maandag, maart 31, 2008

Notorious



Aangestoken door Steven Jacobs en zijn boek The Wrong House waar ik vorige week over schreef bekijk ik Notorious nog eens. Het valt me op hoe weinig ik me van de film herinner. Des te meer geniet ik er van. Vooral van Ingrid Bergman in de beginscènes als ze dronken aan het stuur zit met Cary Grant naast haar. Ik let iets meer op de architectuur dan ik voorheen deed maar word al snel meegesleept door het spannende verhaal.

Alicia Huberman (Ingrid Bergman) is de dochter van een nazi die door de avonturier en playboy Devlin (Cary Grant) wordt in eerste instantie met tegenzin ingezet als spion in het huis van Alexander Sebastian (Claude Rains) in Rio de Janeiro. Alicia en Devlin worden al snel verliefd op elkaar maar de laatste vertrouwd de 'notorious' Alicia Huberman niet. Maar ook Sebastian is verliefd op Alicia. Als Sebastian aan Alicia vraagt met haar te trouwen hoopt zij dat Devlin haar zal tegenhouden maar hij doet dat niet. De onderhuidse seksuele spanning tussen de drie is fascinerend. Want het kan niet anders dan dat wanneer Alicia met Sebastian getrouwd is dat ze de liefde met elkaar bedrijven. Devlin kan niet anders dan jaloers toekijken en wachten totdat Alicia de geheimen van Sebastian heeft ontfutseld.

Eén van de beste films van Hitchcock. De film is in zijn geheel op YouTube te zien. Hierbij het eerste deel met de dronken Alicia. Ook te zien op YouTube zijn Rebecca, Suspicion en Spellbound. In de laatste film is in het tweede deel de prachtige liefdesverklaring te zien van Bergman aan Gregory Peck middels het a-romantische woord Liverwurst.

zondag, maart 30, 2008

Orkater: Huiskameronweer

Ik kijk graag naar Ria Marks. Ze is een echte bewegingskunstenaar. In de voorstelling Huiskameronweer speelt ze de moeder die steeds opnieuw haar koffer pakt en probeert te vertrekken. Ook houd ik van Porgy Franssen. Een mooie stem, een grote robuuste verschijning. Hij is de vader van het gezin die zijn vrouw en kinderen terroriseert. Hij waarschuwt zijn familieleden om naar buiten te gaan waar het gevaarlijk is. Maar ook binnen is niemand veilig. Toch wil het Huiskameronweer in mijn verbeelding maar niet aanzwellen tot een echt dreigend onweer dat de geest schoonveegt of schokt. De beelden zijn prachtig, er wordt geweldig geacteerd, ook door de twee jonge meisjes (Lindertje Mans en Ibelissa Guardia) die doen denken aan de dreigend kijkende meisjes uit de schilderijen van Balthus. Ik weet niet waarom de voorstelling me niet echt wil pakken. De afzonderlijke scènes zijn van tijd tot tijd juweeltjes. Zoals de scène waarin de vader steeds opnieuw pogingen doet zijn vrouw te vermoorden. Of de scène waarin de moeder haar geblinddoekte zoon verrast op zijn verjaardag met een taart en een cadeau, om er dan ongemerkt en stiekem tussenuit te knijpen. Ergens op de site van Orkater staat een opmerking van een bezoeker dat de voorstelling net zo goed een kwartier korter of een half uur langer had kunnen zijn. Dat is waar. De voorstelling is een verzameling losse scènes zonder climax. Misschien is dat wat ontbreekt. Een hoogtepunt. Een echt huiskameronweer.

vrijdag, maart 28, 2008

Richard Widmark overleden

De Amerikaanse acteur Richard Widmark is maandag op 93-jarige leeftijd na een lang ziekbed in zijn woonplaats Roxbury, Connecticut, overleden. Dat maakte zijn vrouw bekend.
In zijn ruim veertigjarige carrière speelde Widmark in meer dan zeventig films. In 1947 maakte hij zijn debuut als psychopathische moordenaar in de film Kiss of Death van Henry Hathaway.

Eigenlijk ken ik Richard Widmark niet. Alleen van een verhaal van de eveneens zo pas overleden Hugo Claus. Ooit had ik een gramofoonplaat, een single, waarop Hugo Claus het verhaal Een gezonde gangster voorleest. "Hij heette Herman en hij was gezond." Zo begint Hugo zijn verhaal. Het staat in de bundel Natuurgetrouwer die ik wel heb. Cadeau gekregen van de Trompettist bij zijn verhuizing. Met een mooi Vlaams accent leest Hugo het verhaal van een gangster die tot zijn spijt gezond is. Graag zou hij net als Richard Widmark willen zijn. Voor zijn geliefde, Lorene, die hem vertelt dat Richard lacht als hij een dame in een rolstoel van de trappen gooit. Dat zou Herman nooit doen. Hij is gezond en geen psychopathische moordenaar. Uiteindelijk blijft Herman gezond en dat kost hem zijn geliefde en zijn leven.

Nu zijn beiden binnen de tijdspanne van een week dood. Hugo Claus en Richard Widmark. De laatste heb ik nooit gezien, de eerste regelmatig op de televisie. Ook heb ik van Hugo bijna alle toneelstukken gelezen en sommige gezien, en dat zijn er heel veel. Meer dan dat ik zin heb een film met Richard Widmark te gaan zien wil ik liever Het Jaar van de Kreeft herlezen.

donderdag, maart 27, 2008

Interieur

video

In de Noorse kerk maak ik een filmpje van het interieur om goed te kunnen onthouden hoe het er van binnen uitziet. Ook meet ik met stappen de oppervlakte van het speelvlak. 4 x 9 passen, ongeveer vier bij negen meter, breder dan ik in mijn hoofd had. Groter in totaal.
Het valt me opnieuw op hoe aardig de mensen in de Noorse kerk zijn, hoe hartelijk en vriendelijk. Het lijkt alsof alles kan en mag. Tijdens mijn bezoek is er kindermiddag. Ook de kinderen staan op mijn filmpje en de echtgenoot van de beheerder, een vriendelijke Noor met een baard die een oogje op de kinderen houdt. Ze tekenen paashazen, die worden geschilderd en uitgeknipt.

Fietsles

Eén voor een rijden ze de loopplank af. De geuniformeerde blauwe mannen krijgen fietsles op de Maasboulevard. Als ze de loopplank af zijn moeten ze slalom op de ponton waar normaliter de Majesteit aanlegt. Om de pilaartjes waarmee de grote stoomboot wordt vastgelegd. Ongeveer een dozijn, nee, dertien mannen, dertien politieagenten op fietsles.

woensdag, maart 26, 2008

Oefening

Voor mijn repetitie bedenk ik een nieuwe oefening die zeer goed uitpakt. Ik laat alle spelers van De Vrouw van de Zee een stukje uit hun rol uitzoeken en voorspelen. Een niet al te kort stukje, minimaal drie regels script. We zitten in een kring rondom degene die speelt. Ik kies de spelers willekeurig uit, ga niet de kring af. Dan vraag ik de spelers hun script te pakken en het gespeelde stukje op te zoeken. Ze weten dan nog steeds geen van alle wat er gaat gebeuren. Ik houd ze expres in het ongewisse. Dan vraag ik hun het stukje tekst aan te wijzen en het script aan hun buurman of buurvrouw door te geven zodat die ziet waar het stuk tekst staat. Dan vraag ik, opnieuw kriskras de kring door, of iedereen het stukje van de buurman of buurvrouw te spelen. Maar niet gewoon. Met veel overdrijving. Een karikatuur. Behalve dat het zeer komisch is om te zien hoe iedereen met het tekstboek in de hand een aantal karakteristieken van de rol uitvergroot, geeft het ook inzicht in hoe de rol moet zijn. In de doorloop die volgt (bijna tot het einde) is het effect merkbaar.

Foto: Op het internet vind ik een foto van een balletversie van De Vrouw van de Zee.

zondag, maart 23, 2008

Ik dool - u wacht

De bus rijdt door Klaaswaal, het pittoreske binnenstadje door en dan een dijkje omhoog. Naast de dijk staat een huis. Dool ik - wacht u, staat er op, in gotische letters. Ongetwijfeld wordt hier de dolende godzoeker bedoeld, op zoek naar de heer. Pas aan het einde van zijn leven wordt zijn doel vervuld in de dood en wacht de heer, of Jezus, hem op aan de hemelpoort. Zelf ben ik niet bepaald dolende maar op weg naar een vmbo-school waar ik een dramales moet geven. Ik weet de weg niet maar zal die zonder twijfel met behulp van de vriendelijke buschauffeur gaan vinden. Dat gebeurt ook. Maar als ik op de tweede dag van mijn workshops terugkeer maak ik een foto van het huis.

Dool ik - wacht u.
Het is een vreemde naam voor een huis. Bij de dolende gelukszoeker denk ik eerder aan een zwerver of verloren zoon, op weg door de woestijn, eventueel geholpen door de barmhartige samaritaan of St Maarten die hem de helft van zijn mantel schenkt. Niet aan de warmte van huis en haard in het godsvruchtige dorp Klaaswaal. Maar het zou ook kunnen dat de bewoner na een zondig leven vol drank en overspel nu eindelijk de rust heeft gevonden en troost in het geloof. Een fijne Paasgedachte. Ook ik zit warm binnen terwijl buiten de sneeuw naar beneden dwarrelt. Misschien is het nog anders. Het kan ook zijn dat de ik-persoon bang is dat hij het rechte pad kwijtraakt en gaat dolen. Als ik onverhoopt ga dolen dan wacht u. Dan is er gelukkig tenminste nog de zekerheid dat u er bent die op mij wacht. Maar dan kan de hier bedoelde u ook het huis zijn, of de vrouw die geduldig achter de gerania zit te wachten op de bekeerde zondaar tot hij thuiskomt van een dag hard werken op god's akker.

zaterdag, maart 22, 2008

Volksoperahuis: Zeeuwse Nachten III

Dan is er het laatste deel van de Zeeuwse Nachten-trilogie van het Volksoperahuis: Het Behouden Huys is de titel en Willem Barentsz is na Hansje Brinker en Van Speyck de centrale oerhollandse (en gestorven) volksheld en opnieuw een prachtige rol van Rogier Schippers. Maar ditmaal zijn niet alleen de volkshelden maar wij allemaal gestorven, het hele publiek is onderdeel van de canon van de Nederlandse geschiedenis. Maar helaas, Nederland bestaat niet meer. Zoals in het toekomstvisioen van Al Gore is Nederland teruggewonnen door de zee. Het laatste deel is een voornamelijk muzikaal deel, een cabaretesk liedjesprogramma. Meer liedjes dan tekst, meer een collage dan een verhaal. Daardoor mist er toch iets. Identificatie met een heldere hoofdpersoon. Een aantal personages uit de vorige afleveringen keert terug. Zoals Zeeuws Meisje, koningin Amalia en haar echtgenoot, en de Afrikaanse geliefde van Zeeuws Meisje: Zamboni, vernoemd naar de dweilmachine waarmee in het Thialf stadion de ijsvloer wordt gedweild. Gelukkig valt er als vanouds genoeg te lachen en veel van de liederen zijn aanstekelijk en ontroerend. Misschien is het dat de formule ondertussen te bekend geworden is. We hadden twee 'nieuwelingen' meegenomen naar deze voorstelling die met de ogen keken van iemand die het Volksoperahuis nooit eerder hebben gezien. Zij genoten volop en zijn onmiddellijk ingelijfd bij de fanclub die jaarlijks terugkeert. Dit is mijn vijfde voorstelling van het Volksoperahuis en ondanks mijn reserves en dat mijn favoriet De Zesdaagse van St-Jezus aan 't Kruis blijft ga ik natuurlijk volgend jaar weer. Al was het alleen maar om na de voorstelling te genieten van de uithuildisco van Jef Hofmeister, vast onderdeel van de Volksopera-avonden. Maar dat doet de voorstelling te kort, ook ik heb genoten, alleen iets minder dan voorgaande keren.

vrijdag, maart 21, 2008

McGuffin

video

Twee mannen zitten in een trein. Boven hun hoofd in het kofferrek ligt een grote koffer. Vraagt de ene man aan de ander: "Wat zit er in die grote koffer?" De man antwoord: "O, dat is een McGuffin." De ander is benieuwd wat dat is, een McGuffin. "Het is een instrument om leeuwen te vangen op de Schotse Hooglanden." "Maar er zijn toch helemaal geen leeuwen op de Schotse Hooglanden?" vraagt de eerste man verbaasd. "O, dan is het vast ook geen McGuffin."

Bovenstaande anecdote komt uit het interviewboek Hitchcock/Truffaut waarin Truffaut de master-of-suspense uitvoerig interviewt over al zijn films en zijn werkwijze. Gistermiddag viel mij de eer te beurt Steven Jacobs te mogen inleiden en enige vragen te stellen bij zijn lezing naar aanleiding van zijn boek The Wrong House, the architecture of Alfred Hitchcock. Het is een uiterst gedetailleerde studie naar het gebruik van architectuur in de films van Hitchcock. Een prachtig vormgegeven boek en een must voor elke Hitchcockliefhebber. Het boek verrast en verbaast en is een goede aanleiding om alle films van Hitchcock opnieuw te gaan bereiken. Steven Jacobs is een begenadigd verteller en ik heb genoten van zijn lezing waarin hij in het kort de vijf uitgangspunten van zijn boek verklaarde en verhelderde, geïllustreerd met stills uit het werk van de grote meester. Voorafgaand aan de lezing vroeg ik hem wat een McGuffin is omdat hij ergens in het boek een tikkeltje gechargeerd stelt dat de personages in de films van Hitchcock McGuffins zijn om huizen te laten zien.

Zelf leid ik de lezing in met de opmerking dat ik me van de eerste film van Hitchcock die ik zag, Spellbound, weinig gebouwen herinner. Ik herinner me de droomsequentie ontworpen door Salvador Dalí, de scène waarin het jongetje op een puntig hek valt en de scène waarin Gregory Peck aan Ingrid Bergman vraagt wat ze op haar boterham wenst en ze sensueel antwoordt: Liverwurst. Een opvallende liefdesverklaring. Dit ontlokt de heer Jacobs dat er ook nog een studie geschreven zou kunnen worden over de culinaire Hitchcock en dat is waar: zoals er nu een film is over alle kanten van Bob Dylan, zo zou er over elke kant van Htchcock een studie geschreven kunnen worden. Het boek van Truffaut gaat over Hitchcock als filmauteur, maar er zijn ongetwijfeld boeken mogelijk over Hitchcock als dramaturg, als katholiek en als technisch vernieuwer.

donderdag, maart 20, 2008

De weg naar huis

Alles verdwijnt en niets blijft hetzelfde. Daarom een klein en wazig filmpje van de weg naar huis voordat dit uitzicht er niet meer is. Langs de Maas, met prominent het Unilevergebouw in beeld is dit de route die ik dikwijls fiets. Het is rond vijf uur 's middags en er zijn veel auto's op de weg die zorgen voor het geroezemoes op de achtergrond. De begeleidingsmuziek is vorige week woensdag 12 maart gemaakt tijdens een repetitie van Het Gebroken Oor.

video

dinsdag, maart 18, 2008

Denise treedt op



Mijn dochter Denise tijdens haar optreden op zondag 16 maart 2008 bij Circus Rotjeknor

maandag, maart 17, 2008

Toneelhuis: N.Q.Z.C.



Een aantal jaren geleden maakte Wayn Traub de geweldige en indrukwekkende voorstelling Maria Dolores. Een beeldende theatertrip die iedereen verraste. Daarna maakte hij een voorstelling die ik helaas miste Jean-Baptiste, het tweede deel van een drieluik. Het derde deel van dat drieluik is er nog steeds niet. Traub maakte nog Le retour de Jean-Baptiste maar geen derde deel. Nu is er bij het Toneelhuis N.Q.Z.C., uit te spreken als inquisitie. De eerste associatie bij de titel is de Spaanse inquisitie die ten tijde van de Tachtigjarige Oorlog jacht maakte op ketters. Maar dat wordt niet bedoeld. Nee, het is een onderzoek, een ondervraging. Een onderzoek naar de liefde. Bestaat de liefde echt of is het een uitvinding van de mensen, een tegennatuurlijk iets. "Uw kat houdt niet van u," zegt één van de spelers ergens op een kwart van de voorstelling tegen het publiek. In het Frans want de voorstelling is geheel Franstalig en in première gegaan in Parijs. De recensies zijn wisselend. Iedereen looft opnieuw de beelden maar vindt het verhaal mager. Maar, ik schreef het in dit weblog al vaker, wie heeft er nog behoefte aan een verhaal? Ik in ieder geval niet. Ik geniet. Naast de beelden is vooral van de stem van de oudere actrice Simonne Moessen is prachtig, zo rijk aan kleur en ritme. Maar misschien zijn de matige recensies de oorzaak dat de Rotterdamse Schouwburg maar half vol zit. Een handjevol voorstellingen in Nederland, een première in Parijs, en toch geen volle zalen.

De boodschap van N.Q.Z.C. is niet vrolijk te noemen. Liefde bestaat niet of is in ieder geval hopeloos. Het egoïsme is groter en sterker dan de liefde. Gelukkig is er in deze voorstelling veel schoonheid. Ook iets om van te houden.

zaterdag, maart 15, 2008

Oostpool: Pijlers van de samenleving

Alweer een Ibsen te zien in de Rotterdamse Schouwburg. Ditmaal Pijlers van de Samenleving door Theatergroep Oostpool. Net als bij de Theatercompagnie is de tekst aardig gemoderniseerd. Toch zijn er grote verschillen. De Wilde Eend van de Theatercompagnie was geabstraheerd in de vorm, hier is de vorm er een van een soort rollenspel. Halverwege het stuk worden de kostuums, mannen in pakken, vrouwen in mantelpakken en jurken, gewisseld voor meer historiserende kostuums. Niet echt kostuums uit Ibsens tijd, maar geabstraheerde versies daarvan. De voorstelling wordt in een ruk gespeeld en duurt lang, van half negen tot ca. tien voor elf, maar verveelt nergens. Zijn de verhoudingen in het begin niet altijd even duidelijk, vooral de familieverhoudingen niet, als het verhaal eenmaal op gang is word je er door gegrepen en treft de actualiteit die Ibsen nog steeds heeft.

Het verhaal gaat over de pijlers in de samenleving in een kleine stad in Noorwegen met als middelpunt Karsten Bernick. Hij is een reder en heeft de stad grootgemaakt. Dit ten koste van de jongere broer van zijn vrouw, Johann Tonnessen. Deze laatste komt aan het begin van het stuk terug, in gezelschap van zijn half-zuster Lona. Met Lona heeft Karsten een affaire gehad, maar hij is niet met haar getrouwd. Hij trouwde met zijn Betty Tonnessen vanwege haar kapitaal.

Het stuk gaat over ambitie en daar rücksichtslos voor gaan, niet gehinderd door scrupules. Alles onder het mom dat het het beste is voor de samenleving als geheel. Bijna lijkt Bernick hiermee weg te komen, dan worden de rollen omgedraaid en lijkt het alsof hij ontmaskerd zal worden. Het geweten van Bernick gaat spreken maar tenslotte komt hij weg met zijn halve bekentenis en lijkt het bijna een happy end.

De voorstelling wordt geweldig gespeeld waarbij me vooral de twee hoofdrollen van Bernick (Ali Ben Horsting) en Lona (Daphne de Winkel) opvielen. De ontmaskering van de eerste door de laatste waarbij de tranen over de wangen van Bernick rolden, vond ik één van de hoogtepunten.

vrijdag, maart 14, 2008

Met Renée

Ik draai een oude gramofoonplaat van de Small Faces. Ogden's Nut Gone Flake (1968). Met een beroemde want ronde hoes, van hetzelfde formaat als de plaat die de hoes bevat. Op de titelkant een verzameling van zes liedjes waaronder één van de grootste hits of misschien wel de grootste hit van de Small Faces: Lazy Sunday. Op de andere kant een soort rockopera of sprookje: Happiness Stan, waarin onvervalst cockney het verhaal van de titelheld wordt verteld op zijn zoektocht naar de andere helft van de maan. Net iets ouder en vier keer korter dan de beroemdste rockopera aller tijden: Tommy van The Who.

Ik word getroffen door het liedje Rene. Over een dame, een geverfde vrouw van lichte zeden die als the docker's delight wordt aangeduid en mannen oppikt op de kade in een havenstad. Aan het accent van de zanger te horen is de stad Londen. Rompin' with a stoker from the coast of Kuala Lumpur. Ik denk er over een Nederlandse vertaling van het nummer te maken voor Het Gebroken Oor. Bonkend met een stoker van de kust van Kuala Lumpur. Of misschien beter een Franse, past beter bij de naam. Rene zou in het Nederlands Riny worden, in het Frans wordt het Renée. Cognant avec un chauffeur de la côte de Kuala Lumpur.

De naam Renée doet me denken aan een huisgenote in één van de studentenhuizen waar ik ooit woonde. Voordat ik er kwam te wonen belde ik vaak naar de flat voor mijn vriend Sibe. Omdat zij degeen was die het dichtst bij de telefoon woonde en klaarblijkelijk vaak thuis was, nam ze regelmatig de telefoon op. "Met Renée..." Het klonk als je verbonden was met een callgirl of een sekslijn (maar die bestonden nog niet). Een donkere zwoele stem die absoluut niet in overeenstemming was met het uiterlijk van Renée. Maar dat bleek later pas. Sibe had me van te voren gewaarschuwd me er niet te veel van voor te stellen. Hij had gelijk. Renée was niet lelijk maar ook absoluut niet wat je je voorstelde afgaande op haar stemgeluid. Nu herinner ik me niet veel meer dan dat ze behoorlijk gezet was en blond. Maar haar stem kan ik me nog gemakkelijk voor de geest halen. "Met Renée..."

donderdag, maart 13, 2008

Plannen

Samen met de Poolse Vrouw zit ik op het kantoor van de twee dames van de Dienst Kunst en Cultuur. Om te praten over Tot het einde. Mijn plan voor een professionele theaterproductie, de eerste sinds 1991. Het is een oriënterend gesprek. Over subsidie van de gemeente. Een prettig gesprek. Eén van de twee dames ken ik al jaren, zij behandelt de subsidies voor het amateurtoneel. Bij haar heb ik al diverse malen subsidie aangevraagd. De ander heb ik pas onlangs ontmoet bij het vriendendiner van Powerboat. Zij behandelt de subsidies van het professionele circuit.

Ik ben enthousiast. Op de een of andere manier heb ik het gevoel dat de tijd rijp is. Na twintig jaar regisseren van amateurtheatervoorstellingen voel ik dat het moment gekomen is voor een nieuwe stap. De donkerharige dame vraagt me of dit betekent dat ik stop met het regisseren van amateurstukken. Maar niets is minder waar. Ik geniet nog steeds van het enthousiasme van amateurs, een woord dat immers liefhebbers betekent. Die theater maken uit liefde voor het vak, niet voor het geld.

Tegelijk ben ik blij dat de Poolse Vrouw mij heeft benaderd. Met een ander stuk weliswaar, geschreven door een Poolse hertogin, een stuk waar ik niets in zag. Blij dat ik haar heb leren kennen en dat we mijn stuk gaan doen. Ik heb het stuk aan diverse regisseurs toegestuurd en positieve reacties ontvangen, vergezeld van kritische noten. De volgende stap is een reading te organiseren en dan aan de slag.

woensdag, maart 12, 2008

Drie bedrijven

We schieten al aardig op met De Vrouw van de Zee. Vandaag doe ik een doorloop van de eerste drie bedrijven. We hebben nog één bedrijf te gaan. Eerst doe ik het begin van het vijfde bedrijf, daarna lopen we alle voorgaande bedrijven door. Ik merk dat hoe meer de avond vordert, hoe moeizamer het gaat. Vooral voor de twee hoofdrolspelers, Ellida en dokter Wangel. De laatste grote scène die eerst zonder tekstboekje gespeeld werd, moet nu ondersteund worden door de tekst. Ook de concentratie van de spelers aan de kant is niet erg hoog. Ik wilde juist inzicht geven in de samenhang van de scènes en daarom een doorloop doen, maar aan de kant verslapt de aandacht snel met het vorderen van de avond. Toch zie ik alle rollen steeds meer vorm aannnemen.

Foto: Marguerite Snow die in 1911 in de eerste (Amerikaanse) filmversie van De Vrouw van de Zee speelde.

maandag, maart 10, 2008

Famke Jansen



Het is maandagavond en ik hoef even niets. Dus zit ik nadat ik alle emails beantwoord heb onderuitgezakt op de bank en kijk naar James Bond op de televisie. Goldeneye. Mooie titelsong van Bono en The Edge, gezongen door Tina Turner. Eigenlijk is het mooiste van James Bondfilms de leader en de titelsong. Dat begon gelijk al bij Dr. No.
Maar in deze film is Famke Jansen ook een grote attractie. Als een losgeslagen Russin met moordende dijen, een geweldige vondst. Ook heeft ze prachtige grote tanden omlijst door felrode lippen en als ze zoent bijt ze in de lippen van de man waarmee ze zoent. Heerlijke onzin voor als je niets te doen hebt. Anders verveel je je, of zit je te denken waarom je hier naar zit te kijken.
Boven Famke Jansen, hieronder de trailer met Tina Turner's zang.

zondag, maart 09, 2008

Voor de verre prinses

Zondag is een muzikale dag. Mijn oudste dochter geeft 's middags een concert ten huize van de pianolerares, mijn oudste dochter ploetert 's avonds om het melodietje van Yann Tiersen uit de film Amélie Poulainc onder de knie te krijgen en ik zit 's middags te knutselen aan een popversie van het liedje dat ik zong tijdens mijn monoloog in de Museumnacht. Voor de verre prinses, een Nederlandstalige versie van de Friese fado van Nynke Laverman, die het weer van Cristina Branco heeft, welke laatste het gedicht in het Portugees zingt. Een Portugees heeft de muziek geschreven. Ik heb de tekst van het gedicht van Slauerhoff met behulp van de tekst van Laverman bewerkt tot een Nederlandstalige versie. Want die was er nog niet.
Luister naar de demo op my space en let niet op de ruis.

zaterdag, maart 08, 2008

Mondharmonica

De man achter de balie is slecht geschoren. Al een paar dagen niet geschoren. Hij draagt een licht brilletje zonder montuur. Een rood vest. Tegenover hem zit een man met wie hij in gesprek is. Die is in het grijs gekleed. Ik ben in het Accordeonpaleis. Overal om ons heen accordeons. Ik vraag de man om een mondharmonica. In de toonaard E. Ik heb een liedje geschreven, When will you return, waarin onze mondharmonicaan op een mondharmonica in de toonaard E moet spelen. Die heeft hij niet en een mondharmonica is tamelijk duur. Gisteren was hij jarig. Dus dit is een prima cadeau. De man achter de balie buigt zich naar een kastje achter hem. Hij richt zich op en heeft een verpakking in zijn handen met wel vier mondharmonica's in E. Hij neemt er eentje uit, haalt hem uit het blauwe doosje en dan ligt hij glimmend op de toonbank. Hohner staat er in gegraveerd. 22,50, zegt de man. Ik kijk in mijn portemonnaie. 15 euro zit er in. Ik vraag of ik kan pinnen. Dat kan niet. Dus loop ik heen en weer naar de pinautomaat een paar straten verderop. Ik ben in het Oude Westen en er lopen veel vreemde figuren over straat op deze zaterdagmiddag. Junks, weirdo's. Toen ik mijn fiets vastzette voor de winkel werd ik gegroet door een vreemde kleurig geklede dikke vrouw met een ronde bril met een zwaar zwart montuur. Ze lachte haar gele tanden bloot en wenste me goedendag. Ik groette vriendelijk terug.
Als ik terug kom in de winkel staat de man van achter de balie achter de deur en laat een andere klant uit. De man in het grijs zit nog steeds bij de balie een sigaretje te roken. Samen met de verkoper loop ik naar de balie. Nu haalt hij een soort van blaasbalg tevoorschijn, legt de mondharmonica er in en test snel alle lipjes in het instrument. Zuigen en blazen. Alle lipjes doen het. Ik vraag hem om een stukje papier om er omheen te doen. Hij heeft een stukje langwerpig vetvrij papier, maar dat lijkt me niet echt geschikt. Ik betaal, stop de mondharmonica in het doosje, dat is tenslotte ook een soort verpakking, in mijn rechterjaszak en loop het Accordeonpaleis uit nog een blik werpend op de grote verzameling accordeons.

vrijdag, maart 07, 2008

Tot het einde

Regieplan "Tot het einde"

Ik werk aan een regieplan voor een teruggevonden stuk: "Tot het einde", dat oorspronkelijk "Intercity" heette, eerst een komedie was, toen een tragikomedie werd en nu tenslotte als ondertitel "Een fuga" heeft gekregen en een nieuwe titel.

Verhaal
In het eerste deel reconstrueren de danseres en de zanger in het huis van de danseres hoe de actrice is vermoord en door wie. In het tweede deel zien we een scène waarin in het huis van de actrice de zanger vermoord wordt door de danseres. In het derde en laatste deel reconstrueren de zangeres en de actrice in het huis van de zanger de moord op de danseres.

Vorm
De vorm van een fuga is gekozen omdat ik niet van een lineair verhaal houd, het verhaal zou tamelijk cliché worden als het lineair verteld wordt.
"De" waarheid bestaat niet, er zijn meerdere waarheden, het kiezen voor één waarheid leidt tot dogmatiek
De zanger vermoordt de actrice, de danseres vermoordt de zanger, de actrice vermoordt de danseres

Verhaalelementen
De cirkelgang, de omkeringen, de herhalingen zijn gebaseerd op het idee achter de fuga's van J.S. Bach.
Om herboren te worden moet je eerst sterven net als Jezus met Pasen.
Macbeth: schuld en boete, het wassen van de handen van Lady Macbeth verwijst naar het wassen van de handen van Pilatus.
Het is volbracht uit het lied van Bach: met zijn drieën gaat het niet, één van de drie moet sterven om het evenwicht in de relaties weer te herstellen.
Het thema van Awater: ik zoek een reisgenoot, Awater is een soort van Jezus, een verlosser. Alle drie de personages willen verlost worden, van elkaar, van hun zonden, deze moeten met bloed weggewassen worden (Macbeth, opstanding Jezus/handen Pilatus).
Es ist volbracht: het is volbracht, met de dood is het doel bereikt, zonder sterven geen wederopstanding.
In ieder deel van het stuk staat één van de hoofdfiguren weer op uit de dood.

Autobiografische elementen
De liefde voor twee vrouwen, het niet kunnen kiezen voor de ware liefde.
"Awater" van Martinus Nijhoff deed ik ongeveer twaalf jaar geleden als monoloog op het Monologenfestival.
De bewondering voor Aafje Heijnis en de muziek Bach.
De personen zijn op echte mensen gebaseerd, een danseres, een actrice en de zanger ben ik zelf.
Macbeth is mijn lievelings-Shakespeare.

Waarom nu?
Het stuk is twaalf jaar oud, maar heeft een universeel en tijdloos gegeven. Dat je terwijl je verliefd op iemand bent, toch verliefd kunt worden op een ander. Bijvoorbeeld bekend uit films als "La femme d'à coté" en "La Dernier Métro" van Truffaut. De toevallige ontmoeting met een Poolse actrice, bracht me het stuk in herinnering, waarna ik het opdiepte uit mijn archieven en het herlas. Ik was verrast hoe goed ik het na al die tijd vond en wist onmiddellijk dat ik het opnieuw wilde oppakken en zelf wilde regisseren. Wat ik niet bedacht had toen ik het schreef.

In 1991 regisseerde ik mijn enige professionele productie bij theater Spinsel in Zoetermeer. Lady Aoi en De Verruilde Waaiers van Yukio Mishima. Dat smaakte toen niet naar meer. Nu heb ik meer ervaring, twintig jaar ervaring als regisseur, en denk ik dat ik het beter aankan. In het professionele theater 'verdwijnen' veel acteurs als ze ouder worden, met name de vrouwen. Slechts weinigen gaan door. Wellicht worden ze speldocenten, trouwen, krijgen kinderen en trekken zich terug uit de theaterwereld en/of kiezen een ander beroep. Het lijkt me een mooi idee om met een oudere actrice, zanger en danseres deze voorstelling te maken, die daardoor een verdieping krijgt door ervaring, inzicht en wijsheid.

Een professionele productie betekent meer tijd, meer ondersteuning in de vorm van bijvoorbeeld dramaturgie, en daardoor meer verdieping. Ik denk dat ik daar op dit moment aan toe ben na twintig jaar regisseren.

Foto: Aafje Heijnis

Compagnie Isabelle Soupart: K.O.D.

Sommige voorstellingen zijn om onverklaarbare redenen niet helemaal geslaagd. Dat gevoel heb ik bij K.O.D. (Kiss of Death) van Compagnie Isabelle Soupart, die ik gisteravond in Lantaren/Venster zag. Sommige scènes zijn net iets te lang, het verhaal is een samenraapsel van scènes, voornamelijk uit Hamlet, maar ik herken ook stukken Taxidriver, Paris Texas en David Lynch. De muziek of gitaarklanken van de gitarist die live-muziek bij de voorstelling speelt doet vaak denken aan de muziek van Lynch's huiscomponist Angelo Badelamenti. Het bewegingsmateriaal van de dansers vind ik niet erg rijk en vindingrijk. De voorstelling blijft fascineren maar raakt me niet in het hart.

De focus van de voorstelling ligt voornamelijk op de verhouding van Hamlet met de belangrijkste vrouwen in zijn leven, zijn moeder en zijn verloofde Ophélia. De mannen spelen verschillende rollen, alhoewel Hamlet en Claudius steeds door dezelfde twee mannen gespeeld worden. De drummer/acteur/danser/humanbeatboxer maakt veel indruk met zijn capaciteiten, de Hamlet vind ik een beetje vlak.

Niet echt een slechte voorstelling, maar ik heb gemengde gevoelens. Ik ben niet iemand die echt behoefte heeft aan een lineair verhaal, maar dit is net iets te veel een hoeveelheid los zand uitgestrooid over een aantal plotlijnen uit Hamlet.

woensdag, maart 05, 2008

Vreemde dromen

Achter elkaar in één en dezelfde nacht droom ik de vreemdste dromen. Eerst is er een prachtige donkerharige Italiaans ogende vrouw met een groot zwart pistool die een man neerschiet. Het lijkt het meest alsof ik in een thriller terechtgekomen ben. Onderdeel ben van een film. Nadat ze hem heeft neergeschoten pakt ze een grote steen en slaat hem in het gezicht. Het is gruwelijk als in een film van Polanski met Natassja Kinski.

Vervolgens sta ik ineens bij een bushalte te wachten. Naast me liggen een paar tassen die ik bij me heb. Een lange slanke neger komt aanlopen en gaat er met onze geruite boodschappentas vandoor. De tas is leeg maar ik wil de tas terug dus ga ik hem achterna. Hij laat de lege tas vallen en ik raap hem op en loop terug naar de halte. De neger komt teruglopen en heeft iets in zijn hand. Het blijkt een grote schaar te zijn die hij met twee handen vasthoudt alsof het een dolk is. Ik ben niet bang. Vreemd genoeg.

Dan zit hij opeens aan tafel in huis. Hij heeft nog steeds de schaar op dezelfde manier vast. Ik neem hem rustig en bedaard de schaar af. Dan gaat de bel. Ik loop naar de voordeur en mijn Enige Echte Ex k0mt binnen, samen met haar man en twee kinderen. Het ene kind is een dochter. In werkelijkheid had mijn Enige Echte Ex twee zoons. Ze is dood, dat weet ik, en in deze droom weet ze dat zelf ook. Maar ze lacht vrolijk. Ze is hier om mijn dromen waar te maken. Ze wil van me weten wat mijn droomhuis is. In de natuur? vraagt ze. Ik zie een huis voor me, gebouwd tussen twee heuveltjes, veel groen, gras en bloemen. Nee, denk ik, liever in de stad. Ik zie een rivier.

Dan is de droom afgelopen. Later op de dag denk ik aan een huis aan het Piazza Navona in Rome. Bij de fonteinen van Bellini. Wakker worden van het geklater van de fontein, van stemmen van toeristen, de zon door de gordijnen.

maandag, maart 03, 2008

Shanty-workshop

De man zit een beetje eenzaam en alleen op het podium. Op zijn schoot een uit de kluiten gewassen accordeon. Boven zijn hoofd de teksten van de liederen die hij zingt. Die wij geacht worden mee te zingen. Er is nog een man of vijf publiek, de grote ruimte is kaal en leeg. Ook de verlichting is een tikkeltje naargeestig, net iets te licht voor een kroegsfeer. Er hangen wat lampenkappen in de ruimte om de ontbrekende gezelligheid aan te duiden. De accordeonist is gestart met "What shall we do with a drunken sailor?" Rechts zitten twee dames waarvan er een voorzichtig meezingt. Ik drink de laatste slok van mijn biertje en neem afscheid van mijn beide collegatoneelspelers. Het is kwart over één 's nachts.

De bardame gaat met vette ballen rond om de feestvreugde enigszins te verhogen. Daartoe heeft ze prachtige hoge witte pumps aangedaan en een zwart blousje aangetrokken dat uitzicht biedt op de gleuf tussen haar borsten. Het lange blonde haar golft weelderig over haar hoofd. Eerder op de avond is ze vlak voor de deur afgezet door haar mannelijke begeleider als een artieste bij de artiesteningang. Als ze eenmaal binnen een accordeon had omgehangen had me dat niet verbaasd.

Ik trek mijn jas aan en zoek mijn fietssleutel in de zakken.

Jawel

Jawel, dat is mogelijk.

Testbericht

Een testbericht om te kijken of mobiel bloggen mogelijk is.

zondag, maart 02, 2008

Op de Annigje

Het is zover. De voorstelling moet gespeeld worden. De avond voorafgaand aan de Museumnacht doe ik een generale aan tafel bij mijn ouders thuis in Groningen, voor een publiek van drie personen, mijn ouders en mijn vrouw. De energie is weer iets te laag maar het is een goede oefening. Ik doe nog een extra repetitie onderweg in de auto van Groningen naar Rotterdam met mijn vrouw als regisseur. Ze geeft een aantal tips en aanwijzingen die ik ga gebruiken. We komen aan in Rotterdam, ik kleed me om, pak mijn spullen en vertrek naar het Havenmuseum. Samen met Yvette die ook de monoloog doet en met de man die de techniek regelt maken we een opstelling in de boot. De acteur een beetje middenin het publiek er om heen. Zo krijgen we toch een intieme sfeer. Ik speel het liedje voor aan mijn mede-acteurs en aan de schrijfster van het stuk, Willy Hilverda, die ik complimenteer met haar tekst die ik prachtig vind vormgegeven en een mooi ritme heeft. Vervolgens speel ik zes voorstellingen, afwisselend met Yvette en Richard.

1.
De eerste voorstelling speel ik vol energie en met veel beweging zodat de regisseur me achteraf vraagt waar de rust is. Hij zegt het nogal verwijtend maar ik weet achteraf dat hij gelijk heeft. Ik hussel wat met de tekstvolgorde maar kom er tenslotte goed uit. Na de voorstelling komt mijn vrouw binnen, te laat om mij te zien, maar ze bekijkt de voorstelling van Richard, die ook heel mooi is, met grote rust, als een echte verteller zegt hij de tekst.

2.
De volgende voorstelling blijf ik rustig zitten en neem ik de tijd. Ik neem meer tijd voor mijn gevoelens, probeer me goed in te leven in het personage. Ook kort ik het lied aan het einde, van Nynke Laverman/Cristina Branco, iets in. De schrijfster is aanwezig en vind het mooi, vooral dat ik het lied aan het einde echt zing. Ik vertel haar dat het lied me denk ik de allermeeste moeite heeft gekost, maar dat ik zelf ook tevreden ben dat ik toch die moeite heb genomen.

3.
Bij de derde voorstelling wil ik toch proberen opnieuw even op te staan, maar om de een of andere reden lukt het me niet om los te komen van mijn stoel. Ik heb het gevoel dat mijn energieniveau iets gezakt is en dat dit mijn slechtste voorstelling is of zal zijn. Ik neem me voor de volgende keer meer in de strijd te werpen. Na de voorstelling komt een man naar me toe die zelf ook erg bezig geweest is met Slauerhoff. Hij is erg enthousiast en ik vertel hem dat de schrijfster achter de balie zit waar de kaartjes voor de voorstelling afgehaald kunnen worden. Dat hij daar zijn complimenten moet gaan brengen. Hetgeen hij ook doet, zo hoor ik later. Maar het is het eerste wat hij deze avond ziet en zijn avond kan nu al niet meer stuk, zegt hij.

4.
Dan is er iemand met de slappe lach. De eerste persoon die de slappe lach krijgt rent de boot uit en wil eigenlijk weer terugkomen maar wordt gelukkig, zoals ik later verneem, door mijn twee collegaspelers tegengehouden. Twee andere personen, een blonde vrouw en een dikke Belg met een soort Indianenkapsel, een klein toefje zwart haar op zijn verder kale hoofd, kunnen niet stoppen met lachen. Ik blijf moedig doorgaan en houd mijn concentratie en loop rustig naar het lachende duo toe en spreek ze met de tekst van de monoloog aan, eerst de een, dan de ander want ze zitten tegenover elkaar.

5.
Bij mijn vijfde voorstelling is mijn hele familie aanwezig maar eigenlijk moet Yvette spelen. Ik probeer eerst nog mijn familie te laten wachten tot de volgende, maar daar hebben ze natuurlijk geen zin in. Dus vraag ik of ik met Yvette kan ruilen omdat nu al mijn fans aanwezig zijn. Bij de voorstelling is ook Radio Rijnmond en de jury van de Museumnacht aanwezig. Ze vind het goed alhewel ik later hoor dat ze nogal boos was, maar daar heeft ze mij niets van laten merken.
Ook deze voorstelling gaat goed en ik heb het idee dat het publiek ondanks het late uur en het steeds luidruchtiger worden van het publiek, erg onder de indruk is. Een malloot komt nog naar me toe om te zeggen dat hij het wel mooi vond maar geen cd van me zou kopen, omdat hij daar volgens hem later spijt van zou krijgen.

6.
De laatste voorstelling is mijns inziens de beste, maar echt beoordelen kan ik het zelf niet. Ik was van te voren bang dat ik aan het einde van de avond te moe zou zijn om nog goed te spelen, maar het gaat goed. Ik speel deze voorstelling direct na de vorige, zonder pauze en ik heb het gevoel dat ik er nu helemaal in zit. Ik neem rust, neem een aantal keren een loopje, ben enthousiast en gevoelig op de juiste momenten.

Dan kijk ik tenslotte nog een keer naar de allerelaatste voorstelling die door Yvette wordt gedaan. Ik zit behoorlijk vooraan en zit er dus behoorlijk dichtbij. Ook zij doet het heel mooi, heel anders dan Richard, heel anders dan ik. Het enige wat ik jammer vind is haar Amsterdamse accent, dat ik niet mooi vind. Maar ze speelt het goed en het publiek is muisstil.

Ik maak nog even een wandelingetje door de Witte de Withstraat maar ik ben moe. Ik zie nog wat leuke dingen (op de foto met Joran van der Sloot en wilde dans in Roodkapje, fluorescerende schilderijen en de kleinste band ter wereld in de Willem de Kooning-galerie) en proef de sfeer. Ik heb nog een paar ontmoetingen met bekenden en dan spoed ik me naar Boymans vanwaar we met de hele familie en aanhang van vrienden en kennissen om één uur naar huis fietsen.