donderdag, juli 15, 2010

Dagboek Sardinië I: Fertilia

Castelsardo, 15 VII 2010

Terug naar Sardinië. Net als vorig jaar vliegen we vanaf Eindhoven naar Sardinië, opnieuw naar Alghero. Omdat alles nog bijna hetzelfde is als vorig jaar lijkt het alsof het pas geleden is dat we hier waren. De tussenliggende tijd lijkt te zijn weggevallen. Fertilia, waar we de eerste nacht logeren, lijkt nog meer vervallen dan een jaar geleden en de bakker, een stevige vrouw die me doet denken aan een stevige Hanna Schygulla, ouder en dikker, verkoopt nu geen buskaartjes meer.

We eten in Hotel Bellavista, het hotel waar we vorig jaar het begin van de vakantie doorbrachten. Het enige van de vier restaurants in Fertilia waar we vorig jaar niet hebben gegeten. Aquario, het visrestaurant waar ik vorig jaar nog gitaar heb gespeeld, is er nog steeds, de Snackpub ook, en dan is er nog het restaurant met tuin vlakbij de jeugdherberg waarvan ik de naam vergeten ben, maar dat vast iets als Il Giardino heet.

De verlaten gebouwen ogen nu nog meer verlaten. Het gebouw zonder dak heeft nog steeds geen dak. Maar op het vierkante plein met uitzicht op zee waar een gevleugelde leeuw voor eeuwig de wacht houdt, is het 's avonds nog seeds gezellig en ook de restaurants zitten op een doordeweekse dinsdagavond nog altijd vol met grote Italiaanse families. Hoogstwaarschijnlijk vakantiegangers net als wij. Oud en jong mengen op het plein. De ouderen keuvelen rustig met elkaar,de jongeren spelen voetbal, flaneren of kussen elkaar.

Het kost de man achter de balie van het Ostello d'Alguer enige moeite de email terug te vinden over het voorschot dat we hebben betaald om onze reservering te bevestigen. Hij heeft geen handdoeken meer. Kleine tegenslagen in de vakantie. Altijd en overal moet ergens op gewacht worden. Op een bus die tenslotte altijd komt, bij de gate van de luchthaven, op de bagage van de lopende band. Soms wordt een bus net gemist maar alles draagt bij aan het langzame en slome ritme van een vakantie en daarmee aan het vakantiegevoel. Zo lang je je niet opwindt, zo lang je geen haast hebt en niet het gevoel hebt dat iets per se moet of niet gemist mag worden gaat alles goed. Soms kost dat laatste moeite. Je weet niet of je ooit weer terug komt op dezelfde plek. Met het ouder worden wordt jouw beschikbare tijd en de kans dat je terugkeert kleiner. Maar gelukkig wordt eveneens het belang daarvan minder.

Geen opmerkingen: