zaterdag, december 13, 2014

Leendert van der Valk: Duivelsmuziek

Soms komen verscheidene zaken op wonderlijke wijze samen. Zo lees ik in het boek van David Byrne, Hoe muziek werkt, over een concert van Dr John waarbij het publiek zich afwendt, zie ik in de documentairereeks Sonic Highways een aflevering over de muziekscene in New Orleans waarin uiteraard dezelfde Dr John aan het woord komt, en lees ik in de laatste hoofdstukken van Duivelsmuziek opnieuw over Dr John, de duivelskunstenaar op de piano. Hij is trouwens niet de enige, New Orleans ademt muziek en heeft vele groten voortgebracht. Professor Longhair, de Neville Brothers, Louis Armstrong om er een enkele te noemen.

'Drie weken geleden reden we door de straten van Memphis waar ooit Howlin’ Wolf en BB King speelden. We zagen de sporen van de blues, soul en rock-’n-roll uit de jaren vijftig en zestig. We staken de rivier over en tuneden in op de jaren veertig van King Biscuit Time in Helena, fietsten naar de vormingsjaren van Muddy Waters, naar de jaren dertig van duivelslegende Robert Johnson, we vonden de volksliedjes van Mississippi John Hurt uit de jaren twintig, we zochten naar de muziek die toen nog geen blues heette, naar spirituals en field hollers langs de Mississippi. We zochten de work songs uit de slaventijd in de moderne slavernij van Angola Prison. Drie weken lang fietsten we achteruit door de muziekgeschiedenis.'

Deze eerste alinea van hoofdstuk met de titel Dag 23: New Orleans vat in een notedop samen waar het boek over gaat. Samen met zijn partner, de fotografe Winnifred Wijnker, fietst Leendert van der Valk door de geschiedenis van hun beider favoriete muziekgenre. Op zoek naar een rimpelige oude neger die met een gitaar op schoot op de veranda de blues zit te vertolken. Een illusie natuurlijk maar het is een mooie tocht door een landschap waar het lastig fietsen is en de omstanders je zielig vinden als je geen auto hebt. Soms moeten ze ook wel een lift aanvaarden omdat er echt niet te fietsen valt.

Ook de foto's van Winnifred Wijnker die het boek illustreren zijn prachtig, met name de foto's van verlaten landschappen en straten, dat lijkt haar specialiteit.

Terecht opnieuw uitgebracht door uitgeverij Fosfor.

zaterdag, november 29, 2014

Ian Fleming: Casino Royale



Zoals veel mensen ken ik James Bond alleen uit de films. Dat begon lang geleden in Enschede waar in de nachtfilm Dr No werd vertoond. Ik genoot van de toen al ouderwetse film met Sean Connery en Ursula Andress die als moderne zeemeermin of Aphrodite met grote borsten uit de zee oprees? Daarna zag ik diverse James Bond films op televisie met als laatste Casino Royale. De James Bond-tentoonstelling in de Kunsthal was de aanleiding om na al die tijd voor het eerst eens de originele boekversie van een James Bond ter hand te nemen. Waar beter te beginnen dan bij het allereerste boek over James Bond, tevens de laatste film die ik zag.

Het eerste wat me opvalt is dat de plaats van handeling voor de film verplaatst is van Frankrijk in het niet bestaand plaatsje Royale, concurrent van Deauville aan de Franse Noordzeekust, naar een exotische locatie in de Caraïben. Het tweede opvallende is dat James Bond eigenlijk niet zo erg veel doet. Hij wint een belangrijk potje baccara aan de speeltafel van Le Chiffre, zijn tegenstander die werkt voor de Russen. Daarna laat hij zich in de val lokken, wordt gemarteld, gered door de Russische organisatie Shmersh, en komt uitiendelijk voor een verrassing te staan die hij niet had vermoed. Dat laatste zal ik hier niet verklappen.

Toen het boek uitkwam was het publiek geschokt door de wreedheden die in het verhaal voorkomen, maar ondertussen zijn we wel wat gewend en ik denk dat het de moderne lezer van detectiveverhalen niet zou opvallen of van zijn of haar stoel doen vallen. Zoals Dr No ouderwets was toen ik die film uit 1964 begin tachtiger jaren zag, zo is dit boek ook enigszins ouderwets. Een klasieker voor de fans, maar geef mij maar Simenon. Ook ouderwets maar door de grotere nadruk op psychologie en minder op actie toch tijdlozer.

vrijdag, november 28, 2014

David Byrne: Hoe muziek werkt

In het boek Hoe muziek werkt heeft David Byrne zijn ideeen over het geheim van de muziek neergelegd. Het begon allemaal met een Ted-talk over muziek en architectuur en hoe de waardering voor en de ervaring van muziek afhankelijk is van context. Orgelmuziek bijvoorbeeld klinkt fantastisch in een kerkgebouw, maar het ritme van Afrikaanse trommels wordt binnen een kerk een grote chaos.
Het mooie van dit boek is dat David Byrne het persoonlijk maakt door zijn inzichten over muziek te koppelen aan autobiografische details. Zo vertelt hij uitvoerig over de verschillende kostuums die hij en zijn bandleden van de Talking Heads en latere bands in verschillende periodes droegen en de betekenis daarvan. Ook vertelt hij het hele verhaal achter de show die leidde tot de film Stop Making Sense van Jonathan Demme. Misschien wel de beste concertfilm aller tijden.

In een tiental hoofdstukken die je op willekeurige volgorde kunt lezen komt van alles aan de orde. Architectuur, theater en kostuums, de zakelijke kant, de ontwikkeling van de techniek en haar invloed op de muziek, de sociale kant en de psychologische en filosofische kanten. Met niet alles ben ik het eens en sommige dingen zijn door anderen al beter of duidelijker verteld, maar het gedrevene van de schrijver neemt je mee en dat maakt dat het boek leest als een trein. Ik merkte bijvoorbeeld dat ik veel cynischer ben dan David Byrne op het gebied van de sociale kracht van muziek, maar dat ik genoot van de verhalen over de voortschrijdende techniek van het opnemen van muziek en hoe die techniek invloed uitoefende op hoe muziek wordt gemaakt en beleefd. Van iets etherisch werd muziek een ding dat je in de hand kon hebben in de vorm van bijvoorbeeld een plaat of cd en met de digitalisering wordt muziek langzamerhand weer iets ongrijpbaars. Maar nu wel overal en altijd verkrijgbaar.

Een aanrader voor iedereen die van muziek houdt. Er schijnen mensen te zijn die dat niet doen, veel zijn het er waarschijnlijk niet want ik heb nog nooit zo iemand ontmoet. Talking Heads hebben een plaat naar die ziekte genoemd, Fear of music.

dinsdag, november 25, 2014

ATFR 2014 #4: Zaterdagavond

Na een eenvoudig doch voedzaam maal van de cateringservice van het ATFR (Amateur Theater Festival Rotterdam), net als vorig jaar weer heerlijk, begint de avond met Velour, de groep die ik als coach heb begeleid. Ik heb een paar weken eerder twee doorlopen gezien waarbij nog veel in de steigers stond. Ik ben nu benieuwd naar het resultaat.


Velour: Als du mich einst gefunden hast


Met veel vaart en op vrolijke muziek begint Als du mich einst gefunden hast, een stuk losjes gebaseerd op een lied van de Duitse zanger Falco. In een schoonheidssalon mengt zich een weirdo tussen het personeel en de twee vrouwelijke klanten. Na enkele minuten denk ik: als ze zo door gaan, in dit tempo en met deze concentratie zijn ze nu al de gedoodverfde winnaar van het festival. Twee jaar geleden coachte ik al een groep die vervolgens winnaar werd, dit zal me toch geen tweede keer gebeuren, gaat door mijn hoofd. Ook de omslag van klucht naar psychothriller waarin zo'n beetje iedereen vermoord wordt, gaat ze goed af. Het publiek wordt stil. Maar daarna gaat het helaas mis. Langzaam komt de machine tot stilstand en gaat de vaart en de pit er uit. Gesjor aan kleding, langzame wisselingen. De bedoeling is duidelijk maar helaas. Net als bij Naakt denk ik: doorgaan op dit gegeven, beter afmaken, fine tunen en dan is het een gouden voorstelling. Jammer dat dit nu nog niet lukte.

TA Noordwijk: Overmoed


De moedigste productie van dit ATFR is ongetwijfeld Overmoed van TA Noordwijk. Drie jonge meiden spelen een tekst van Oscar van Woensel over een collectieve zelfmoord op de flanken van de Vesuvius. Een van de drie heeft een oproep geplaatst op Facebook waarop de twee anderen hebben gereageerd. Samen sluiten ze zich op in een hutje, mooi verbeeldt door middel van vier banden grijs gaffertape op de vloer, om samen de gloeiendhete lava over zich heen te laten komen. En dan sluipt toch de twijfel de afgesloten ruimte binnen.
Het eerste wat ik mij afvroeg is wat bezielt deze meiden om dit te spelen? Helaas waren de meiden er niet meer tijdens de afsluitende talkshow, anders had ik het ze zelf gevraagd. Feit is dat de drie meiden ondanks de onvolkomendheden en onervarenheid in hun toneelspel, een indrukwekkende voorstelling neerzetten die terecht door de jury met een aanmoedigingsprijs werd beloond.

ASAP: Een slappe bewerking van een komedie voor vier mensen en een tafel die niet vrij komt


Prijs voor de langste titel heeft ASAP voordat ze beginnen al te pakken. Twee stellen, het ene lesbisch, het andere hetero, ontmoeten elkaar in de bar naast een restaurant om te bespreken wie de caravan krijgt. Louise van het lesbische stel heeft namelijk een relatie gehad met Ben en samen hadden ze een caravan. Een caravan waaraan ze beide veel herinneringen hebben. Ze ontmoeten elkaar in de bar omdat hun tafel door een fout van het restaurant nog niet vrij is. Onder het genot van witte wijn, heel veel witte wijn, komt het tot een confrontatie.
Net als in het andere caféstuk op het festival, Barre tijden van Gort & De Liefde, draait het hier ook om het spel van de vier acteurs. Ze brengen het er goed van af. Het is komisch, het is scherp. Misschien had het nog net iets venijniger en daardoor ontroerender gekund, maar ook ASAP krijgt een prijs, de prijs van de groepen zelf. Ook zij gaan op 6 december naar de Rotterdamse Schouwburg waar iedereen die dit stuk nog niet gezien heeft zeker moet gaan kijken.

Foto N.H. Stekelenburg

Maasstadspelers: Labyrinth


De regisseur van de Maasstadspelers wil een grap met het publiek uithalen. De voorstelling is aangekondigd als Labyrinth maar in werkelijkheid spelen ze een Pirandello-achtig stuk, zogenaamd geïmproviseerd over een grootvizier, zijn vrouw en zijn raadsheer. De grap was mijns inziens beter en consequenter uitgevoerd geweest als er ook een decor had gestaan van een ander stuk. De spelers komen uit het publiek en beginnen te improviseren. Het switchen van spel naar 'echt' doen ze goed, met name door het ouderwets groot en Shakespeariaans acteren in de geacteerde scènes. Op een gegeven moment komt er een vrouw, Ellen, uit het publiek die de vrouw is van acteur Fred. Zij is zogenaamd geen actrice maar de vrouw van de hoofdrolspeler. Maar op zeker moment verdwijnt ze in de coulissen om daar te gaan koken. Nogal vreemd want we zijn in het theater volgens de conventie van het stuk. Aardig gedaan maar gebrekkig uitgewerkt vond ik.

Tussendoor zag ik ook nog een voorproefje van Dorst van Meijers en Van Wijk. Mijn mening daarover bewaar ik nog even totdat ik de hele voorstelling heb gezien.
De avond eindigde met disco. Maar op de eerste avond was er een dj die er uit zag alsof-ie nog niet droog was achter de oren en die totaal niet aanvoelde wat zijn publiek wilde. Nu was er DJ Okkie die meestal goed de voetjes van de vloer weet te krijgen, maar het publiek was blijkbaar moe na alle voorstellingen en wilde snel naar huis.

zondag, november 23, 2014

ATFR 2014 #3: Zaterdagmiddag

Risk: Mijnheer Puntila en zijn Matti


De zaterdagmiddag start met studententheatergroep Risk die een Rotterdamse versie speelt van een stuk van Bertold Brecht. Over een meester die in nuchtere staat zijn knecht Matti de huid vol scheld en hem in dronken toestand liefheeft. In deze versie is de knecht zijn chauffeur en speelt het stuk zich af in Charlois, maar dit Charlois is nog wel een dorp bevolkt door boeren. Het duurt even voor de hoofdrolspeler zijn dronkenschap goed te pakken heeft. Het is één van de moeilijkste opgaven voor een acteur, overtuigend dronken zijn, en voor een onervaren acteur is dat een grote opgave. Sabine van Buren die een groot aantal bijrollen speelt (apotheker, slager, boerin, etc.) en die behendig als typetjes weergeeft, heeft het wat dat betreft makkelijker, maar ze kwijt zich zo goed van haar taak dat zij de show steelt.
De spelers laten een fraai staaltje van Brechtiaanse vervreemding zien maar hebben duidelijk moeite met de tekstbehandeling en de emoties van dit stuk. Dat is jammer.

Het Nieuwe Werk: Tunnelbouwers


Het Nieuwe Werk werd voorheen altijd geregisseerd door Francien Schraal en won tot nu toe menig festival. Ditmaal is Wanda Meeuws de regisseur en ook zij weet een indrukwekkende voorstelling neer te zetten die opnieuw in de prijzen valt. Deze zal ook op 6 december aanstaande in de Rotterdamse Schouwburg te zien zijn.
Een man zit vast in een tunnel onder een grote hoop aarde. Bij een protestactie is hij door een bulldozer onder de aarde geschoven. Een groep arbeiders is verzameld en vertelt in een televisie-uitzending of tijdens een rechtzaak zijn verhaal. Zijn moeder treurt om hem, deze jongen die niet wilde deugen en van wie ze toch altijd is blijven houden.
Door problemen met het geluid is dat veel te hard, alles vervormt en de toeschouwers zitten met hun handen op de oren tijdens het akoestisch geweld dat hen teistert. Ik vraag me af of de voorstelling niet heel veel aan kracht had gewonnen zonder het gedoe met de microfoons. Ik ben toch al geen liefhebber van het geluid van gesproken woord via microfoons op toneel. Met een goede geluidsinstallatie is het mogelijk om met behulp van versterking te fluisteren op toneel, maar meestal is het mijns inziens onnodig. Nu moeten de spelers zich haasten om op de juiste plaats bij de juiste microfoon te staan.
Ik werd door dit geweld niet overtuigd van de ongetwijfeld goede bedoelingen van dit politieke stuk. De jury blijkbaar wel en wie weet valt bij de reprise alles op de juiste plaats. Ik miste uiteindelijk vooral het medeleven met de hoofdpersoon en zijn moeder, een emotie die mij in het hart raakt.


Naakt: Because you have to be asleep to believe in it

Een viertal emigranten op weg naar Amerika staat te wachten tot ze eindelijk de boot op mogen die hen naar de overkant van de grote plas zal brengen. Ondertussen wordt duidelijk wat hun American Dream is. Als het publiek de zaal binnenkomt moet het eerst voor een lint in de rij staan voordat het plaats mag nemen op de tribune en wordt aan iedereen een goede reis gewenst. Mooie vondst. Deze voorstelling doet me denken aan de mimevoorstellingen uit de begindagen van Carrousel en aan het werk van Radeis.
Jammer genoeg mist er nog wat gekte en ook het tempo van de voorstelling is nogal traag. Toch hebben de spelers in potentie een mooi verhaal te vertellen en doen ze dat met veel overtuiging. Hopelijk hebben ze een mogelijkheid dit stuk vaker te spelen en er meer dynamiek in aan te brengen. Dan kunnen de personages nog verder worden uitgewerkt en kan het heel mooi en ontroerend worden. Want ook hier miste ik nog iets wat mij raakte, het aan duigen vallen van de American Dream, wat er volgens mij wel in zit.

(wordt vervolgd)

ATFR 2014 #2: Vrijdagavond

Omdat ik het ATFR (Amateur Theater Festival Rotterdam) start met mijn eigen short mis ik de eerste eenakter in de wedstrijd die het ATFR ook is. Mijn voorstellingenreeks begint met Festes.


Festes: Doodrijp


Doodrijp is een tekst van Peer Wittenbols. Eerder speelden Agaath van Dijk en Dim Rossen samen met Denise Beeckmans een soortgelijke tekst in regie van Stephan Zeedijk in het atelier van Chris Ripken. Dit is een tekst voor twee personen, de tuinder Bonke en zijn vrouw Zwaan. Aan het einde van hun leven lijden ze aan een liefdeloos huwelijk. Er moet orde op zaken gesteld worden, vindt de vrouw.
In een simpel decor van een paar kratten vliegen de verwijten heen en weer. Grof taalgebruik afgewisseld met poëtische en filosofische teksten. Er wordt goed getimed en daardoor veel gelachen door het publiek. Het is mooi twee zulke ervaren spelers aan het werk te zien. Toch overtuigde Dim mij niet, ik vond hem een filosoof in een overall, maar niet iedereen was dat met mij eens, waaronder de jury van het festival. Ik werd meer overtuigd door het fysieke spel van Agaath die mijns inziens echt een tuindersvrouw was. Neemt niet weg dat het een mooie voorstelling is die zowel de publieks- als de juryprijs van het festival won en daarom nog te zien is in de Rotterdamse Schouwburg op 6 december a.s. Heb je de voorstelling niet gezien, ga er dan heen en oordeel zelf.


Gort & De Liefde: Barre Tijden


Een voorstelling over twee mannen in een café. Gort & De Liefde deden dat vorig jaar ook al. Even was ik bang voor een herhaling van zetten, maar niets is minder waar. Gestart wordt met een gedicht over de liefde voor een stad waarin makkelijk Rotterdam te herkennen valt maar in de voorstelling met Carmiggelt-achtige verhalen mag een Amsterdams café ook niet ontbreken en dat ontbreekt dan ook niet.
Gort & De Liefde portretteren met veel liefde, mededogen en een scherp oog diverse personages in diverse café's. De vraag is of de hoedjes en jasjes die de twee acteurs tussendoor aan- en uittrekken nodig zijn, maar het simpele decor van een houten frame dat een bar voorstelt en wat bierglazen, is dan weer heel effectief. Uiteindelijk is deze voorstelling één van mijn favorieten.

(wordt vervolgd)

ATFR 2014 #1: Contact

Voor het Amateur Theater Festival Rotterdam, de vijfde editie alweer en de tweede in de Gouvernestraat, maak ik een short. Dat is een heel kort stuk van maximaal vijf minuten. Twee weken geleden sloot ik me op met twee vrouwen in een schoollokaal tegenover ons woonhuis en ging aan de slag. Vier uur hadden we om een kort stuk te maken. Het thema dat ik van te voren had bedacht was contact. Twee vrouwen zijn in een verder niet omschreven ruimte en zoeken contact. Ik had wat muziek bij me en tussendoor rende ik even naar huis om een paar maskers te halen omdat we een scène hadden gemaakt waarbij ik maskers wilde gebruiken. In de vier uur maakten we een absurd bewegingsstuk zonder woorden dat vrijdagavond werd opgevoerd in zaal 4 van de Gouvernestraat, tezamen met drie andere shorts van de theatergroepen Naakt, De Onderneming en VZOD & Walter S.

Gelukkig hebben we nog even tijd om het stuk drie keer door te nemen voorafgaand aan het eten. Daardoor hebben we de gelegenheid om het stukje goed in de ruimte te zetten, licht en geluid te testen en de laatste puntjes op de i te zetten.

Dan spelen we 's avonds voor een publiek van een man of 15-20. De reacties zijn erg goed en ik vind dat de spelers zoals vaak het geval is, voor publiek intenser spelen dan tijdens de repetities. Het is een vreemd stuk met twee vrouwen die om elkaar heen draaien, dansen, eindigend in een slow motion geweldsexplosie. Ik ben tevreden. 's Nachts in bed bedenk ik me dat het goed zou zijn de voorstelling nog eens uit te werken, aan te scherpen, misschien wat uit te breiden.

maandag, november 17, 2014

Circus Treurdier: Spektakel X

Bij sommige voorstellingen kom je bij toeval terecht. Dat gold ook voor Spektakel X van Circus Treurdier. Een voorstelling op locatie in de buurt van Station Zuilen in Utrecht. Een gebouw met een oefenruimte voor bands, een opslagplaats en ook een lege ruimte waar de voorstelling werd gespeeld. Onze jongste dochter werkte er als vrijwilliger en omdat we graag weer eens iets met onze dochters wilden afspreken deden we dat daar, na eerst te hebben gegeten in het centrum van Utrecht.

De dames en heren van Circus Treurdier komen overduidelijk van de kleinkunstacademie, ze kunnen zingen, dansen, instrumenten bespelen, wat kunnen ze niet. Met al die kwaliteiten maken ze een cabareteske voorstelling over onder andere discriminatie, pedofilie en mediageilheid. Actuele onderwerpen, komisch gebracht en verwerkt in een absurd toneelstuk. Twee buren, een man met een puberdochter en een man met een lusteloos huwelijk, wonen naast elkaar. Ook komt er een wezen van een andere planeet, een eenhoorn neerdalen, waarop het meisje verliefd wordt.

Er is een orkestje, er is een sensatiejournalist, er zijn veel dubbelrollen en er is erg veel humor. Omdat het al weer lang geleden is dat ik deze voorstelling heb gezien (augustus), kan ik het wervelende verhaal niet meer navertellen, maar ik heb erg gelachen. Ik vond de interactie die werd aangekondigd een beetje tegenvallen, we mochten wat schreeuwen en wat fruit naar het decor werpen, en de titel wat misleidend, maar dat mocht de pret niet drukken. Circus Treurdier, een naam om te onthouden.

vrijdag, oktober 24, 2014

Nieuwe voorstellingen Philip Glass


Binnenkort nieuwe voorstellingen van Philip Glass koopt een brood door Het Vermoeden.

In het atelier van City Art (Chris Ripken) speelt Stichting Het Vermoeden het absurde theaterstuk Philip Glass koopt een brood. Waarin de spelers spreken zoals de muziek van Glass klinkt. Omlijst met geweldige jazzmuziek van de Amerikaanse saxofonist Zane Massy.

Theaterstichting Het Vermoeden 
Een theaterstichting die bijzondere producties maakt, altijd op locatie. Ditmaal in het atelier van City Art aan de Insulindestraat 248 in het Oude Noorden. Spelers: Barry Kors, Marina Meijers, Fedde Spoel en Adrie van Wijk. Tekst: David Ives. Vormgeving: Gerda Brinkman. Regie: Fedde Spoel 

City Art
City Art Rotterdam nieuw podium voor beeld en geluid. City Art Rotterdam biedt kunstenaars, uit elke discipline een podium om hun "kunsten"te tonen. Hoge kunst laagdrempelig tonen, de verschillende disciplines samen te laten gaan, kunstenaars een podium bieden, publiek boeien, discussie oproepen en ideeen stimuleren.

Te zien 
Theatervoorstelling met live jazzmuziek van Zane Massy.
Vrijdag 14, zaterdag 15 november, 20.30 uur 
City Art, Insulindestraat 248, 3037 BL Rotterdam 
Prijs: € 10,=. 
Kaarten en reserveren: www.hoenu.nl 
Informatie: feddespoel@feddespoel.nl, 06 41212 449

Met dank aan de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur en Deelgemeente Kralingen/Crooswijk

dinsdag, oktober 21, 2014

SMWRdam: Profielschilders, Evenementen & Social Media Impact


In de middag zak ik een beetje in. Het is warm in de zaaltjes en ook niet alle sprekers zijn even interessant. Als ik binnenkom bij de lezing van de profielschilderes zie ik aan haar uiterlijk al dat dit niet iets voor mij is. Gelukkig is het praatje dankzij de mannelijke sparringpartner toch erg grappig. Ook komen er veel tips voorbij over je profielfoto. Aan de hand van grappige voorbeelden laat Ruud van Wijngaarden zien wat je niet moet doen als je een profielfoto plaatst. Zoals: meerdere personen op je profielfoto (raad eens wie ben ik?), een dier op je profielfoto (ik ben mijn kat cq. hond), je kind op je profielfoto (ik ben mijn kind), met een zonnebril op je profielfoto (ik wil me niet laten zien).Om uit te komen bij dat je je profielfoto moet laten schilderen door Lique Angel, de dame met het lange blonde haar die hem flankeert. Ze maakt mijns inziens foeilelijke portretten maar ieder zijn smaak, en heeft verder niet veel te vertellen. Ze is op televisie geweest, daarvan laat ze iets zien, maar wie is in deze tijd van 15 minutes of fame nu niet op televisie geweest. Een komische sketch maar niet echt interessant of vernieuwend.

Social Media Week Rotterdam


Volgende spreker is Rinske Brand en zij is een stuk interessanter. Haar verhaal heet How to maximize social media for your event en ze laat aan de hand van veel praktijkvoorbeelden zien hoe ze social media inzet om events zoals het China Light Festival overal onder belangstellenden te verspreiden. Belangrijkste les van dit verhaal is opnieuw dat als je social media in wilt zetten dat dit niet heel veel geld kost maar wel heel veel tijd van de medewerkers van je organisatie. En daarmee natuurlijk ook veel geld in de vorm van salaris tenzij je alles met vrijwilligers kunt doen.


Laatste spreker die ik beluister is een echte Rotterdammer, Menno Urbanus, over Optimize strategy through social media analysis. Echt nieuw is zijn verhaal niet, het gaat over statistiek, een interessant onderwerp maar moeilijk om sexy te maken. Omdat het bovendien einde van de middag is blijft er weinig van hangen. Net als bij de man van Spotify is het belangrijkste 'meten is weten'. Vertrouw niet op je instinct maar meet en verbeter. Met deze wijsheid sluit ik mijn bezoek aan de Social Media Week Rotterdam af.

Social Media Week Rotterdam

SMWRdam: Maak Mee, The future of fashion & Big Data


Gelukkig zijn de sprekers inspirerender dan het interieur van de zalen Op vrijdag bezoek ik de Social Media Week Rotterdam en ik verbaas me over de zaaltjes in De Rotterdam waar het evenement plaats vindt. Terwijl het restaurant The Kitchen redelijk modern en aardig is ingericht, zijn de zalen van een dodelijke en ouderwets aandoende saaiheid. Grijs, zwart, tapijt. Het enige mooie er aan is het uitzicht.



Ik start met een presentatie van Martin Hoorweg van de Kunsthal die ons vertelt over het Maak Mee-project. Een sociaal internetproject waarbij bezoekers van de website van de Kunsthal konden meebeslissen over de openingstentoonstelling na de rigoreuze verbouwing. Een groot en spannend project waarbij de deelnemers van begin tot eind konden meebeslissen, over het onderwerp, keuze uit drie, maar ook over de inrichting, het affiche, de inhoud. Alle deelnemers kregen ook nog een gepersonaliseerde trailer voor de tentoonstelling toegestuurd om te delen op social media. Goede presentatie en dus een goed begin van de dag.



Vervolgens zie ik een presentatie van Charlotte van Regenmortel en Erik van Wezel over de op handen zijnde modetentoonstelling in Museum Boymans. Boymans zat altijd al behoorlijk in de design maar mode schijnt een populair onderwerp te zijn in kunstmusea, getuige de tentoonstellingen in de Kunsthal en Boymans. Maar deze tentoonsteling heeft een noviteit: er zal worden gewerkt met een app die wordt aangestuurd door zogenaamde iBeacons. Ik had er nog nooit van gehoord maar het zijn eigenlijk kleine zendertjes die in de ruimte zijn opgehangen en voortdurend roepen: ik ben zendertje nummer x en ik ben hier. Als de bezoeker de app op zijn mobiel heeft en hij komt in de buurt dan geeft de app extra informatie over het object waar die bij in de buurt is. Het Rubenshuis in Antwerpen maakt al gebruik van deze techniek. Eigenlijk is het een vervolg op de Boymans-app, een web-app waaraan geen geld wordt verdiend, en op de qr-codes die al in vele musea hangen. Een interessant experiment. Ik ben benieuwd of het werkt. Zelf heb ik geen iPhone of Android toestel.

Derde en laatste verhaal van de ochtend is dat van Wouter de Bie van Spotify. Hij vertelt hoe Spotify gebruik maakt van big data. Veel leuke feiten. Slechts 10% van wat je verwacht blijkt te kloppen, blijkt uit tien jaar onderzoek bij Google. Als een bekende artiest dood gaat piekt het aantal keren dat zijn of haar nummers worden gedraaid op Spotify om terug te keren naar een niveau net iets hoger dan voor het moment van sterven. Omdat dan iedereen de nummers van die artiest in allerlei speellijsten heeft staan en ze er aan herinnerd zijn. Spotify doet veel aan A/B-testen. Een klein gedeelte van de gebruikers krijgt een nieuwe versie van Spotify te zien en dan wordt er gekeken hoe die gebruikers daarop reageren. Meestal gebeurt er niets. Soms nemen meer mensen afscheid van Spotify en soms nemen ze plots een betaald abonnement. Zo wordt er zonder dat de gebruiker het weet met hem geëxperimenteerd.

Monnik

maandag, september 29, 2014

Ballet du Nord - Olivier Dubois: Souls


De derde en laatste voorstelling die ik tijdens de Internationale Keuze zie is Souls van Ballet du Nord onder leiding van Olivier Dubois. Zes mannen liggen in het zand. We horen terwijl het publiek binnenkomt Afrikaanse drums roffelen. Een spannen geluid als van een naderend onweer. Heel lang blijven de mannen zo roerloos liggen. Later zullen we zie. Dat de voorste drie blank zijn en de achterste drie zwart. Een betekenis kan ik er niet in ontdekken. Wie zijn deze mannen en wat doen ze hier? Waarom liggen ze voor dood in het zand? Ik heb associaties met het ebola-virus en de slachtingen tussen de hutu's en de tutsi's. Dan komen de voorste drie mannen langzaam in beweging en rollen ze langzaam in de richting van de achterste mannen. Alles in deze voorstelling gaat langzaam of tenminste... Duurt lang. Overal wordt de tijd voor genomen. Op een gegeven moment is er een climax. Er wordt gerend (niet langzaam dus), er wordt gevochten. Maar er is zoals in de meeste dansvoorstellingen geen verhaal. We moeten het hebben van de schoonheid van de beweging en van de eigen associaties om er verband in aan te brengen. De titel verwijst naar dolende zielen. Mij duurt het allemaal te lang en ik blijf niet geboeid. Dat is jammer maar gelukkig gold dit niet voor het hele publiek.

zondag, september 28, 2014

Beckett teatro: Viejo, solo e puto


In een drogisterij hangen vier mannen rond. Twee van hen zijn travestiet. Deze wonderlijke voorstelling begint ergens en eindigt ook weer ergens. Zonder begin en zonder einde. Het lijkt een stukje leven uit de levens van de vijf mannen te zijn. Vijf, want later komt de drogist zelf ook nog binnen en voegt zich bij de andere vier.

De travestieten hebben medicijnen nodig om hun transformatie te vervolmaken, om geld te verdienen spelen ze de hoer op La Rotunda. Aan het begin van het stuk heeft eentje een klap of een messteek opgevangen en moet verpleegd worden. De twee mannen zijn hun vriendjes of hun pooiers. De ene is vertegenwoordiger in medicijnen, de ander is de broer van de drogist die op de winkel past als hij weg is. Maar verder wordt er niet veel duidelijk van de preciese verhouding tussen de mannen. 

Wel is er een constante spanning. Juist door die spanning verveelt het nooit. Tegen het einde is er een kleine explosie van geweld, een climax. Maar dan is het ineens afgelopen. Viejo, solo e puto, oud, eenzaam en hoer. Ze zijn het alle vijf en zullen het ook altijd wel blijven. Intrigerend is het zeker.

Pieter de Buysser: The myth of the great transition


De eerste voorstelling die ik meemaak tijdens de jaarlijkse Internationale Keuze in de Rotterdamse Schouwburg is The myth of the great transition van de Brusselaar Pieter De Buysser. Hij spreekt geen Vlaams en geen Frans maar Engels tijdens dit college. Want dat is het eigenlijk, of toch niet? Met veel verve vertelt De Buysser over fabeldieren en de IJslandse professor die de mythe over deze beesten bestudeert. of bedacht heeft? Gaat het hier om een mythe en zijn mythen waar of onwaar? Daar draait het hier om. De Buysser neemt ons mee in een verhaal waarin mythe en werkelijkheid elkaar ontmoeten.

Het begint op een Vlaams mosselfeest waar een bekende Vlaamse politicus aanwezig is die ooit De Slimste Mens heeft gewonnen, en in wie we gemakkelijk de leider van het Vlaams Belang herkennen. De naam van het fabeldier is me ontschoten maar het heeft op de plaats van zijn navel een grote piemel of navelstreng waarmee hij de Grote Vlaamse Leider in zijn hol spietst en hem boven de hoofden van de andere feestgangers laat zweven. Dit tot groot genoegen van de leider die gelukzalig kijkend door de lucht zweeft tot het dier hem weer zachtjes op de grond laat nederdalen en verdwijnt.

Daarna verplaatst het verhaal zich naar Islamabad in Pakistan en terwijl het verhaal steeds fantastischer vormen aanneemt gaan we moeiteloos mee op de stroom van woorden van de acteur. Uiteindelijk blijven we verbaasd en verdwaasd achter. Want, zoals De Buysser helemaal in het begin al heeft gezegd, gewaarschuwd eigenlijk, de mythe van de grote overgang bestaat niet. Alle verhalen zijn fictie. Ficties waar wij maar al te graag in willen geloven. Zeker als een begenadigd acteur als Pieter De Buysser ze vertelt.

zondag, september 07, 2014

Suzannes op vinyl


Op 1 oktober 2014 komt na meer dan 35 jaar een nieuwe vinylplaat van The Suzannes uit op het Italiaanse platenlabel Rave Up Records. Met niet eerder uitgebrachte live-opnamen uit het Openluchttheater en van het afscheidsconcert in de Vestingbar, beide in Enschede. Ook de in de studio opgenomen nummers van de EP uit 1978 staan er op. Daarbij nog het nummer Tennis Shoes van de verzamel-lp Keihard en Swingend.

maandag, augustus 25, 2014

Frits M. Woudstra: Blijvend ontgoocheld

Een kind dat zijn ouders verliest is een wees. Iemand die zijn partner verliest is weduwe of weduwnaar. Maar voor ouders die hun kind verliezen, daar zijn geen woorden voor.

Vandaag, 25 augustus, zou Lucas vijfentwintig jaar geworden zijn. Maar in december gooide hij zichzelf in Diemen voor een trein. Zijn vader Frits, met wie ik al sinds de kunstacademie in Enschede bevriend ben, schreef een boek vol met de gedachten die hem door het hoofd spookten sinds de dood van hun enige zoon. Dat boek heb ik vandaag op wat zijn verjaardag had moeten zijn, van voor tot achter gelezen. 'Blijvend ontgoocheld' heet het en bestrijkt de periode vanaf de zelfmoord tot een half jaar daarna in juni.

Er staan ontroerende verhalen in. Over hoe het nu incompleet geworden gezin, vader, moeder en dochter, in gezelschap van een oom en een tante, de as verstrooit op een berg in Spanje. Maar er zijn ook losse gedachten. Twijfels. Observaties, bijvoorbeeld van de gewonde jas waarin Lucas stierf. Waarvan Anouk, de moeder, foto's maakt. Veel van de verhalen stonden al op het weblog Leven na Lucas, sommige verhalen ontbreken en andere zijn nieuw.

Ik denk nog vaak aan Lucas. Soms komt een herinnering boven zoals het beeld van een enigszins wanhopige Lucas achter in de tuin van het tuinhuisje van zijn ouders in Driemond. Een zoekende twijfelende jongeman. Intelligent. Sportief. Zacht en hard tegelijk. Zijn vader spreekt over de verdwijning. Ook tijdens zijn leven deed Lucas al pogingen te verdwijnen. Er niet te zijn in gezelschap. Maar steeds komt hij in de herinnering terug op onverwachte momenten. Ook bij ons. We missen hem.

Als we door Barcelona lopen staan we ineens voor een modezaak die Lucas heet. Zijn opa Egon had ooit een modezaak in Enschede. Woudstra's Modehuis. Voor het Museo d'Arte Contemporanea Barcelona wordt druk gestunt met skateboards. Hier had Lucas tussen moeten staan, zegt mijn lief. Zo dragen we de herinnering aan hem met ons mee de wereld rond.

Ik luister als een soort eerbetoon naar OK Computer, de lievelings-cd van Lucas. IJle en soms duistere muziek van Radiohead, gedragen door de klaaglijke stem van zanger Thom Yorke. Een twijfelaar en een zoeker, net als Lucas, net als de vader die op zoek blijft naar het waarom. Heeft Lucas in de dood gevonden wat hij zocht? We weten het niet. Hopelijk.

In de laatste aflevering van Zomergasten vertelt David van Ruybrouck over het grote aantal zelfmoorden in Vlaanderen in precies dat gebied waar de Eerste Wereldoorlog honderd jaar geleden een record aantal slachtoffers eiste. Volgens mijn lief ligt dat aan de plek zelf. Schuldige plaatsen noemt Armando dat. Van Ruybroeck heeft bewondering voor de ouders die gestopt zijn een verklaring te zoeken. Want die zal nooit gevonden kunnen worden. Wijsheid noemt hij dat, die komt met de jaren.

zaterdag, augustus 23, 2014

Simenon: De Rode Ezel

De Rode Ezel
De Rode Ezel is de naam van het louche café waar Jean Cholet door de mysterieuze Speelman, een impresario, heen wordt gevoerd en dat hij vanaf dat moment iedere avond bezoekt. Speelman is dan al met de noorderzon vertrokken. Maar hij ontmoet er het zangeresje Lulu, de zanger met de grafstem Doyen, de kroegbaas Layard en zijn vrouw, en de pianist. Langzaam lijkt hij zijn ondergang tegemoet te gaan. Hij liegt, leent overal geld en pleegt in opdracht van een handlanger van Speelman zelfs een diefstal.

De enige die nog vertrouwen in de negentienjarige journalist van de Gazet de Nantes heeft is zijn vader, de oude Cholet. Hij is de enige die hem nog steunt maar is zwak en kan ieder moment sterven.

De losse einden in dit boek van Simenon maken De Rode Ezel zo aantrekkelijk. Speelman is een belangrijk figuur maar verschijnt uiteindelijk nooit echt ten tonele. Hij leeft slechts in de herinnering van de hoofdpersoon en is bijna een sprookjesfiguur of een geest. Ook wordt niet precies duidelijk wat Jean in Lulu ziet met wie hij een verhouding begint en op wie hij verliefd lijkt of denkt te zijn. De hoofdpersoon Jean Cholet is daarentegen het tegendeel van aantrekkelijk. Hij is behoorlijk onsympathiek en toch ga je met hem mee, voel je met hem mee en lijd je aan het einde van het boek met hem mee als zijn vader sterft en niet de persoon blijkt die hij leek te zijn. Ook eindigt het niet met de zelfmoord van Jean, iets waar het verhaal op af lijkt te stevenen, maar laat Simenon het einde open.

Van alle Simenons die ik tot nu toe heb gelezen vind ik dit wel één van de indrukwekkendste. Geschreven in 1932, als Zwart Beertje meer dan dertig jaar later uitgegeven in Nederland, maar nog zo fris alsof het pas van de pers was gekomen.

Niet actueel is de scène in de groentewinkel waar Lulu gekookte groente koopt voor de tante bij wie ze inwoont. Twee gekookte artisjokken koopt ze. Zou ze die dan thuisgekomen gewoon weer opwarmen?

vrijdag, augustus 15, 2014

Two Spanish picaresque novels

Omdat ik met vakantie naar Spanje ga pak ik dit boekje uit de boekenkast. Two Spanish picaresque novels. Ooit op een rommelmarkt gekocht of geruild voor een ander boek op een ruilmarkt. Twee novellen van vier- en vijfhonderd jaar geleden. Schelmenromans van de soort Tijl Uilenspiegel. Een picaro is een schelm, een belhamel, een kwajongen. Ik ken het woord van Kuifje en de Picaro's maar daar heeft het een heel andere betekenis, die van de naam van een indianenstam.

Beide novellen volgen ongeveer hetzelfde stramien. Een jongen groeit voor galg en rad op tot volwassenheid. De auteur van de eerste is onbekend, verloren gegaan in de vergankelijkheid, de auteur van de tweede is Francisco de Quevedo.

Lazarillo de Tormes (verschenen in 1554) vind ik de mindere van de twee. Beide verhalen zijn gelukkig in modern Engels vertaald (door Michael Alpert), maar wat opvalt bij het lezen van beide is dat de stijl van de tweede veel beter is. Meer humor ook. Lazarillo wordt opgevoed door verschillende personen, een blinde bedelaar, een wrede priester die hem bijna geen eten geeft, een verarmde edelman en een zwendelaar die absoluties verkoopt. Tussendoor worden in een paar zinnen nog wat meesters genoemd waarover verder niet wordt uitgewijd. Van al deze meesters leert hoe in het leven vooruit te komen. Uiteindelijk wordt hij politieman en trouwt hij met een vrouw die hem bedriegt. De humor in deze novelle is situatiehumor en die situaties zijn van een ouderwetse boertige koddigheid.

De zwendelaar (La Vida del Buscón) gaat over Pablo, de zoon van een barbier die zijn klanten berooft met behulp van het jongere broertje van de hoofdpersoon, en een heks. Zijn oom is beul. Pablo gaat uit huis om dienst te nemen bij Don Diego met wie hij om te gaan studeren intrek neemt bij dokter Geit. Die hongert zijn studenten uit totdat er eentje sterft en beide jongens worden verlost van het wrede juk. Ze vertrekken naar Alcalá waar de echte vieze grappen plaatsvinden, passend in een schelmenroman. Zo wordt Pablo bespuugt door zijn medestudenten en wordt er in zijn bed gepoept. Scabreuze elementen vormen een belangrijk onderdeel in deze novelle.

Maar er komen vele mooi beschreven personages in het verhaal voor. De man die een boek geschreven heeft over hoe je moet schermen en beweert daar alles van te weten. De zogenaamde edelman die alleen kleding heeft aan de voorzijde van zijn lichaam. De monnik die iedereen uitkleed met kaarten.

Pablo spaart zichzelf niet in zijn beschrijvingen van zichzelf. Regelmatig wordt hij geslagen, geschopt, in de gevangenis gegooid, met een mes wordt zijn gezicht bewerkt en vaak wordt hij van zijn geld beroofd.

Uiteindelijk vertrekt hij met zijn vrouw naar Amerika maar uit de laatste regel is op te maken dat het hem daar niet veel beter is vergaan. Je kunt wel van woonplaats veranderen maar als je zelf niet verandert dan blijft alles toch hetzelfde.

Het lukte me niet om het boek in Spanje zelf uit te lezen. Niet omdat ik het niet interessant of spannend genoeg vond maar omdat ik weinig aan lezen toe gekomen ben.

zaterdag, juli 19, 2014

Kuifje

Jelle Cleymans ofwel de musicalster die Kuifje speelde in de gelijknamige musical is de volgende gast in Vive le Velo, tezamen met oud-wielrenner en zakenman Jean-Baptiste Claes.

vrijdag, juli 18, 2014

Vive le velo

Tijdens de Tour de France worden mooie uitspraken gedaan. Zo zijn Hugo Camps en Roxane Knetemann (dochter van De Kneet) te gast in de Vlaamse versie van de Avondetappe. Een andere mooie is de uitspraak van Bram Tankink: "Als de pijn groter wordt worden de meisjes mooier" bij de etappe die eindigde op de Planche des Belles Filles.

donderdag, juli 17, 2014

Zakenman


Twee mannen zitten aan een tafeltje te praten. Eerst binnen, later als de zon gaat schijnen gaan ze buiten zitten. Als ik vertrek vertrekken de mannen ook. Ze stappen elk in hun eigen auto.

woensdag, juli 16, 2014

Vrouw in moeilijk gesprek

De vrouw is in een moeilijk gesprek verwikkeld. Met de vriendin tegenover haar.

Man bij de tandarts

De man bij de tandarts is nerveus. Het is een grote brede man, maar hij is voortdurend met zijn vrouw aan het praten. Zenuwachtig lachend.

dinsdag, juli 08, 2014

Jong door Knoflox

In de tijd dat ik punkzanger was in De Suzannes kwam het regelmatig voor dat we met een oud busje naar Amsterdam reden. Een oude buizenradio hing in een rek vlak achter onze oren en scheidde de bestuurderscabine van de vracht. Onderweg dronken we koffie in het AC wegrestaurant in Stroe. Vanuit de auto kon je ergens in de buurt van Hilversum als je naar rechts keek altijd een torentje zien waarop in neon de woorden "Jong door Knoflox" stond te lezen. Ik had geen flauw idee wat dit betekende, het intrigeerde me zeer en het had ongetwijfeld iets met knoflook te maken.

Vele jaren later was Knoflox in het nieuws omdat het in de reclame een beeltenis had gebruikt van actrice Sjoukje Hooymaayer die op dat moment een van de hoofdrollen speelde als de vrouwelijk arts Lydie van der Ploeg in de bijzonder populaire televisieserie Zeg eens AAA. De reclamecode commissie vond dat zij dit product niet mocht aanprijzen omdat het publiek zou kunnen denken dat zij dit als dokter Lydie van der Ploeg deed. Dit naïeve publiek zou geen onderscheid kunnen maken tussen actrice en rol en op grond daarvan een product kopen waarvan de werking niet bewezen was.

Want ondertussen was daar ook de vereniging van knoflookliefhebbers, De Stinkende Roos. Zij toonden aan dat in een enkel teentje knoflook meer van de werkzame stof zat waarvan Knoflox claimde dat je er jonger van bleef, dan in een heel potje pillen. "Knoflook heeft een bloedzuiverende invloed en ondersteunt een goede conditie van de bloedvaten. Hierdoor is knoflook positief voor de vitaliteit" zegt de fabrikant nu nog steeds.

Maar nog steeds word ik, als mijn leeftijd wordt geschat, vele jaren jonger geschat dan ik werkelijk ben. Minimaal vier jaar, soms zelfs tot tien jaar jonger, maar dat laatste lijkt mij vleierij. Iedere dag gaat er als ik kook zeker een teentje knoflook door ons eten. Zelden wordt er een dag overgeslagen. Een dag zonder knoflook is een verloren dag en telt niet mee. Daarom denk ik nu vaak: jong door knoflook.

Gelukkig is het internet groot en is het mysterieuze torentje terug te vinden. Het is de oude zeeptoren in Naarden waar ook Pactolan werd gemaakt.

maandag, juli 07, 2014

Suzannes in september

Op 30 maart 1978 vond in de Vestingbar het afscheidsconcert van de Suzannes plaats. Ik kan me er niet veel van herinneren. De opname van dat concert is niet geweldig en toen ik die na lange tijd terug hoorde stond er zelfs een nummer (Guilty) op waarvan ik me niet herinnerde het ooit te hebben geschreven. Het liedje bevat een mooie regel overigens: Guilty of some sacred sin that shows the depraved state of mind I'm in.

De poster (illustratie) werd ontworpen door Frits M. Woudstra. Bij het zien van het ontwerp liet medestudent Wout Lipper zich ontvallen dat je wel kon zien dat ik die poster had ontworpen omdat ik de enige Suzanne ben die er enigszins normaal op staat.

Ik schrijf dit omdat in september op het Italiaanse label Rave Up Records een echte vinylplaat van de Suzannes uitkomt. Daarop alle nummers van de originele New Disease EP van de 1000 Idioten Records, Tennisshoes van de punkverzamelaar Keihard en Swingend en de opname van een live concert in het openluchttheater van de Technische Hogeschool Twente, eerder in kleine oplage en eigen beheer op cassette uitgebracht.

woensdag, juli 02, 2014

Patrick Modiano: In het café van de verloren jeugd

Het café van de verloren jeugd in dit boek van Patrick Modiano is een café, de Condé, in Montparnasse. Daar treft de eerste verteller in dit boek, een student aan de academie voor mijnbouw, Louki aan, een jonge vrouw die hem fascineert en van wie hij graag meer zou weten. Ze zit daar met een boek voor zich op tafel, De verloren horizon, en lijkt op de vlucht te zijn voor iets of iemand. Om haar heen beweegt zich een grote groep personages, bohémiens, schrijvers, drinkers, losgeslagen jongeren luisterend naar namen als Tarzan, Zacharias, Ali Cherif en Don Carlos, maar ook ouderen zoals Adamov en Dr. Vala.

In het tweede deel komt Pierre Caisley aan het woord. Iemand die zich voordoet als een uitgever. Ook hij is geïnteresseerd in Louki, maar om een andere reden dan de student. Hij vraagt de student het schrift te leen dat Bowing, bijgenaamd de Kapitein, heeft gemaakt waarin die de bezoekers van het café heeft vastgelegd. Wanneer ze zijn binnengekomen en wanneer ze zijn vertrokken. Hoe ze heetten en waar ze woonden. Bijna drie jaar lang noteerde hij de namen van de klanten van de Condé, in de volgorde waarin ze binnenkwamen met de datum en het exacte tijdstip.

In het derde deel is Louki zelf de verteller. Ze vertelt over haar jeugd, haar huwelijk, haar ontmoeting met Jeannette die haar kennis laat maken met verdovende middelen. Ondertussen weten we van Pierre Caisley al dat haar werkelijke naam Jacqueline Delanque is en dat ze in haar jeugd een aantal keren is weggelopen. Eigenlijk is ze altijd op de vlucht.

Het slotdeel wordt verteld door de schrijver Roland, alhoewel dit ook niet zijn echte naam is. Hij heeft Jacqueline ontmoet bij Guy de Vere, een man die spiritistische sessies houdt. Deze man heeft grote invloed op Jacqueline en heeft haar het boek De Verloren Horizon te lezen gegeven. Roland krijgt een verhouding met Jacqueline en is in de drie voorgaande delen de schimmige figuur op de achtergrond. Het boek eindigt met de dood van Louki.

Het café van de verloren jeugd is weer een typische Patrick Modiano met veel namen van personen en plaatsen, ditmaal met name in Montparnasse en in Neuilly, een voorstad van Parijs. Hoe Modiano het elke keer weer flikt is onduidelijk maar zijn boeken blijven me fascineren ondanks dat er niet veel in gebeurt, zoals Arnon Grunberg het achterop dit boek zegt: "Modiano is een meester in het suggereren van welke emotie en sfeer dan ook."

dinsdag, juli 01, 2014

Conny Janssen danst: Mirror, mirror

In een dun laagje water waar de dansers tot aan hun enkels in bewegen, speelt Mirror, mirror zich af. Een eindeloos lijkende spiegelende watervlakte die achterin de Onderzeebootloods in het donker verdwijnt. Uit die duisternis komen de dansers meestentijds opduiken en naar voren. Soms langzaam, soms rennend zodat het water opspat.

Boven hun hoofd hangt een grote ronde spiegel die afhankelijk van waar de dansers staan, hun beeld weerkaatst. In een ruimte boven en achter hun staat het orkest te spelen. De strijkers van Sinfonia Rotterdam. Van achter verlicht in wisselende kleuren zodat we van de muzikanten enkel de silhouetten te zien krijgen spelen ze schitterende muziek, onder andere minimal music van John Adams en van Philip Glass.

Er is een Chinese of Japanse vrouw die hist als een draak, iets wat de andere dansers van tijd tot tijd overnemen. Er zijn twee zwarte mannen die elkaar spiegelen. Er is een man met een grote bos kroeshaar die me aan een clown doet denken. In totaal zijn er veertien dansers, vijf mannen en negen vrouwen, maar het mooist zijn de duetten. Het slotduet op Violin Concerto II van Glass laat uiteindelijk een verpletterende indruk achter.

Alles klopt. Vormgeving, dans, locatie, muziek. Alles is even prachtig in Mirror, mirror van Conny Janssen danst. Was ik enigszins teleurgesteld na de laatste voorstelling van Conny Janssen die ik zag, die op het dak van het oude station Hofplein, waarna ik een aantal jaren niets meer van haar heb gezien, deze maakt alles meer dan goed.

vrijdag, juni 27, 2014

Dichters

Er zijn T-shirts voor mannen en voor vrouwen. Beide T-shirts zijn knalroze. Een gedurfde keuze van Poetry International. Op de mannenversie staat: "Tot nu toe deed ik al mijn eigen stunts" en die tekst is van Alfred Schaffer. Op de vrouwelijke versie staat "Je bent zelf een helende eigenschap" van Julian Brolaski. Beide dichters verschijnen één voor één bij onze stand met boeken en andere artikelen van Poetry, zoals buttons, spiegeltjes, tassen en natuurlijk de roze T-shirts.

De eerste dichter wil zijn exemplaar ruilen voor een vrouwelijke versie van het shirt met zijn tekst. Voor zijn vriendin. Zelf gaat hij geen shirt dragen met een tekst van hemzelf, zegt hij. Liever geeft hij er eentje aan zijn haar. Of wil hij stiekem geen roze T-shirt aan? Hij ziet er stoer en mannelijk uit. Maar we moeten hem teleurstellen, want een vrouwelijke versie van het shirt bestaat niet. Hij neemt genoegen met de kleinste maat.

De tweede dichter komt met een T-shirtbon. Daarvoor wil hij graag een mannelijk exemplaar met zijn tekst. Voor zichzelf. Om te dragen. Maar die is er niet. Hij moet het doen met een vrouwelijk shirt in de grootste maat verkrijgbaar. Deze dichter ziet er vrouwelijk uit, tenger, met lang sluik haar tot op de schouders.

zondag, juni 15, 2014

Charles Palliser: De Quincunx

Een moderne roman die zich voordoet als een negentiende eeuwse. Dat is De Quincunx van Charles Palliser. Leest als een trein, als een boek van Charles Dickens of Alexandre Dumas, vol spannende intriges, gevangennemingen en ontsnappingen. De ontsnapping in een doodskist bijvoorbeeld, deed me onmiddellijk denken aan de ontsnapping van de graaf van Monte Cristo. Gecompliceerd is het verhaal ook. Alles draait om het negentiende-eeuwse rechtssysteem van Billijkheid en Rechtvaardigheid.

Om de erfenis van zijn grootvader John Huffam te verkrijgen moeten Mary, de moeder van de jonge master John en haar zoon, allerlei verschrikkingen doorstaan. Halverwege het boek overlijdt de moeder en moet John op eigen kracht verder. In dat opzicht lijkt John op een karakter als Oliver Twist. Maar omdat dit boek geschreven is in de tachtiger jaren van de twintigste eeuw vraag je je soms af of wat de hoofdpersoon beschrijft echt gebeurd is, of dat hij het fantaseert. De slechterikken die bij Dickens altijd slecht zijn, kunnen net zo goed aan de goede kant staan. Lijdt de hoofdpersoon niet aan een vorm van paranoia?

Een boek met een titel die je in een woordenboek moet opzoeken is voor mij niet bepaald aantrekkelijk. Maar eenmaal begonnen wordt je in dit boek meegezogen in het web van intriges. Een quincunx zelf is een figuur zoals je op de speelkaart vijf of een dobbelsteen aantreft. Ook is de quincunx aanwezig op de wapenschilden van de vijf families waar het verhaal om draait. Vijf delen, ieder van vijf hoodstukken, verdeeld in opnieuw vijf genummerde delen. Tezamen vijf keer vijf keer vijf is honderdvijfentwintig hoofdstukken.

Een briefschrijver schreef aan Charles Palliser dat-ie na het lezen van de laatste regel onmiddellijk opnieuw wilde beginnen met lezen. Die neiging kon ik onderdrukken maar het is waar dat je aan het einde toch stukken gaat herlezen om te weten hoe het zit. Maar modern is in ieder geval dat niet alle lijnen worden afgemaakt en niet alle vragen netjes worden opgelost. In het nawoord legt de schrijver uit waarin zijn roman verschilt van zijn negentiende-eeuwse voorbeelden. Zijn uitleg zal ik natuurlijk niet verklappen. Maar tijdens het lezen voel je dat het verhaal ergens wringt, dat er iets niet klopt. Dat is mooi.

maandag, juni 09, 2014

Zaterdag op Delft Fringe #2

We besluiten de avond met een fietstocht naar een zogenaamde buitenlocatie. Buiten het centrum van Delft, achter het station bevindt zich de Raamstraatkerk waar Judika Lessman speelt. Hopelijk heeft ze publiek want het is een lastige locatie en we moeten sowieso racen om op tijd te zijn. Maar als er weinig publiek is wacht ze misschien op meer en begint ze later.

Judika Lessman - Tabü

We zijn gelukkig op tijd. Judika staat achter de coulissen klaar. Alle stoelen zijn bezet maar twee jongedames zetten nog wat stoeltjes bij. Dan begint het. Ik ben geen liefhebber van cabaret maar omdat ik Judika nog ken van haar tijd bij theatergroep Mimicry en zelfs eens met haar heb gespeeld tijdens een lezing van een eigen stuk wil ik dit graag zien.

Haar voorstelling op Delft Fringe is opgebouwd uit een drietal korte sketches. De eerste speelt ze met een lelijke pruik en zonnebril en speelt bij de Albert Heijn en gaat over de schijn ophouden van rijker te zijn dan je bent. De tweede speelt in het zwembad tijdens het zwemmen met haar kind, en gaat over waarom een andere moeder zo lelijk is. De derde en laatste speelt op een moderne-kunsttentoonstelling bij een installatie waar ieder moment een naakte man, de kunstenaar, kan verschijnen. Ze eindigt met een lied waarbij ze zichzelf begeleid op de accordeon,

Het belangrijkste bij een cabaretoptreden is natuurlijk: wordt er voldoende gelachen? Dat wordt er en gelukkig is er ook behoorlijk wat publiek op dit late tijdstip in de Raamstraatkerk. Dat publiek wordt niet teleurgesteld. Ik ben blij dat ik gekomen ben. Een goede afsluiter van een dagje Delft Fringe.

En verder

Maar deze drie voorstellingen zijn niet de enige die we zien. We zien korte stukjes van optredens maar drie andere optredens helemaal. 's Middags zien we nog Omdat het kan met een korte les in theatergeschiedenis. Een groep van zes jonge acteurs speelt onder leiding van een regisseuse van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht een aantal scenes waarin ze proberen origineel te zijn. Wat steeds niet lukt omdat alles al een keer is gedaan. Op deze manier passeren Peter Brooke, Gerardjan Rijnders, Samuel Beckett en Jan Fabre de revue. Er wordt gespeeld in de kelder van Museum de Prinsenhof waarbij tijdens het spel allerlei dames over het toneel lopen omdat ze naar het toilet moeten. Een nogal absurde toevoeging aan de voorstelling.

Dan is er nog de Miraculeuze TV Tunes Coverband die op de Beestenmarkt speelt nadat we aldaar een overheerlijke pizza hebben gegeten op het terras van Italiaans restaurant Fratelli. Ze spelen soepel en zingen prachtig meerstemmig. Jammergenoeg bestaat hun repertoire voornamelijk uit Nederlandse tv-tunes waarbij heerlijke Wim T. Schipperstunes zoals Op zoek naar Jolanda ontbreken. Gelukkig is er wel een andere favoriet van me, Hawaii-Five-O. Daarvan had ik er liever meer gehad.

Als een na laatste voorstelling zien we in de Bagijnhof in een hal in een erg mooi studentenhuis Tape 2.0 van [Rova]. Over plastische chirurgie, over anorexia, kortom over mooi willen zijn. Twee jonge vrouwen doen een lapdance waarbij de ene omdat ze mooier is dan de andere steeds de overhand heeft. De mindere besluit daarop haar lichaam slanker te doen lijken door zichzelf in te snoeren met zwarte gaffertape. Het is ongetwijfeld goed bedoeld maar mij kan het niet bekoren. Het is net iets te boodschapperig, en de boodschap te eenduidig.

Conclusie

Delft Fringe is een mooi festival maar als de groepen niet meer hun best doen om de zalen vol te krijgen is het ondanks de grote hoeveelheid voorstellingen toch moeilijk om bij die grote massa ook een massa publiek te krijgen. Met 200 acts, 100 locaties en 1000 voorstellingen zijn als al die mensen net als ik zes voorstellingen zien voor een publiek van gemiddeld 25 man minstens 4167 man publiek nodig. Zien ze slechts de helft dan verdubbelt dat aantal ook nog eens.

Het festival zou niet alleen in de stad Delft zichtbaarder moeten zijn maar ook bij alle VVV's van Nederland en bij bijvoorbeeld de NS in het kwartaalblad vermeld moeten worden met een aanbieding voor alle abonnees. Zodat theaterliefhebbers uit heel Nederland aangesproken worden. Pas dan krijgt het festival voldoende massa.

Maar veel dank aan alle medewerkers, alle theatergroepen en alle vrijwilligers die al met al voor een geweldig festival hebben gezorgd. Volgend jaar ben ik graag weer van de partij. Als onderdeel van een theatergroep en als toeschouwer.

Zaterdag op Delft Fringe #1


Nadat we vrijdagavond hebben gespeeld op Delft Fringe zijn we zaterdag vrij om een kijkje te nemen bij andere voorstellingen dan de onze. Wat is er nog meer te zien? Het valt me op dat er veel muziek is en weinig dans. Dus toch maar geprobeerd op tijd te zijn voor de enige dansvoorstelling op zaterdag, dat is die van Ezio Tangini in het VAK vlakbij het nog steeds in aanbouw zijnde station. De grote glazen kubus die er nu al staat belooft niet veel goeds voor hoe het worden zal.

Sanatorium - Ezio Tangini

We moeten behoorlijk zoeken voor we het zaaltje hebben gevonden waar Ezio Tangini zijn voorstelling gaat spelen. De dames buiten hebben geen idee waar we moeten zoeken. Eenmaal binnen worden we verwezen naar de eerste verdieping van het gebouw maar ook daar zijn bordjes ver te zoeken. We dwalen door de gangen, openen deur na deur, tot we tenslotte toch een deur vinden waarop een flyertje is geplakt met de naam van de voorstelling. Binnen ruiken we een sterke geur van pasgezaagd hout en staan we in een schemerige ruimte. Tegen de achterwand staat een rij ezels opgesteld. Ook zijn er grote ladenkasten om tekeningen in te bewaren. Een groep krukjes staat er ook. Verder is er een man in een lange jas, naakt met uitzondering van een vleeskleurige slip. Onze danser. Zal hij straks naakt voor ons gaan dansen, vragen we ons af. Waar is het publiek? You are my audience, zegt de man in het Engels met een Italiaans accent. Ik pak een stoel voor mijn lief en neem zelf plaats op een kruk.
De man start een tape, loopt naar de kranen van de wasbak rechts van ons en draait die open. Even is hij verdwenen achter een muurtje. Dan keert hij terug. Hij gaat languit liggen op zijn lange jas. De muziek is abstract. Geluiden van machines, repeterend, hypnotiserend. De man verheft zijn armen, zijn benen en hoofd van de vloer. Zo ligt hij een hele tijd. Langzaam bewegend. Het lijkt alsof hij valt. Tenminste dat is de associatie die ik heb bij wat hij doet. Ik moet denken aan de gravures van de vallende mannen van Hendrik Goltzius. Maar misschien is dat omdat ik heb gelezen dat de voorstelling gebaseerd is op De Val van Camus. In ieder geval verdwijnt tijd en ruimte bij het kijken naar deze butohdans van deze leeftijdloos schijnende eenzame man in een lege ruimte. Waarschijnlijk maakt dit nog meer indruk op ons omdat we alleen zijn. De twee enige toeschouwers, verbonden in intimiteit met deze bijna naakte man die een geweldige krachtinspanning levert.
Naderhand praten we nog na met de acteur die helemaal uit Rome is gekomen om hier te spelen. Wij bedanken hem hartelijk. Op ons heeft zijn prestatie een diepe indruk gemaakt.

Kopsessies - Ttea

Ook om Kopsessies te kunnen zien moeten we behoorlijk ons best doen om hem te kunnen zien. Volgens het programma staan ze in de Oostpoortschool maar die heeft twee locaties. Weer weten de meeste vrijwilligers niet waar wij zouden moeten zijn. Zelf lezen we de tekst niet die staat aangeplakt op de deur van de locatie waar wij staan.Gelukkig vinden we na een eindje fietsen een schoolpleintje achter een hoog smeedijzeren hek waar de acteurs en de regisseur met twee toeschouwers aan een tafel zitten.

Bij deze voorstelling was het de tekst in het programma die me deed besluiten dat we dit moesten zien. Een stuk waarbij alleen de hoofden van de spelers en van het publiek te zien zijn. Dat moest wel bijzonder zijn. Dat is het ook. Spelers en kijkers nemen plaats in een driehoekig bouwsel. De bovenkant is afgedekt met zwarte stof waarin acht gaten zitten. Daar steken zowel spelers als kijkers hun hoofden doorheen. Zo zien we van heel dichtbij alleen de hoofden van de acteurs en worden we meegesleept in een relatiedrama dat we van heel dichtbij meebeleven. Begeleid door de zang van een zangeres die we niet zien. Zij zingt liederen van verlangen en verlaten waaronder een erg mooie Kaap-Verdiaanse versie van Ne me quitte pas van Brel. Een voorstelling waarbij de regisseur is uitgegaan van de vorm. Een dwingende vorm die de kijker dwingt om te blijven kijken. De spelers kunnen omdat ze vast zitten in het decor niet dichterbij je komen maar toch is het omdat je al zo dichtbij bent soms doodeng. Een knappe voorstelling van Ellen Honings, een beginnende regisseuse van het Rotterdams Centrum voor Theater.

Later meer over andere voorstelling op Delft Fringe

zondag, juni 08, 2014

Philip Glass op Delft Fringe

Twee keer een half uur lang ben ik Philip Glass. Op vrijdagavond spelen we met Het Vermoeden de voorstelling Philip Glass koopt een brood tijdens Delft Fringe in Blueberry's Lunch Café. Delft Fringe is een theaterfestival op onverwachte plaatsen met 200 acts op 100 locaties en met 1000 voorstellingen. Een festival waar helaas nog te weinig mensen vanaf weten. Ondanks vele banieren in de stad om de locaties aan te geven, leeft het niet echt in de stad. Ook is niet van te voren duidelijk wat het niveau is van een voorstelling en dat niveau loopt nogal uiteen.

Dat neemt niet weg dat wij met veel plezier onze twee voorstellingen spelen voor een publiek van ca. 15 man, de eerste keer, en ca. 25 man, de tweede keer. Omdat Pim om privéredenen niet langer de rol van Philip Glass op zich wilde nemen, was het de meest logische keuze dat ik zijn rol zou overnemen. Dus de eerste voorstelling om zeven uur 's avonds is mijn vuurdoop. Wonderlijk genoeg ben ik niet eens al te zenuwachtig. Ik voel me goed voorbereid, ik ken mijn tekst en weet wat ik moet doen. De drie anderen hebben de voorstelling al vier keer voor publiek gespeeld en ik weet dat ik op hen kan vertrouwen. Toch is de eerste nog een beetje onevenwichtig. Op ca. driekwart van de voorstelling zakt onze concentratie wat in maar we weten ons er goed doorheen te slaan.

Tussen de eerste en de tweede voorstelling lopen we naar een terras om te eten. Ik heb net als al eerder toen we van de parkeerplaats bepakt en bezakt lopend op weg waren naar de speellocatie, het bijzondere warme gevoel om met een groep toneelspelers gezamenlijk op weg te zijn. Wij tegen de rest van de wereld. Een heerlijk en lang vergeten gevoel.

Voordat we voor de tweede keer op gaan flyeren we nog wat op de markt en dat levert nog wat extra bezoekers op. Ondanks een dronken man in het publiek, die gelukkig al snel het pand verlaat, spelen we een evenwichtiger voorstelling dan de eerste keer en moe maar voldaan drinken we gezamenlijk een glas aan de bar en bedanken Taco, de eigenaar van Blueberry's. Net als vorig jaar, toen ik met Marjanne Tsjechov speelde in De Klomp, werden we hier goed ontvangen en geholpen. Volgend jaar doe ik graag weer mee met Delft Fringe.

In september spelen we Philip Glass koopt een brood nog een aantal keren. De data zijn nog niet bekend maar houd dit blog in de gaten als je benieuwd bent geworden naar de voorstelling.

vrijdag, juni 06, 2014

Mutua Amicitia: Op de ziel

Harold Pinter, daar moet ik aan denken bij het begin van het stuk van Peer Wittenbols dat Mutua Amicitia speelt, Op de ziel. Een vrouw komt een schoen terugbrengen. De echtgenoot doet open. Zijn echtgenote voor wie de schoen bestemd is, is niet thuis. Maar de beide vrouwen schijnen elkaar ook niet te kennen. Een absurde en enigszins pijnlijke situatie die erg doet denken aan het werk van Harold Pinter.

Er wordt gespeeld in de expositieruimte van Chris Ripken in de Insulindestraat, een mooie ruime locatie met hoge wanden, twee trappen aan de zijkant van de speelvloer die leiden naar een vide boven. Overal beelden van de kunstenaar. De spelers zijn Agaath van Dijk, Denise Beeckmans en Dim Rossen. Regisseur is Stephan Zeedijk.

De plot draait om vreemdgaan. Kan iemand die vreemdgaat ooit nog vertrouwd worden? Kun je van twee mannen houden in plaats van een? Is de bedrogen echtgenote, die de schoen heeft gevonden in de kast van haar overleden echtgenoot, uit op wraak? Ze heeft een boekje met honderd vragen waarop ze nog graag de antwoorden wil weten. Want haar echtgenoot, Vincent, is ondertussen gestorven, een autogeluk, misschien wel omdat hij onder het rijden aan het telefoneren was met zijn minnares?

Gedurende het stuk raken de drie personages steeds meer met elkaar verweven. De indringster neemt langzamerhand plaats in een menage a trois. Het lijkt er op alsof dat ze nooit meer weg zal gaan.

Het stuk wordt begeleid door een jazzcombo met een geweldig getalenteerde saxofonist. Maar het verband tussen de twee allebei op zichzelf sterke onderdelen, tekst en muziek, wordt me niet duidelijk. Er wordt door allebei prima gespeeld, toneel en muziek. En daar komt dan ook nog beeldende kunst bij.

Ik heb van alle drie de onderdelen erg genoten en dat ik het niet begrijp? Dat is dan weer typisch Harold Pinter. Of Peer Wittenbols.

donderdag, juni 05, 2014

Operadagen: La voix humaine

OT is dood, leve OT. Een ouderwetse formule, de koning is dood, leve de koning! La voix humaine is een ouderwetse OT-opera. Zoals ik ze het liefste zie, klein maar fijn. Een kleine opera, weinig zangers, dit keer slechts een enkele en wat voor een! Cora Burggraaf zag ik eerder in gezelschap van the late great Ton Lutgerink in Ophelia in het vroegere OT-theater dat nu het Maastheater heet. Tijdens de operadagen wordt La Voix Humaine hernomen, een solo-opera van Francis Poulenc op tekst van Jean Cocteau. Niet al te lang was de theaterversie nog te zien, mooi gespeeld door Halina Reijn.

De operaversie wordt voorafgegaan door een theatrale inleiding over leven en werk van Jean Cocteau. In het decor van de opera vertelt jonge acteur Michaël Bloos over leven, werk en liefdes van deze dandy, dichter, schrijver, toneelschrijver en filmmaker die alles wat hij deed beschouwde als poëzie.Schandalen wilde hij verwekken, met en zonder succes.

Na een korte pauze wordt dan de opera vertolkt door Cora Burggraaf, op piano begeleid door Phyllis Ferwerda en van filmbeelden voorzien door Huub Laurens. Zowel in beeld en geluid is het een schitterende voorstelling. Cora kan niet alleen zingen, ze acteert ook prachtig en weet het verhaal van de verlaten minnares ontroerend te brengen.

Een mooie afsluiting van mijn bezoek aan de operadagen. Helaas Macbeth gemist, had ik graag gezien, en ook Van den Vos, had ik graag gezien. Maar twee hoogtepunten is geen slechte score. Op naar volgend jaar en dan ook graag weer een keer opera bij ons thuis.Tevens blij dat OT nog springlevend is.

donderdag, mei 29, 2014

Operadagen: Vievox

Eén van de meest gewilde en bijzondere concerten van de Operadagen Rotterdam is het concert op het dak van de Bijenkorf. Maar honderd man kunnen op het dak en ik ben als vrijwilliger één van de gelukkigen. Vievox heten ze en dat zijn zeven mannen die vroeger Wiener Sängerknaben waren. Met zijn zevenen zingen ze a capella liederen van vroeger toen ze nog knapen waren, en medley's uit opera's. Alles wordt keurig ingeleid met een kort verhaaltje door een van hen die vlekkeloos Engels spreekt.

Zingen kunnen ze en een mannenkoortje is altijd mooier dan een vrouwenkoor omdat mannen zowel hoog als laag kunnen zingen, wat vrouwen niet kunnen. Maar toch voldoet het optreden mij niet helemaal. Teveel wordt er gepom-pomt, zelfs als ze een lied als Toreador uit Carmen zingen, zingen ze niet de tekst maar een pom-pom of la-la-la. Dat is jammer. Het begin van het concert is het mooist als ze liederen van Schubert zingen en gedeelten uit Die Zauberflöte van Mozart. Daarna wordt het steeds populairder en steeds meer quasi-humoristisch.Klassieke zangers en humor, het is niet altijd een even geslaagde combinatie en ook hier wordt vaak de plank mis geslagen.

Een mooie locatie, een lelijk decortje (zie foto) en een mijns inziens niet helemaal geslaagd concert.

Philip Glass koopt een brood op Delft Fringe

Op vrijdag 6 juni speelt Het Vermoeden de voorstelling "Philip Glass koopt een brood" op Delft Fringe in het Blueberry Lunch Cafe, Brabantse Turfmarkt 32A, 2611 CN Delft. Aanvangstijden 19.00 en 22.00 uur.

zondag, mei 25, 2014

Operadagen: Soselo in Siberia

De tweede voorstelling in de Onderzeebootloods is Soselo in Siberia. Maar voordat die begint moet de boot eerst heen en weer moet naar Het Nieuwe Luxor. Om dat gedeelte van het publiek dat terug moet terug te brengen en om daarna het nieuwe publiek aan te voeren. Ik heb dus even pauze en zit in de zon aan de kade rustig te lezen totdat ik weer aan het werk moet om de bezoekers naar de juiste plek te leiden. Het is zaterdagavond, het is de openingsavond van het festival en daarom is er een grote Spido-boot ingezet. Het kost even tijd om honderden mensen van de boot, op de boot en opnieuw van de boot te krijgen en daarom start de voorstelling later dan gepland. Na de voorstelling moet het publiek ook nog een glaasje pro secco drinken en uiteindelijk wordt het dus een latertje. Pas om twaalf uur stap ik van de boot en dan moet ik nog de Erasmusbrug over wandelen naar mijn fiets aan de overkant en via de schouwburg naar huis fietsen. Maar dan rol ik ook moe maar voldaan in bed.

Want Soselo in Siberia is een van de hoogtepunten van het festival. Een multimediaal visueel spektakel van de videomakers van het 33 1/3 Collective op een bijzondere locatie, met muziek van Eefje de Visser en het Rosa Ensemble. Intrigerende beelden wisselen elkaar af om het verhaal te vertellen over de eerste vrouw van Stalin, in het stuk Soselo genoemd, die zelfmoord heeft gepleegd en daarom wordt verbannen naar Siberië. Een beetje raar is dat wel want hoe kun je verbannen worden als je al dood bent? Maar dat doet er verder niet veel toe want je wordt meegevoerd door de schitterende beelden die worden geprojecteerd op de binnenkant van een iglo-achtige tent. Alles speelt zich in het halfduister af, er is weinig te begrijpen van het verhaal maar dat maakt allemaal niets uit. Het is verstand op nul en genieten. Associatief gezien klopt het allemaal, vormt het een overzichtelijk geheel maar zou je het moeten navertellen dan kom je niet ver. Het wordt bijeengehouden door beeldrijm. Zo verandert een sigaar in een afgeknipte vinger die wordt opgerookt.

Ondanks alle abstracties weet de voorstelling toch te ontroeren, mede door de muziek, en het verhaal over te brengen van een vrouw verloren in de ijzige koude van Siberië. Terugblikkend is dit voor mij het hoogtepunt en de meest indrukwekkende voorstelling van de Operadagen Rotterdam.

Operadagen: Being Arthur

Als vrijwilliger weet je soms op het ene moment niet wat je het andere moment gaat doen. Zo wordt ik op mijn eerste werkdag als vrijwilliger nog tijdens de eerste voorstelling van Parsival gevraagd om naar de aanlegsteiger van de waterbus op de Willemskade te fietsen om te vertrekken naar de Onderzeebootloods. Daar ben ik nodig om te assisteren als publieksbegeleider bij twee voorstellingen, Being Arthur en Soselo in Siberië Ik laat het me geen twee keer zeggen want de faam van laatstgenoemde voorstelling is al vooruitgesneld. Aan de kade zitten de andere vrijwilligers te genieten van het heerlijke zomerse weer. We nemen plaats op de boot en na een genoeglijke tocht komen we aan bij de Onderzeebootloods waar al op ons wordt gewacht. Ik krijg onder andere als opdracht de spelers en medewerkers na de voorstellingen van bloemen te voorzien en heb ook de kans beide stukken te bekijken.

Being Arthur gaat over koning Arthur en zijn ridders van de ronde tafel die per autobus de wereld rondtrekken. Alle spelers zingen en spelen instrumenten. Uit de folder: "In de muziektheatervoorstelling Being Arthur strijkt de legende neer in 2014. Uit een tourbusje rolt de complete legende; de ridders van de ronde tafel, Guinevere, de Heilige Graal (“die hebben we toch wel bij ons?”), een bont gezelschap van operazangers, acteurs en muzikanten. Allemaal hebben ze in de afgelopen eeuwen hun plek in de spotlights gevonden."

Je kunt merken dat de acteurs meer muzikant dan acteur zijn. Er wordt in de voorstelling prachtig gezongen in een moderne versie van klassieke Middeleeuwse muziek, soms wordt er gerapt (Arthur, can you handle this?). Ook het verhaal is redelijk spannend, alhoewel in de meest Engelstalige liedteksten soms moeilijk te volgen. De ontknoping waar Arthur tot zijn schande ontdekt dat hij in 2014 een vrouw blijkt te zijn, is erg grappig. Een mooie voorstelling die aan kracht zou winnen met een krachtiger spelregie, zeker de moeite waard.

donderdag, mei 22, 2014

Operadagen: Parsifal, Playing Fields Deel I

Voor het eerst ben ik vrijwilliger bij de Operadagen Rotterdam. Twee en een halve dag lang. Het geeft me de mogelijkheid een aantal bijzondere voorstellingen te zien. De eerste is Parsifal, naar de bekende opera van Wagner. Ditmaal met gedeeltelijk nieuwe muziek en de medewerking van een groot aantal jongeren en kinderen, en met Club Gewalt.

Rogier Schippers speelt de opgewonden en zelfingenomen regisseur die wacht op de acteur die Parsival moet gaan spelen. De man die verlossing moet gaan brengen maar niet komt opdagen. We kijken naar de repetitie en als uiteindelijk de conclusie is dat Parsival toch echt niet gaat komen, moeten we zelf op zoek naar verlossing, naar de heilige graal.

In de voorstelling wordt goed geacteerd, prachtig gedanst door Alina Fejzo en mooi gezongen. Ook zijn er ontroerende stukjes met een kinderklasje dat onder leiding van hun juf het oorspronkelijke verhaal van Parsival uitbeelden. Helaas wordt het ondanks alle onderdelen die op zichzelf goed zijn, geen geheel. Sterker nog, deze Parsival is een beetje een ratjetoe van stijlen en ideetjes. Los zand. Goed bedoeld maar in die goede bedoelingen helaas blijven steken.

Volgend jaar moet de voorstelling worden uitgebouwd tot een 'game' in een zaal met grote schermen. Met als uiteindelijke bedoeling dat de deelnemers oplossingen gaan vinden voor de problemen van Rotterdam. Een nobel streven. Ik hoop natuurlijk dat dat lukt. 

Meer informatie: http://www.parsifal-playingfields.nl