Joost Zwagerman: Duel

Rondom dit verhaal stelt Joost Zwagerman een groot aantal onbeantwoorde vragen over de moderne kunst en wanneer een kunstwerk een kunstwerk is. Zijn twee mannen die door één van de gangen van het Modern Tate in Londen rennen kunst? Is een gevilde en tot handtas getransformeerde kat kunst? Wanneer is een kunstwerk echt en wanneer is het namaak? Mag je grappen uithalen met tot heilig verklaarde topstukken uit de musea? Waarom hangen er zoveel kunstwerken verborgen in depots, zoals onlangs nog te zien was tijdens de tentoonstelling Boijmans Binnenste Buiten in de Kunsthal. Kunnen die niet beter teruggegeven worden aan het volk zoals Emma Duiker propageert?
Het boek is gebaseerd op twee ware gebeurtenissen: de directeur van het Stedelijk Museum heeft een tijdlang als kraakwacht in zijn eigen museum gewoond en een Amerikaanse kunstverzamelaar stak ooit tijdens een borrel zijn hand door een waardevol kunstwerk, een Picasso als ik het wel heb. Verder is de vrouw van Joost Zwagerman restaurator van oude kunst en ik vermoed dat de informatie over het werk van de schilderachtige figuur van Olde Husink, de derde hoofdpersoon, van haar komt.
Net als het boek De vrouw van Rome heeft ook dit boek een ongepast omslag. Welke Rothko heeft zo'n ouderwetse klassieke lijst als die voorop dit boekje staat? Een minpunt bij een voor het overige intrigerende en spannende novelle die zoals het moderne kunst betaamt, meer vragen oproept dan beantwoordt.
Reacties