dinsdag, oktober 25, 2016

Wunderbaum/De Warme Winkel: Privacy


Wine Dierickx (Wunderbaum) en Ward Weemhoff (De Warme Winkel) vormen een stel. Beide zijn ze acteur. In Privacy zoeken ze naar de grenzen van realiteit en intimiteit. 'Hoeveel intimiteit kan een mens verdragen?' is de vraag die ze zichzelf stelden. De voorstelling die ze naar aanleiding van die vraag maakten bestaat uit zeven delen. En een proloog waarin de muzikant zich voorstelt.

In het eerste deel speelt Wine met een blonde pruik een wetenschapper die in hoogdravende termen, in het Engels met een zwaar Oost-Europees accent, uitlegt wat privacy is in de huidige samenleving. Haar gezicht wordt weergegeven op een kralengordijn terwijl zij zelf achter dat gordijn de scène voor een camera speelt. Een ingenieus technisch snufje. Het beeld wordt gevormd door een grote hoeveelheid led-lampjes op het kralengordijn en aangestuurd door een computerprogramma die de beelden als pixels weergeeft. Een televisiescherm waar de spelers doorheen kunnen lopen.

Het tweede deel gaat over John en Yoko in hun bed in het Amsterdamse Hilton Hotel. Net als Wine en Ward een kunstenaarsduo. Wat deden ze daar in dat bed? Ze wilden vrede maar hadden ze dan niet beter naar Vietnam kunnen gaan? Of actie kunnen voeren?

Het volgende echtpaar is Cicciolina en Jeff Koons. Hun Marriage in Heaven is het mikpunt van grappen. Cicciolina is eigenlijk een spion van het Oostblok en een strijdster voor het socialisme. Tot en met hier is de voorstelling een echte komedie waarin slechts karikaturale figuren ten tonele worden gebracht.

Dat lijkt in het vierde deel zo door te gaan als Wine en Ward in hun nakie opkomen met slechts een pak papier (hun script?) om hun geslachtsdelen te bedekken. Maar ondanks het volstrekt onnatuurlijke spel wordt er ditmaal wel een serieus onderwerp aangesneden. De pogingen van het duo om een kind te krijgen wat niet op de natuurlijke manier wil lukken. Zonder te bewegen en op hoge toon wordt er gediscussieerd wat een komisch effect heeft en het zware onderwerp licht houdt.
Tot het moment waarop Ward aan de aanwezige muzikant vraagt het volgende met muziek te begeleiden. Dat maakt het veel te theatraal volgens Wine. Maar aan theatraliteit ontbreekt het tot nu toe niet, en ook niet aan melige grappen die de muzikant ons in zijn inleiding heeft voorspeld.

Daarna volgt nog een deel over anale seks dat voor mij niet had gehoeven. Na de intimiteit van het verhaal over de pogingen tot het komen van een zwangerschap en wiens schuld het is dat dat niet lukte, moest er nog iets shockerends komen, zo lijkt het. Het voelt enigszins aangeplakt.

In het slotdeel lopen de spelers tot vlak voor het publiek, de twee mensen die vlak voor hun zitten met uitzicht op beide geslachtsdelen, in verlegenheid brengend. Dat allerlaatste deeltje is dan weer heel naturel gespeeld. Daarin discussieert het paar over wat en hoe ze zouden zijn geworden als ze niet bij elkaar waren gekomen maar bij iemand uit hun verleden waren gebleven.

Enigszins teleurgesteld loop ik de zaal uit. Technisch prachtig (dat scherm!) en goed gespeeld maar er mist iets. Of is er juist een scène teveel? Toch blijft de voorstelling de dagen er na hangen in mijn hoofd. De thema's zijn interessant en de voorstelling zet je aan het denken over privacy, over gène, over intimiteit. 
We delen veel met elkaar, maar wat delen we eigenlijk? En waarom willen we alles van publieke figuren weten? Willen we dat eigenlijk wel? Zijn zij het zelf die om in de spotlights te blijven alles van zichzelf open en bloot tonen? Is dat niet eerder entertainment en exhibitionisme dan onze nieuwsgierigheid?

zondag, oktober 23, 2016

Martin Bril: De kleine keizer

Dit boek, De kleine keizer van Martin Bril, lees ik als tussendoortje. Een erg mooi tussendoortje, dat wel. Eigenlijk ben ik aan het lezen in Oorlog en terpentijn van Stefan Hertmans maar dat is moeilijk en zwaar. Als ik naar Antwerpen reis ontdek ik dat ik mijn boek vergeten ben en pak het dunne boekje van Martin Bril van het stapeltje boeken dat op mijn kantoor op het bureau ligt en stop dat in mijn tas. In de trein begin ik te lezen.

Het verslag van een passie noemt Martin Bril dit boek. Dat is het ook. Zoals sommige mensen stripboeken verzamelen zoals ik vroeger deed, of sigarenbandjes of suikerzakjes, zo is dit boek een verzameling van weetjes over Napoleon. Observaties met de eigenzinnige blik van Martin Bril, zijn geheel eigen kijk die helaas als gevolg van zijn vroegtijdige dood gemist wordt.

Zoals de beschrijving van de Napoleonsbaan in Limburg, een weg zoals er nog maar weinig over zijn in Nederland.

... (De Napoleonsbaan) voert langs dorpen met stugge namen als Heide, Haelen, Neer, Hei en Kessel, van die plaatsen waar de huizen zijn opgetrokken uit donkerbruine bakstenen en voorzien van donkerbruine, metalen rolluiken. (...) Bij Ittervoort heeft de weg een beruchte bocht met zware, oude eikenbomen; daar wil de jeugd op zaterdagavond nog wel eens tegenaan knallen. (...) Afgezien van de verkeersveiligheid en de overlast die de weg veroorzaakt bij de mensen die erlangs wonen, is de Napoleonsbaan ook een mooie weg. Hij herinnert aan hoe Nederland was voor de snelweg zijn intrede deed, en dorpen en steden veranderden in afslagnummers.

Behalve het eerste hoofdstuk en het hoofdstuk over de slag bij Waterloo die mijns inziens bestaan uit nogal langdradige opsommingen blijkt hier weer eens uit hoe goed Martin Bril was op de korte baan, het korte stuk, de column. Het stukje over de Napoleonsbaan heeft weinig met Napoleon zelf te maken maar is een klein juweel van iemand die gefascineerd is door alles wat met Napoleon te maken heeft. De vrouwen en minnaressen, de paarden, de veldslagen, de schilderijen en de schilders, het is een kaleidoscopisch verslag van een passie.

Een passie die ik me goed kan voorstellen. Als je er eenmaal op let kom je Napoleon overal tegen. De afgelopen week bezochten we Leuven en Mechelen en kwamen op een fietstocht in de omgeving een B&B tegen die Napoleon's bed heet. In een boekhandel te Mechelen lag een boek met als titel De piemel van Napoleon. 

De foto bij dit stukje maakte ik een aantal jaren geleden in Normandië, een ruiterstandbeeld van Napoleon. Zelf werd ik tijdens die vakantie getroffen door de vele plekken die met Flaubert te maken hadden. Zijn geboortehuis in Rouen, een groot standbeeld in Deauville en het plaatsje Ry. Waar de 'echte' Madame Bovary woonde en waar een ongelooflijk kneuterig museumpje was ingericht met als hoogtepunt, of zo je wilt dieptepunt, zes met kleine poppetjes nagebouwde sleutelmomenten uit de roman. Het knutselwerkje van een fan.

Zoals Martin Bril zegt: Een man moet een hobby hebben, een passie, een hartstocht - iets waarin hij zichzelf tegenover zijn vrouw kan bewijzen. Een schitterend opgeruimd schuurtje (met ieder stuk gereedschap keurig op zijn plekje), een zelf aangelegde wastafel, een puik opgepoets automobiel, een boekenplank die recht hangt, een vis van enkele meters - dat zijn de dingen waar het vrouwen om gaat; dan kunnen ze trots zijn op hun manneke.

Mevrouw Bril kan trots zijn op haar overleden man.