donderdag, maart 17, 2011

Marguerite Yourcenar: Het hermetisch zwart

Het eerste wat opvalt als ik begin te lezen in Het hermetisch zwart (L'oeuvre au noir, 1968) van Marguerite Yourcenar, is de prachtige stijl, de mooie zinnen. Ik lees niet vaak en eigenlijk ook niet graag historische romans maar naar aanleiding van onze reis naar Brugge heb ik dit boek uit het Rotterdamsch Leeskabinet gehaald. Het vertelt het verhaal van de filosoof, dokter en alchemist Zeno, geboren aan het begin van de renaissance in Brugge als zoon van een Italiaanse vader en een Vlaamse moeder. Het boek bestaat uit drie delen, Het Zwervend Leven, Het Gebonden Leven en De Gevangenis. Het eerste deel verhaalt van de omzwervingen van Zeno door Europa, in het tweede deel keert hij terug naar Brugge waar hij lange tijd onder een schuilnaam leeft, Sebastien Théus, en tenslotte belandt hij als ketter in de gevangenis en komt daar aan zijn einde.

Soms is het boek me te filosofisch, te doordacht, te intellectueel, op andere momenten is het ontroerend, aangrijpend en ook gruwelijk. Het is de tijd waarin ketters onder Alva worden verbrand en er een hevige strijd woedt tussen protestanten en katholieken. Zeno zweeft er als humanist tussenin en loopt voortdurend gevaar vanwege de onchristelijke geschriften die hij aan de wereld heeft toevertrouwd en die net als de ketters vaak ook in het vuur eindigen.

Naast het verhaal van Zeno staan de verhalen van de jongen met wie hij opgroeit Henri-Maximilien, van zijn moeder Hilzonde, en van zijn halfzuster Martha. Daarmee schetst Yourcenar een indrukwekkend en knap geconstrueerd tijdsbeeld van de eerste helft van de zestiende eeuw. Een boek om nog eens te herlezen.

Geen opmerkingen: