donderdag, oktober 26, 2017

Tanguy Viel: Article 353 du code pénal

Een moderne Simenon. Dat zegt de aanbeveling op de achterkant van dit boek. Dat is het ook. Sterker nog, het lijkt behoorlijk op Brief aan mijn rechter. Hier is de rechter lijfelijk aanwezig bij de bekentenis van de hoofdpersoon. Maar omdat de rechter bijna geen woord zegt tijdens de langdurige apologie heeft het verhaal veel weg van een brief. Pas helemaal aan het einde spreekt de rechter als die de tekst van het wetsartikel uit de boektitel uitspreekt. Die associatie met Simenon maakt het boek er niet minder om.

Het is een fascinerende geschiedenis van een klein dorp aan zee in Bretagne. Een projectontwikkelaar belooft het arme vissersdorpje om te toveren in een welvarende badplaats. Een badplaats in een streek waar het bijna altijd regelt, het lijkt een slechte grap. Deze Antoine Lazenec ontpopt zich tot een oplichter en wordt door hoofdpersoon Martial Kermec in het eerste hoofdstuk tijdens een boottocht van boord gegooid en verdrinkt. Bij zijn terugkomst in de haven wordt hij onmiddellijk gearresteerd door de politie.

In prachtige beelden waarin steeds de zee terugkeert, in de beschrijvingen, in metaforen, legt Martial Kermec aan zijn rechter uit hoe hij tot zijn daad is gekomen. Een gepensioneerde gescheiden socialist die alleen woont met zijn zoon Erwan, met een klein beetje geld, opzij gelegd voor de oude dag, bedoeld om een boot te kopen. De puberale revolte van zijn zoon, een actie die de landelijke pers haalt, maar ook zijn rechtvaardigheidsgevoel, brengen Kermec er uiteindelijk toe Lazenec om het leven te brengen.

Voor deze schitterende politieke en sociale roman, zijn zevende roman, ontving Tanguy Viel de Grand Prix Litteraire RTL/Lire.

Geen opmerkingen: