinaire streekroman en daaruit blijkt de kunde van de schrijfster. Onterecht vergeten in Nederland, hoewel dit boek nog in 2006 in Nederlandse vertaling is verschenen, had ik nog nooit van haar gehoord.