woensdag, september 09, 2009

Op de fiets IVb


Ik zoef over het fietspad en ga naar mijn gevoel ongelooflijk hard totdat ik word ingehaald door een wielrenner die nog sneller gaat. Ik heb zondag een racefiets nodig, flitst het door mijn hoofd. Ik fiets 's-Gravezande voorbij en kom tot stilstand in Monster. Daar is een restaurant waar koffie is en een druivengebakje. Ik ga zitten op het terras en even later komen er ook twee wielrenners langs. Even bedenk ik me dat het een idee zou zijn om even te voelen hoe zwaar hun fietsen zijn in vergelijking met de mijne maar ik zie er van af. Het waait veel te hard om te fietsen, zegt één van de mannen. Daar heeft hij gelijk in. Je moet hoe dan ook opnieuw een keer tegen de wind in.

Maar eerst rijd ik met grote snelheid richting Scheveningen en Den Haag. In Scheveningen neem ik nog een verkeerde afslag en beland in de haven, maar daarna gaat het goed. Ik kom langs plaatsen in Den Haag waar ik nooit eerder geweest ben, rijd langs ambassades in villawijken. Soms kom ik ineens op een voor mij herkenbare plaats. Zoals bijvoorbeeld de Denneweg. Maar ik kom ook bij de Kerkhoflaan, een locatie waar ik nooit eerder ben geweest maar die ik heb gebruikt in mijn stuk Tot het einde. Naar aanleiding van het gedicht Awater van Martinus Nijhoff (geboren in Den Haag) waarin de ik-figuur bloemen brengt naar zijn moeder op de Kerkhoflaan. Ik slinger door de stad en het lijkt alsof ik alle kanten op ga.

Bij het Centraal Station hoop ik de volgende route te vinden. Ik ben in Den Haag overgestapt op de Midden Nederland route (LF4, Den Haag-Enschede) en ik moet het begin van de Prinsenroute zien te vinden. Ik fiets door het Haagsche Bos en heb het gevoel dat ik helemaal de verkeerde kant op ga. Dat is waarschijnlijk ook zo. Ik fiets terug naar het Centraal Station en rijd dan in de richting van het station Hollandsch Spoor. Daar vind ik al snel een bordje vlakbij een Shoarmazaak. Ik koop een broodje shoarma, fiets richting Rijswijk en neem op een grasveldje bij een watertje plaats en eet een hapje. Behalve het stuk langs de Nieuwe Maas gaat alles nog goed.

Ik fiets verder richting Delft, langs de Delftse Vliet. Even overweeg ik nog om langs De Gitarist van Het Gebroken Oor te rijden om daar een kopje koffie te drinken, maar ik heb net gepauzeerd en rijd door. In Delft ben ik vermoeid. Ik doe het even rustig aan voordat ik opnieuw tegen de wind in moet, richting Den Hoorn en Schipluiden. Dat is inderdaad een heftig stuk. Langs de Hoornse kade en Tramkade gaat het recht tegen de wind in. In Schipluiden koop ik een krentenbol bij de plaatselijke bakker en rust even uit. Bij de Vlaardingse vaart gaat het iets makkelijker en dan ben ik eindelijk terug in Vlaardingen. Daar koop ik een müeslireep bij het station Vlaardingen-Oost en dan kan ik terug met de wind mee.

Ik kies de kortste weg door de stad Schiedam maar dat is niet de meest gelukkige keuze. Overal stoplichten dus overal stoppen. Ik had beter de heenweg kunnen nemen langs de fietspaden. Maar ik heb opnieuw bijna een hele dag gefietst en ben steeds minder moe.

Geen opmerkingen: